vrijdag 27 oktober 2023

Via Gallia Belgica / Godarville - Nivelles

Het werd een mooi wandelduetje vandaag en dit met enkel de Marc als stapgezel. De andere maten moesten werken en/of vergaderen. De Marc had graag de regionen van Waals Brabant nog eens opgezocht. Bijgevolg was het een zaak om daar in de geburen een toereke uit de mouw te schudden. No problem. De Via Brabantica ofte Via Gallia Belgica is een 326 km lange pelgrimsweg die aansluiting geeft op de klassieke pelgrimswegen naar Santiago de Compostela. Beginnend in Bergen op Zoom of Breda komen beide wegen tesamen in Kapellen en lopen dan als 1 track door tot in St. Quentin in Frankrijk. Ik knipte er een stukje uit, meer bepaald tussen Nivelles en Godarville waarna ik er een krul aan fantaseerde tot aan de statie van Godarville.

Om goed 9u 's morgens stapten we uit de boemeltrein die ons vanuit Luttre naar Godarville bracht. Mooi op schema ! De trein zelf leek me eerder een voorwerp uit een verzameling didactisch materiaal dat uit de één of andere illustere kunstacademie werd scheefgeslagen. Ongetwijfeld moet deze trein het oefenobject geweest zijn van de cursisten streetart, zijnde graffitispuiters. Hoe afgeleefd en oudbakken het treinstel ook was, we hadden een mooi uitzicht op het spoor. We zaten bijna op de schoot van de machinist want de deur naar en van zijn cabine stond open. Zo hadden we zicht op het spoor vooraan. We konden eveneens zijn rijkunsten gadeslaan, ttz : Draaien aan het wieleke en zo af en toe ging er een belleke af wanneer de trein over een krokodil reed .... Kwestie van de machinist alert en wakker te houden.

Goed, we gingen dus van start in Godarville. Manlief, dat was daar het hol van Pluto, je wil er niet dood gevonden worden. Grijs, grauw, verhakkelde straten en uitgeleefde huizen. Deprisfeer pertinent voelbaar. Misschien wel dat het grijze weer de indruk van somberheid versterkte, wie weet ? Het straalde alleszins weinig positiviteit uit. Daar zou later op de dag heel even wat verandering in komen. Al vlug stonden we aan de rand van dit sombere dorpje.


Alleszins treurde ik niet om dit trieste oord in te ruilen voor de natuurpaden die zich aandienden. Die kwamen tevoorschijn aan de bosstrook tussen het kanaal Brussel - Charleroi en het Ancien Canal Bruxelles - Charleroi. Dat werd al direct lachen. Op de vettige Waalse ondergrond was het uitkijken om niet uit te schuiven. Moddersituaties en hindernissen dus ! Ook was er wat gymnastiek vereist om die hindernissen te pareren. Onder, rond of op de vele omgewaaide bomen dienden we heen te klauteren om vooruitgang te boeken. Goed voor de fysiek en alhoewel spieren en knoken hun beste tijd hebben gekend, heb ik mijn twijfels dat hieromtrent nog enige verbetering komt ! We zaten daar al op een 160m hoogte in dat bos. Volgens Google Earth zou de ganse wandeling een 350 hoogtemeterkes opleveren. Een verwittigd man is er 2 waard en ik had m'n wandelstokken bij. Maar echte kuitenbijters vielen er in het geheel niet te noteren en de stokken bleven mooi opgeborgen. Ondertussen volgden we ploeterend het modderpad langs dit oude kanaal Brussel - Charleroi. Een 6-tal km volgden we de oevers van deze oude waterweg. Druk in de weer met te kijken waar de voeten moesten neergezet worden passeerden we Seneffe en vergaten alzo een drinkstop in te lassen in het Relais de la Samme. Hoogteverschil viel er te noteren en dat kon je merken aan de vele sluizen die je tijdens de wandeling tegenkomt. Je treft aan elke sluis het onderkomen aan van de voormalige sluiswachter.

