maandag 25 mei 2026

Het Veengebied in Spa : Fagne de Malchamps.

 

De Marc verkoos deze keer een wandeling boven een museumbezoek in Brugge vanwege het feit dat dralen en kuieren z'n gestel te veel op de proef stelde. Hij sukkelde een beetje met de fysieke paraatheid. Stilstaan in een museum bij de verschillende bezienswaardigheden was bijgevolg niet aan hem besteed. Ik stelde een toerke in Puurs voor maar de suggestie zijnentwege om het toerke in de Hoge Venen eens over te doen leek voor mij ook stukken interessanter. Het Fagne de Malchamps in Spa, een prachtig veengebied op +- 600m hoogte werd al eens in 2023 verkend toen het ondergesneeuwd lag. Ook mooi, we waren van oordeel dat het contrast met volle lente ons zeker zou kunnen verrassen . En den Hugo zou deze keer meestappen. Ik en den Hugo namen iets voor 8u de trein in Temse waarmee we spoorden tot in Leuven waar de Marc ons aan het perron opwachtte.  Op deze trein maakten we kennis met een verkeersrecidivist, dit ondanks zijn deftige voorkomen. Recidive ! Althans zo oordeelde de rechtbank. Na 3 keer op dezelfde dag geflitst te zijn aan 123 km/u op een autostrade vond de rechter het welletjes.  Eén maand rijverbod aan zijne rekker en de boete zou nog volgen. Hij bekloeg zich nu over de 4 treinoverstappen die hij moest maken om op zijn werk te geraken.   Deze getergde veelpleger stapte uit in Mechelen. "Draag uw straf met waardigheid" gaf ik hem met een kwinkslag nog mee. Een zure glimlach kon er nog net af. 

Daar in Leuven viel er nog een trein te nemen naar Pepinster waar nog een laatste overstap op de trein naar Spa Géronstère diende te gebeuren. Om 10u20 stapten we daar af, klaar voor een subliem wandelingetje onder een tropisch zonneke.  De geur van de Marc z'n zonnecrème in de neus en dat in combinatie met het rustuitstralende tafereeltje daar aan de statie bracht me onmiddelijk in vakantiestemming. Nog vlug een ommetje langs de apotheker voor wat zonnecrème en hop weg !

De Marc herinnerde zich het geaccidenteerde eindstukje bij het eerdere bezoek.  Vandaar dat we tegen de klok in aan de trip begonnen. Een 18km lange lus op het veengebied lag aansnijdens klaar. Een gestage klim over pakweg een kleine 4km bracht ons van 250m naar bijna 600m hoogte. Dat verklaarde de bewering van den Hugo dat het mineraal water van Spa 300 jaar nodig heeft om van de bron door te sijpelen tot het winningsgebied. De stad Spa heeft haar bekendheid te danken aan haar thermen en waterbronnen. Indrukwekkende weetjes die Wikipedia aanhaalt over deze stad vind je met volgende link. Haar historische agenda daalt af tot in het tijdperk dat de Romeinen hier nog aanwezig waren : Geschiedenis van de stad Spa.  Onderweg op 480 meter hoogte hielden we een pintstop op het terras van het bosrestaurant 'La Source de Géronstère'. Dit historische en sfeervolle restaurant bevindt zich direct aan de bosrand in de buurt van de gelijknamige bron. Het staat bekend om zijn klassieke Franse gerechten zoals vis, oesters en kreeft maar ook vleesgerechten die op de open haard worden bereid. Het was echter nog te vroeg om die Franse culinaire hoogvliegers te degusteren bijgevolg kozen we voor een lichtere consumatie. M'n keuze voor een 0,0% kende geen navolging bij den Hugo en de Marc ... die verkozen een smaakvollere tripel. Ik kan ze geen ongelijk geven. 

Na deze stop stapten we naar de toegangspoort tot het veen of beter gezegd het domein van Bérinzenne. Achter dit domein ligt het uitgestrekte  veengebied.  Op het domein zelf zochten we het chaletje op voor het schaft. De vorige keer was de dakrand nog vol met ijspegels gedrapeerd. Het is daar gewoonweg prachtig. Enkel het daar ter plaatse zijn brengt je tot rust. Het serene van de omgeving is daar natuurlijk debet aan. Na het boke zochten we de panoramische toren op. Deze staat  ook bekend als de Tour de Bérinzenne. Hij heeft een totale hoogte van 24 meter, 2 platformen, ééntje op 10 meter, het hoogste op 24 meter. Dit platform bereik je via een trap met 86 treden. Doordat de toren zelf al op een hoogte van 570 meter ligt, heb je een spectaculair uitzicht van 360° over het veengebied en de omgeving van Spa. Eigenlijk raakten we niet uitgekeken op al die pracht in 't rond. Zo ver dat je kijken kon zag je rondomrond een  mysterieus ongerept landschap van veenmos, heide en drassige plekken. Mooi en tegelijkertijd mysterieus. En helemaal in de verte omringden de donkergroene Ardeense bossen deze oase van in stilte gehulde schoonheid.

Nu we het landschap van bovenaf hebben kunnen aanschouwen ... (wat een omschrijving zeg 😮) zouden we het par pedes apostolorum gaan verkennen. Te poot maw. De vorige keer moesten we halverwege terugkeren omdat men volop bezig was om de vlonderpaden die door het Veen lopen te herstellen.  Slechts een paar minuutjes waren we onderweg toen de Marc al een reetje spotte op amper 2 à 300 meter afstand. Het moet zijn dat het beestje wat volk gewoon was want doodgemoedereerd bleef het rustig verder grazen. Dat is nummer 2 opperde de Marc. Nummer 1 was een hazelworm die iets eerder hem voor de voeten kronkelde. Iets later zou een hagedis nummer 3 worden in de Marc z'n collectie. Bij nummer 4 was er wat twijfel ... geen idee of dat de verfrommelde halfverteerde insecten in de door de Marc gespotte zonnedauw,  dat zijn vleesetende plantjes, thuishoorde in zijn zoölogische memorabilia. (☺️ Smetje)

De vlonderpaadjes, kilometers lang, waren grotendeels hersteld. Hier en daar ontbraken er wat planken maar het vermoeden rees dat vandalisme hierin de hand had. Tegenliggers kwamen we op die vlonderpaden niet tegen. Ik zie het in m'n verbeelding levensecht voor me indien dit het geval zou geweest zijn met een horde vrouwelijke tegenliggers die onze stapmaat, de Ronny, zouden moeten passeren.  Hilarische momenten gegarandeerd ! Wandelend over die vlonderpaden spotte den Hugo een klad parachutisten in het hemelzwerk. De Marc telde er 7. Hoog in de lucht bengelden ze aan hun valscherm en showden ze al rondjes draaiend hun kunnen. Ik meen van den Hugo verstaan te hebben dat er één bij was die een looping maakte met zijn valscherm. Ik zou het niet kunnen of beter gezegd 'niet durven'. En na de zonnedauw werd nog maar eens bij de Marc de botanische interesse geprikkeld. Een plantje met kleine blauwzwarte besjes naast het vlonderpad trok zijn aandacht. Nee, geen veenbessen want die zijn rood. Het bleken rijsbessen te zijn. Wanneer je grote hoeveelheden van deze bessen opeet, kun je last krijgen van tekenen die erg lijken op zattigheid. Duizeligheid, schele koppijn en een high gevoel zoals bij het gebruik van pado's worden dan je deel. De bes wordt in de volksmond ook wel de dronkemansbes genoemd. De roes wordt waarschijnlijk niet door de bes zelf veroorzaakt, maar door een parasitaire schimmel, de Monilinia megalospora (heb ik opgezocht), die op de rijsbes leeft en een giftige, hallucinerende stof produceert. Maak daar maar eens confituur van ! Deze besjes gedijen op schrale heidegrond aan de rand in de droge delen van het veen. 