Het is vergane glorie, het zijn allemaal identieke huisjes waarbij een metalen bord op de gevel het sluisnummer aangeeft. Jammer dat men ze liet vervallen. De omgeving langs dit oude kanaal zou een unieke toeristische trekpleister kunnen zijn. Ze biedt ongekende opportuniteiten kwa recreatie. Jammer dat deze kaart niet getrokken wordt. Het is nochthans mogelijk er iets mooi van te maken. Waar we het kanaal verlieten was er zo een gerenoveerd huisje te zien. Prachtig, het kan dus wel ! Het grijze weer was ondertussen uitgeklaard. Hier en daar al wat blauwe lappen in het hemelzwerk brachten wat hoop op een zonnige namiddag. Alhoewel de weersvoorspelling dit beweerde was het rond de middag beginnen te regenen. Buitjes afgewisseld met motregen. Toch maar de poncho bovengehaald, het leek er op dat dit niet meer zou ophouden. De laatste kilometer naast het kanaal hebben we aan de overzijde gestapt. De motregen en de dichte begroeiing langs het kanaal verhinderden ondertussen min of meer het mooie uitzicht op de kanaalomgeving.

Het middaguur naderde, of was al voorbij, en daarmee werd het tijd om te schoven. Het traditionele rijstvlaaike werd eerder al aan zo een sluiswoning soldaat gemaakt. In Petit Roeulx les Nivelles - Luxensart vonden we een bankje. Aan de bebouwing te oordelen was het duidelijk dat de kost hier in dit deel van Wallonië beter verdiend werd. Mooie huizen, prima onderhouden dorpskern en een mysterieuze Grange de Melanie kwamen we tegen. Die Grange (schuur) bleek een winkel te zijn waar exclusieve interieurartikelen aan de man werden gebracht. Waarschijnlijk al aan even exclusieve prijzen. Aangekomen aan ons bankje was het even opgehouden met miezeren maar toch moesten we na een tijdje opkrassen en gaan schuilen in een fietskot wilden we onze boterhammen droog houden. Nog een kilometerke of 8 vielen er te stappen tot in Nivelles. We waren er niet rouwig om dat het over verharde paden verliep. Bovendien waren het rustige wandelwegen en het gaf onze bottienen de kans om zich van slijk en modder te ontdoen. Dit aangezien we nog graag een trippeltje wilden degusteren en de vloer van het etablissement van dienst niet met slijkpoten wilden besmeuren.

Stilaan schoven we Nivelles, Nijvel pour les Flamands, binnen. Nijvel kende ik enkel van horen zeggen, de bende van weet je wel ?, maar ik werd verrast door de pracht van deze stad. Bij het binnenwandelen was een ultramodern sportcompleks een uitgesproken eyecatcher. Sportvelden en -zalen, sintelbanen, een zwembad en een immens stadion ... dit alles keurig en netjes onderhouden. Op de achtergrond heb je de vijvers en botanische tuinen van het Parc de la Dodaine. 2 gigantische fonteinen vernevelen in de verte het beeld van de schitterend gerenoveerde romaanse kerk - La Collégiale Sainte Gertrude. Onze schreden werden gericht naar dit godshuis. Het staat op La Grande Place dat de stadskern van Nivelles uitmaakt. Deze stad zou veel toeristen en bezoekers kunnen behagen volgens mij. Horeca en winkelstraten liggen er netjes onderhouden en verleidelijk bij. Nu onze bottienen proper gestapt en geregend waren was het de moment om hier een kroegje op te zoeken maar alhoewel keuze genoeg stapten we door naar de statie. Daar zou er ook wel iets te vinden zijn en bovendien hoefde je je geen zorgen te maken om tijdig de trein naar huis te halen. Inderdaad, de London's Pub op 100m van de statie bood soelaas. De Marc vreesde al dat er enkel Guiness en Stout door de keel kon gegoten worden maar hij had het mis. Een vriendelijke barhoudster bracht ons een Tripel Karmeliet van het vat. Ik denk dat ze het mooie bolglas wel met een halve liter vulde. Misschien wel meer. Ze kwam ons vragen of ze ons plezier kon doen met een stukje 'Fromage' of een kommeke 'Cacahouettes'. Met de nootjes waren we al content. Het viel de Marc ook op, zelfs al onderweg ... : Onze Waalse landgenoten hebben een veel warmere inborst dan de gemiddelde Vlaming. Het is een uitzondering dat je niet begroet wordt wanneer je op straat iemand tegenkomt. Zelfs de jeugd voert deze sympathieke gewoonte hoog in haar vaandel. Ze smaakten die tripeltjes. De trein zou er zo dadelijk aankomen, we moesten de London's Pub vaarwel zeggen. En nu juist dat we aangesproken werden door een klant en we een tof gesprek in wording moesten afblazen. We komen nog wel een keer terug naar Nivelles. Niettegenstaande het mindere weer hebben zowel ik als de Marc genoten van deze uitstap. Uitkijken weeral naar de volgende trip. Dat zal op donderdag 2 november zijn, Allerzielen. Greet, een toffe vriendin, nodigde me uit om in Testelt de Demerwandeling te verkennen 😊😊😊. Daar ga ik graag op in !