In het zuidelijke deel van het veen gaan de vlonderpaden over in een bospad. Zo ver waren we in de winter van '23 niet geraakt want halverwege die vlonderpaden waarschuwden arbeiders die de vlonderpaden herstelden ons om niet verder te gaan. Gegarandeerd zou er bij de uitgang geverbaliseerd worden. Terugkeren, tegen wil en dank was dus toen de boodschap. Dat bospad liep enigszins ongemakkelijk vanwege de vele boomwortels die er kris kras uit de grond staken. Regelmatig verzwikte er de één of andere voet maar met een goeie wandelbottien blijft het gelukkig bij een struikelbeurt zonder noemenswaardig letsel op te lopen.
Zo stil dat het daar in het veen was zo lawaaierig was dit hier op het bospad. Mooi pad weliswaar maar vanuit Francorchamps, iets verderop, kreeg je het lawaai van brullende racemotoren  er gratis bij.  Ook de sportvliegerkes die opstegen vanop het nabijgelegen vliegveld Aerodrome de Spa la Sauvenière droegen hun steentje bij aan de lawaaihinder. Ach, eigenlijk kon je je daar maar hooguit een halfuurtje aan storen. 

Het laatste stukje wandelweg bleek, net zoals in '23, er ééntje te zijn om je vingers af te likken. Of zijn het eerder je tenen aan je voeten gezien het een wandeling betreft ? Dit stukje was gelegen tussen de Chemin de Fontaines en de buitenrand van Spa. Het bos waar dit beekje stroomt wordt het Bois de Belle Heid genoemd. Een afdalend paadje dat naast een snelstromend bergbeekje 'La Picherotte' genaamd diende gevolgd te worden. La Picherotte heeft in de loop de jaren een mini vallei doen ontstaan. Slingerend neerwaarts door het bos over een afstand van pakweg een kleine 2 km heeft dit beekje deze minivallei tussendoor de rotswanden gevormd. Helemaal pittoresk wordt het plaatje door de verschillende houten bruggetjes die over het beekje werden geplaatst. Het pad zelf verdiende ook alle aandacht. Rotsen, boomstronken en wortels in overvloed. Met een beetje verbeelding waan je je zo op de set van een Indiana Jones film.  Dit stukje bracht een zoveelste meerwaarde aan bij de wandeling.

Ziezo de wandeling zat er op. In het eerste het beste volkskroegske van Spa wipten we binnen . "Une chope  zero s'il vous plaît ? " luidde m'n vraag. 'Je n'ai pas de bière zéro d'alcool' kreeg ik als antwoord. De Marc bij vraag naar een koffie moest ook vaststellen dat aan zijn vraag niet voldaan kon worden. 'Je n'ai pas de boissons chauds' kreeg hij te horen. Allez, het werd 2 keer cola en den Hugo stelde zich tevreden met een ordinair pintje.  De trein kwan er aan. In Leuven namen we afscheid van de Marc. Ik en den Hugo moesten daar in Leuven nog een uur wachten op de trein naar St. Niklaas. Een mooie reden om nog even na te kaarten in café 'Den Ouwen Tijd'. Een kroeg die onze voorkeur krijgt bij het aanlopen van Leuven. Het is nog een echte 'staminee' met een typerend interieur uit Dezekes Tijd. De muffe typische geur van verschaald bier kenmerkend voor deze kroegen walmt daarbij je neusgaten binnen als je de deur opentrekt. Het sfeervol geheel appeleert dan ook direct aan het luchtigere leven van weleer. Wel wel, dit mag beslist een geweldige dag en dito wandeling genoemd worden. Dit met dank aan de stapmaten van het moment. Weliswaar op en af bijna 6 uur sporen maar dit hadden we ervoor over. No rush, we zijn immers op pensioen en met het daglicht tot bijna 10u 's avonds mag er al eens een extraatje af.  Voilà, time out ... waar naartoe brengt de trip ons de volgende keer ? Come and see next week. 