vrijdag 20 oktober 2023

Vilvoorde - via Zeekanaal - Asse

Op het wandelappel daagden voor vandaag de Ronny en den Hugo op. De opzet was om vanuit Vilvoorde met de waterbus over het Zeekanaal met de Schelde naar Brussel te varen. Bij aankomst aan het Sainctecletteplein in de hoofdstad zouden we van daaruit naar Asse wandelen. Aangezien er maar om de 2 uur een afvaart plaatsvindt was het zaak om op tijd aan de kaai in Vilvoorde te staan. Om 9u zou het bootje van Rivertours daar aan de kaai in Vilvoorde vertrekken. De voor brede interpretatie vatbare vertrek- en stoptijden van onze nationale spoorwegmaatschappij indachtig moest het lukken om dat te halen wanneer we een uurtje marge incalculeerden. Niet overbodig want de Ronny kreeg al af te rekenen met gemiste aansluitingen en afgeschafte treinen. Dus, we waren nog net op tijd aan die kaai. Een goed kilometerke viel er hiervoor te wandelen vanuit Vilvoorde statie via het park, daarna over de Zenne en klaar was kees. Opmerkelijk in het park waren wel de zwermen papegaaien die er rondfladderden.  Het inspireerde de Ronny later op de dag om van twijghout een speer te fabriceren. Graag had hij zo een beestje als jachttrofee willen bemachtigen. Jammer voor hem, zoveel te beter voor die papegaaien want het ontbrak hem aan de nodige werptechnieken en jungle-ervaring.

Zo, het bootje lag al klaar. Een vriendelijke dame die de functie van matroos waarnam gebaarde ons van nog even geduld te hebben. Een ander bemanningslid, een kolossale Dog de Bordeaux hield de wacht bij de gangway. Een beetje geduld oefenen dus waarna we mochten plaats nemen op het dek. De boot zou zo vertrekken, ze gooide al de trossen los. Nog heel even wachten op de parlevinker voor de bevoorrading en het ruime sop wenkte. Nu 'ruim' mag evenzeer met een korrel zout genomen worden wanneer je je op een kanaal bevindt.  Een uurtje spelevaren tot in Brussel zou het ongeveer worden en wat meer is : Het is zo eens iets anders ! Het was gemoedelijk chillen daar op het dek tijdens de vaart. Kommeke koffie, croissantje, Loebas den dikken hond die met zijn balleke speelde naast ons tafeltje… een klapke met de vrouwelijke dekmatroos met Siciliaanse roots en gezegend met een stem zoals die van Dalida zaliger …  't Leven op z'n mooist is het wanneer je jezelf omringd voelt door de simpelste dingen en het je gelukkig stemt. Maar landelijk schoon hoef je niet te verwachten op zo een kanaal. Industrie rond voornamelijk afbraak en oud-metaal sloop ontsiert eigenlijk de kanaaloevers  Dichter tegen Brussel aan zie je aan tegen de bakstenen omwalling van onze koning zijn hofke. Ook wordt er hard gewerkt aan de renovaties van oude gebouwen en magazijnen in het kanaalgebied. De depots van de 'Citroën' bvb, die stonden er half uitgepelsd bij. Een mooi voorbeeld van renovatie tref je aan bij de 'Gare Maritime' op het gebied van St. Jans Molenbeek. De voormalige havenloodsen werden er omgebouwd tot een publieke trekpleister 'Tour en Taxis' genaamd. Daar vind je een geslaagde mix van animatie, cultuur, kunst en culinair vertier in een oogstrelend decorum.  Voilà, het bootje meerde aan. Een handvol toeristen stond er al te wachten op hun afvaart. We konden zo beginnen aan onze staptocht naar Asse.