vrijdag 15 mei 2026

Van Zichem naar Diest

Een terechtwijzing van de Ronny aangaande een vergetelheid in m'n vorige blogpost noopt me om dit hier even recht te zetten. Ok, no problem. Zo halverwege het trajectje in het galgenveld kwamen we 2 wandelaars-stapmaten tegen. De naam 'Galgenveld' kom je al eens meer tegen op een wandeling. Ik vermoed dat in het donkere verleden die naam werd gegeven aan de plaats waar boeven hennepen plastrons kado kregen. De Ronny, altijd in voor een klapke, sprak die kerels aan. Nu die kerels, Jan en Paul, kwamen uit Turnhout en wandelden min of meer dezelfde toer maar in tegenovergestelde zin. Beiden, krasse zeventigers en pompiers op rust hadden hun wandelterrein verlegd naar Tsjechië. Een hele resem verhalen over de schoonheid daar werd er opgedist. Tegelijkertijd drukten ze hun spijt uit dat het zorgeloze wandelen in de natuur door de opkomst van het massatoerisme daar een domper zette op de pret. Daar konden we inkomen. Het gesprek vergleed al vlug naar de toenemende onleefbaarheid van Turnhout ten gevolge van de  crimininaliteit en het gefaalde beleid betreffende de integratie van de allochtone stadsgenoten. Soit, niet alleen Turnhout is in dat bedje ziek. We namen afscheid. Paul diste nog vlug een verhaal op waarin hij vermelde dat hij in zijn functie van pompier tijdens de ramadam de begraven schapenkadavers moest opruimen. Hij kon afgaan op de maden die uit de grond kropen. En de Jan ... hem werd het daar in Tsjechië kwalijk genomen dat hij geen alcohol drinkt. "Ik ook niet" meende ik nog te zeggen maar 4 weken geheelonthouding is nu ook geen stunt het vermelden waard. Allez, het was een aangename kennismaking met dat stel stapmaten.

Tot de orde nu ! Ik en de Ronny met den Yzzy zouden de benen en pootjes strekken op een treinstapper. Zichem Diest, een 20 tal paaltjes. Om 9u stapten we al uit in Zichem, de geboorteplaats van  Ernest Claes (1885 - 1968) de vermaarde Vlaamse schrijver. Enkel het afstappen daar in Zichem doet je al terugdenken aan het boek 'De Witte van Sichem'. Deels is het een autobiografisch verhaal door Ernest Claes geschreven. 

De Kwajongen Lewie ("De Witte") is de jongste in een arm kroostrijk gezin. Hij is intelligent maar heeft een enorme hekel aan school en autoriteit. Zijn dagen vult hij met kattenkwaad, vissen en fantaseren.  Het verhaal schetst een rauw beeld van het strenge plattelandsleven rond 1900. Hoewel zijn moeder hem beschermt, krijgt De Witte geregeld rake klappen van zijn vader wanneer zijn streken uitkomen.  Wanneer hij twaalf is, moet De Witte van school om op het land te werken. Uiteindelijk verzet hij zich tegen het zware boerenleven en gaat hij op eigen houtje in het dorp solliciteren als klerk. Hij belandt op het bureau van de gemeentesecretaris, waar hij zijn droom kan waarmaken: boeken lezen en verhalen schrijven. (* Bron : Scholieren.com)

Het weer zou in de morgen nog meevallen maar voor de middag werd er veel regen voorspeld. Geen reden om thuis te blijven .... que sera sera en weg !  We stapten naar De Demer. Deze rivier vloeit van Oost naar West pal ten Noorden van Zichem. Iets voor Zichem splitst hij op om een 500-tal meter westwaarts terug 1 rivier te worden. Het gebied binnen de gevormde lus door splitsing en samenvloeiïng wordt het Demers Broek genoemd.  Het is een mooie streek met idyllische uitzichten. Twee maal staken we dus de Demer over en volgden iets meer landinwaarts z'n loop richting de Maagdentoren. Een hele historie is er aan deze toren verbonden. In februari 2015 passeerde ik hier ook maar toen was hij helemaal ingepakt. Het trieste relaas wat er hier in die toren allemaal heeft afgespeeld beschreef ik in m'n blogpost dd 15/02/15 : De Maagdentoren
Het kompas stond nu naar Scherpenheuvel gericht. De originele treinstapper Zichem - Diest liet Scherpenheuvel een beetje links liggen bijgevolg paste ik het trajectje een beetje aan. Kwestie van samen met den Hugo de eer op te kunnen eisen van daar in Scherpenheuvel een kruisweg gelopen te hebben. Over de verdienste uitgedrukt in kilometers gaan we niet moeilijk doen. Onze maat stapte op weg naar Scherpenheuvel er 76 bijeen, wij waren er al na amper 3 borns ! Avé Avé Avé Maria 😉😉😉 en maar zingen daar op de kruisweg. Nee, geen Avé Maria maar in onze kop zat het deuntje van 'Ontwaakt gij luie slaper, de koekoek roept ....' dat gekoekoek in't refrein bleef maar malen in onze hersenpan. Halverwege de wandeling hield het op. Ik vermoed de straf van God om den Hugo de loef te hebben willen afsteken 😇. 