Langs de brede Boulevard Leopold II teenden we linea recta naar de basiliek van Koekelberg, een kort tussenstopje voor een kommeke koffie in een maghrebijnse koterij niet te na gesproken. Het Elisabethpark vooraan de basiliek werd omgetoverd tot een openlucht turnzaal. Horden leerlingen liepen er rondjes waarbij de turnjuffrouw nauwgezet de tijden noteerde. Voor veel leerlingen bleek dit een onmenselijke opdracht. Voor de turnjuffrouw iets minder. Verhoogd op een bank staande maakte zij hautain maar op het gemakske haar aantekeningen. De fysiek van onze jeugd gaat er zichtbaar op achteruit. De schare leerlingen die je onder de noemer van strompelaars kon onderbrengen en de uitputting nabij waren, die waren immers niet te tellen. Nu we er toch in de geburen waren was het de moment om eens in die basiliek binnen te wippen. Het moet gezegd : het is een imposant gebouw. Volgens den Hugo de 5de grootste basiliek ter wereld kwa grondoppervlak. Verschillende altaren, (d)oksalen, kapellen en orgels ter ere van Gods Glorie tref je er aan … 't kan of kon precies niet meer op. Den Hugo stak aan zo een kapelleke een bougieke aan ! Dat doet hij nog al eens meer. Voor de Palestijnen deze keer zo opperde hij. Hier is een link moest je iets meer willen weten over dit uit de kluiten gewassen Godspaleis : Basiliek van Het Heilig Hart

Met het verlaten van Koekelberg was het stilaan tijd geworden voor het schof. Iets verder op het grondgebied van Ganshoren vonden we een picknicktafeltje, dat kwam mooi uit,  Eerst diende nog het moerasgebied van de Molenbeek doorkruist te worden. Vlak voor de spoorweg die het gebied doorkruist werden er enorme appartementsblokken neergepoot. De één al lelijker dan de andere. Het uitzicht op de stad daar in een appartement op een bovenste verdieping zal wel indrukwekkend zijn. Het is het enige pluspunt dat volgens mij wat bekoring oplevert. Via een wirwar aan paadjes tussen die blokken bereikten we de spoorweg. Even was het zoeken naar een tunneltje en hop we zaten middenin het moerasgebied van de Molenbeek. Slijktoestanden a gogo. Aangezien er een gat in mijn bottienen zat, een gat waarmee natte voeten in de diepe plassen niet te vermijden viel, besloot ik een ommetje te maken. Van bottienen gesproken ... bij den Hugo lag zijn hielzool er half af.

Eens gezeten aan dat picknicktafeltje haalde De Ronny zijn gaspitje uit de rugzak. Wat pannekoekskes effe opwarmen, fleske rood erbij … den Hugo toverde een Turks kaashapje op tafel dat, notabene bijna volledig en dit op het plastieken potteke na, in de Ronny z'n maag verdween. Weeral de meest simpele dingen die het leven zo een schitterend sprankelende kleur geven. 


Even liepen we onszelf vast in de akkers tussen Bekkerzeel en Vrijthout. Het komt wel vaker voor dat boeren illegaal wandelpaden afsluiten om de toegang tot de velden onmogelijk te maken en wandelaars te dwarsbomen. Liefst nog met pinnekesdraad. Dat was ook hier het geval met 'Voetweg nr40' zoals hij op het kadaster vermeld en ingekleurd staat. Omkeer maken bleek het enige alternatief. Al een geruime tijd hoorde je op de achtergrond het geraas van de E40. Met het maken van de omweg werd het lawaai echt storend. Benieuwd naar het geluidsniveau leverde een appje op de GSM mij de informatie. Alhoewel we temidden een prachtige natuur zaten schommelde het aantal decibel daar tussen de 70 en 80dB. De Ronny werd er hoorndul van. Maar we stapten verder en onvermoed belandden we op de Petrus Ascanus wandeling. Peter van der Slachmolen, alias Petrus Ascanus was een broeder Franciscaan die ten tijde van de godsdienstoorlog in de Lage Landen leefde. Ingetreden in het klooster van Gorinchem weigerde hij zich te bekeren tot het Calvinisme en werd daarom samen met 18 van zijn medebroeders in Den Briel door de watergeuzen in 1572 opgehangen. In 1867 werden ze allen heilig verklaard. Post Mortem, een magere troost want je moet maar pech hebben. Ter herinnering aan deze strijder voor het geloof werd er in memoriam een Petrus Ascanuswandeling ineengeknutseld. Ik geef hier even de link naar verdere informatie over deze trip. Kijk : Petrus Ascanuswandeling.


We draaiden terug weg van de E40 richting Tenberg uit. Prachtig glooiende landschappen ontplooiden zich voor ons uit. Het irriterende geraas van de snelweg deemsterde stilletjes weg. Dat werd tijd. Ook in recensies over de Ascanuswandeling treedt het storende karakter van het verkeerslawaai pertinent op de voorgrond. Het eindpunt Asse kwam stilletjesaan in het vizier waarbij het toch hoog tijd werd om aan een tripeltje te denken. De beloning ter bekroning van een superdag. We moesten daarvoor de statie een kleine kilometer voorbijlopen want in de statiebuurt was er in een wijde omtrek geen enkele kroeg te bespeuren. Bij een Orval², een Napkin² en een Afflighem in 't kwadraat werd onze wandeling afgerond. Prachtige dag, zacht tot mooi weer, 20 paaltjes, een paar honderd hoogtemeters ... het werd er één om in te kaderen. Nu nog naar huis sporen en done ! Voor onze stapmaat de Ronny werden de ochtendperikelen met onhaalbare verbindingen en treinafschaffingen nog maar eens herhaald bij de thuisreis. Althans zo meldde hij. Ik hoop van harte dat hij ondertussen is thuisgeraakt.

zaterdag 7 oktober 2023

Le Pays des Ch'tis - Mont des Cats

Het is weeral eventjes stil geweest in wandelland. Steek het maar op het minder olijke weer waarin wisselvalligheid de boventoon hield. Voor deze dag zouden de weergoden even de andere kant opkijken en de dag zegenen met een rustig herfstaccentje.  's Morgens fris, wat bewolking waarna het geleidelijk begint op te warmen waardoor je al vlug een truitje uittrekt. Al een heel tijdje broeide er het verlangen om, gecombineerd met wat leerrijke stoffatie, nog eens even over de grens met Frankrijk te trekken. De lange reis er naartoe echter, was telkens de spreekwoordelijke stok in de wielen die het uitstel moest verklaren. Deze keer goede keer en de Marc en den Hugo tekenden aanwezig voor de uitstap. De overige stapmaten Michel en Ronny hadden een excuus. De Michel had nog zere voeten van zijn recent camino-avontuur en voor de Ronny gold : 'Les excuses sont faites pour s'en servir' want hij trok erop uit met zijn zigeunerkar. Maar goed, de afwezigen hebben zoals steeds ongelijk 😊😊😊.

Rond de 2 uur is het sporen naar Poperinge vanuit Antwerpen en omgeving ... tijd genoeg dus om wat bij te praten. Onderwerp van causerie was ondermeer de tocht van onze andere wandelmaat : de Michel. Op zondag 2 oktober walste hij en zijn stapmaat Santiago binnen na een tocht van een kleine 700 paaltjes. Ik heb nog niet veel feedback ontvangen, dat komt nog, en ik hoop daarbij te vernemen dat hij een onvergetelijk avontuur onder zijn wandelbottienen heeft kunnen plakken. Dat was bij mezelf telkens het geval. Je hebt een mooi parcours achter de rug en wat meer is : Je hebt het gehaald, je bent er enorm blij om maar tegelijkertijd overvalt er je die tristesse omdat je tocht ten einde is. Het is een onbestemd gevoel, het afscheid nemen van je medepelgrims is meestal definitief, het moeten loslaten gaat iets in de richting van heimwee. Nog een dikke proficiat voor het volbrengen van je queeste Michel ! 

Met enige vertraging stapten we rond kwart na 10 van de trein en dit op Poperingse bodem. Een uitgestippelde lus over de Franse grens heen van 28km en een paar 100 hoogtemeters rijk maakte het onderwerp uit van onze trip. Tel daar nog een 16km bij, heen en terug naar de statie met de velo, en het aantal verbrandde kalorietjes mogen gerust geteld worden. Met 2km stappen tot aan de stadsrand werd de wandeling in gang gezet. Ik lieg, we begonnen eerst met het binnenspelen  van het traditionele rijstvlaaike geoffreerd door de Marc  en vervolgens ging de beuk erin.  Een stukje van de Quintenswandelroute, een erg mooi wandelpad trouwens, werd opgepikt  waarna het verder in rechte lijn zou gaan naar de Franse grens. 

We passeerden het Lijssenthoek Bezoekerscentrum gelegen aan de gelijknamige militaire begraafplaats. In 1915 tot 1920 vond je hier het grootste militaire veldhospitaal in de Ieperboog uit WO1. Het werd een uitgelezen moment voor onzen Hugo om dit centrum een bezoekje te brengen. Een zeer vriendelijke gids vroeg ons of hij ons wat vragen mocht stellen. Tuurlijk ! Dat was een kolfje naar den Hugo zijn hand ! Deze honneurs liet ik bijgevolg den Hugo welgevallen want eerlijk gezegd schat ik hem kwa WO1 kennis minstens de gelijke van de gids. Zoniet nog een streepje hoger. Elke dag wordt er daar in het centrum een foto van de 'Soldaat van de Dag' geprojecteeerd op een scherm. Het is een soldaat die op een zelfde dag/datum daar in het hospitaal aan de opgelopen verwondingen in de Grote Wereldbrand overleed. Ongeacht zijn nationaliteit krijgt hij hier even de aandacht zodat hij net als al die andere onschuldige sukkelaars nooit vergeten zal worden. De gids gaf ons een print out mee met de foto van deze ongelukkige held. Ik kwam er ook te weten dat de gemiddelde levensduur van een gevechtspiloot, een 'Ace', toen amper 3,5 maand bedroeg. Nog een vlug bezoekje aan het kerkhof  ... het is/was waanzin ten top, want zinloos krijgsgeweld herhaalt zich helaas telkens weer. Berusting vinden in die vloek zal het enige alternatief blijven. Enige interesse ? Hier is de link naar het bezoekerscentrum : Lijssenthoek Bezoekerscentrum

De exacte lokatie van de Frans - Belgische grens valt hier moeilijk vast te stellen. Grenspalen zoals er staan aan de Belgisch - Nederlandse grens zijn er niet.  Soms loopt de grens in het midden van de straat. De ene straatkant is Belgisch grondgebied, de overkant La France. Ook beken markeren hier op sommige plaatsen de landsgrenzen. De Doodstappenbeek en de Vleterbeek in de geburen van Boeschepe zijn landsgrenzen, om er maar enkele te noemen. Eens de grens over zaten we dus in Boeschepe. Het is een gehuchtje in het noorden van de Ch'ti regionen. We vonden er een mooi plaatsje om te picknicken aan de dorpskerk. De Godstempel van Boeschepe is een monumentaal bouwsel in verhouding tot de grootte van het dorp. 

Vanuit Boeschepe zou het gestaag bergop gaan naar de Mont des Cats, de Katsberg in 't Vlaamsch. De naam Cats is afkomstig van de Germaanse volksstam der Chatten. De Katsberg zelf is een getuigenheuvel in het West-Vlaams Heuvelland van Frans-Vlaanderen en ligt in het gebied van de gemeente Godewaarsvelde. De weg naar de top is 2.2 kilometer lang en overbrugt 118 hoogtemeters met een gemiddeld stijgingspercentage van 5.3%. Het hoogste punt bevindt zich 164 meter boven het zeeniveau. Op de Katsberg staat een kolossale abdij met in de buurt een Passiekapel en een 200 meter hoge televisiemast.  Daar zijn we rondgewandeld.  Deze mast is een goed zichtbaar herkenningspunt in het golvende landschap. Tot op heden blijft de abdij zeer befaamd om haar kaas en bier.
Ooit mocht Frankrijk zich beroemen op het feit een trappistenbier te bezitten. Maar,  sinds het bier in de brouwerij van Chimay wordt gebrouwen mag het bier de naam van Trappist niet meer dragen. 

Daar boven op die Katsberg dan weer had je een schitterend zicht op het Vlaamse Heuvellandschap met in de verte Poperinge.  

Laag, een lucht zo laag 
Een lucht die weent, weent als verdriet
Laag, laag op een land
Maar schoner land bestaat er niet. 


 

Vlaanderen mijn land - Petra

Vlaanderen wat ben je mooi ! Dat een groot gedeelte over verharde doch zo goed als verkeersvrije paden liep deed geen afbreuk aan het magnifieke karakter van de trip. M'n stapgenoten konden met deze indruk instemmen. Godewaarsvelde was de volgend stop. We hoopten er een cafeetje aan te treffen en dat lukte. In een proper en gezellig kroegje in een doodlopend straatje kreeg een Franse waard  het verzoek om 3 Hommels te tappen. Dat deed hij op meesterlijke wijze. De hop, het streekproduct bij uitstek, verrijkte het smaakpatroon. Bitter in de mond maakt het hart gezond. Zo beweerde mijn grootmoeder en daarbij lepelde ze je gezwind een kwak levertraan op. Een tripel hop in de plaats van die levertraan was waarschijnlijk toentertijd geen optie. Terug op weg kwamen we die hopstaken tegen. Leeggeplukt maar hier en daar bengelden er nog wat bloemetjes aan die staken. De Marc durfde het aan om van zo een hopbloem te proeven. Dit op den Hugo z'n aanbeveling. Lang duurde zijn proeverij niet want bijna onmiddelijk spuugde hij zijn bittere hoppralien op de grond. Dat zal hij geen 2de keer meer riskeren. De smoelen die hij trok bij zijn degustatie weerspiegelden de afgrijselijk bittere smaak van de hop.
In Abeele staken we terug de grens over naar het Vaderland. Hugo was hier al eens geweest zo beweerde hij. Hij herinnerde zich een uitstap met een autocar die tot doel had kennis te maken met de verschillende volks- of caféspelen die er in deze contreien worden gehouden. Een inwoner werd in z'n deuropening aangesproken en die kon Hugo het café aanwijzen waar hij getuige moet geweest zijn van het spel 'Zandbollen'. Geen idee of ik dit juist uitspreek of schrijf. Het Westvlaamse dialect heeft zo zijn geheimen. Ahoow zeg.

Het zat er bijna op. We belandden terug in de bewoonde rand van Poperinge. Daarbij passeerden we in de hoofdstraat het unieke Talbot House. Even een terugblik naar de oorlogsjaren '14-'18... : Midden in die drukke stad die Poperinge was,  het Britse Leger had er immers haar commandobasis uitgebouwd, hadden de aalmoezeniers Neville Talbot en Philip "Tubby" Clayton in december 1915 een clubhuis ingericht. Zonder onderscheid van rang of stand konden soldaten en verpleegsters er drie jaar lang terecht voor een zeldzaam moment van rust en ontspanning, ver weg van de oorlog. Het huis is nu een museum. Op haar mooie website vind je interessante informatie. Met een virtuele toer (klik hier voor de virtuele toer) kan je alvast een beeld vormen van het prachtige interieur. Jammer, de wandeling zat er inmiddels bijna op. Ze was echt de moeite van de verplaatsing waard.  De panoramas boven op die heuvelruggen  zijn betoverend mooi. Ze zijn zo kenmerkend voor het Vlaamse Heuvelland dat het niet te verwonderen valt dat Jacques Brel hier de inspiratie vond voor zijn prachtig muzikale oeuvre. Ook de talrijke reflecties naar het oorlogsverleden  die zich onderweg voordoen zoals er zijn : De musea, de militaire begraafplaatsen, de monumenten enz. ze reiken genoeg beeldmateriaal aan om er een leerzame themawandeling mee ineen te steken.

De statie kwam in zicht ! Er restte on nog tijd om een tripeltje te versieren in café  'De Snoek' ! Het werden er uiteindelijk 2. 2 Tripels Plukker alstublieft ! Den Hugo hield het voorlopig op een 'Omertsjen'.  'Tripel Plukker' begot ! Ik had er nog nooit van gehoord. Waarschijnlijk werd de naam voor deze tripel ontleend aan de hopplukkers. Ze gleden desalniettemin op hun sokken naar binnen. Het was de perfecte afsluiter van een prachtige stapdag met de maten Hugo en Marc. 28 paaltjes, wat hoogtemeterkes ... het was wel terug eventjes wennen. Tot een volgende weeral.