In Scherpenheuvel hadden we al dorst. 'In 't Fijn Genoegen' een taverne recht over de basiliek kon er aan die dorst een mouw gepast worden. De waard was nog z'n etablissement aan het dweilen. Vriendelijke man die er prat op ging om Triple Karmeliet 0,0% in de aanbieding te hebben. Alhoewel, deze was 0,4%. Een regenbuitje viel er buiten te bespeuren, het enige waarvan we deze dag mochten spreken. We zaten echter binnen, dus weeral no problem. Het was nog kalm daar aan de basiliek. Vooral mensen die een daguitstapje regelen zal je hier aantreffen. Het is een plek die duidelijk haar pijlen richt op het devoot toerisme. Souvenierkraampjes en restaurants a gogo ! Fatima in Portugal vertoonde dezelfde commerciele uitstraling. 
We gingen terug op stap. Na die kruisweg kreeg ik zo het gevoel dat er aardig wat hoogtemetertjes aan te pas zouden komen. En jawel, de ganse wandeling zouden er 270 volgen. Dat begint ! We zaten dan ook in een prachtig heuvelland. In een weidse boog wandelden we vanuit Scherpenheuvel onder Kaggevinne door naar Diest. Weidse graslanden en hier en daar zelfs een holle weg waar we door moesten. Het weer bleef een beetje een zorg. Een grijs wolkendek omringd door pekzwarte onweerswolken waarin de zon soms eens heel even kwam  piepen. Dat leverde bovenaan de heuvels mooie vergezichten op waarbij opnieuw die eindeloze reeks kleurschakeringen in het landschap voor verwondering zorgden. Eigenlijk geen ideaal stapweer. Koud en fris op de heuvels. Op de flanken diende je dan weer een laagje kleding lichter te maken vanwege te warm. Regelmatig kon je in de  donkere verte de immense kolommen regenzuilen treffen. Hopen dat ze niet jouw richting kwamen aangewaaid wat gelukkig nooit het geval was.

We botsten op een hondenspeelweide. Leut gegarandeerd voor den Yzzy en de daar opgestelde bankjes werden er precies speciaal neergepoot voor ons schof. We ploften ons neer op zo een bank. Een hondenliefhebber had zich daar al geïnstalleerd. Luna zijn hond, een jonge bruine labrador, was al direct maatjes met den Yzzy. Na het elkaar informeel besnuffelen volgde er een regelrechte achtervolgingsrace onder elkaar. Een regelmatige tussenstop om even een snoepje te verhapschansen werd zelfs tijdens dat dol geloop in acht genomen. De Ronny haalde twee 0,0%'jes, Carlsberg denk ik,  uit z'n rugzak en de bokes werden daarbij bovengehaald.  't Leven is weer aangenaam hoorde ik m'n stapmaat prevelen. Al vlug ontspon er zich een levendig gesprek tussen de Ronny en het baasje van Luna. Zulke gesprekken geven me steeds het gevoel van op een ouderavond te zitten in een lagere school.  Een ouderavond voor de rapportbespreking. De gesprekken die de ouders dan tijdens het wachten met elkaar voeren gaan gehaaid over de educatieve know how bij de opvoeding van kindlief. De conversaties tussen hondenbezitters  betreffen steeds een zelfde thema. Maar het moet gezegd worden dat een hond het socializen met onbekenden makkelijker maakt. 

We stapten op en langszij het Provinciale Domein 'De Halve Maan' ging het richting de stadskern van Diest uit. Een beetje improviseren want m'n uitgetekende pad zou dwars door het domein lopen maar we botsten op een poort. Dit domein is aangelegd op de omwallingen van de militaire vestingsgordel (1837-1855) rond het strategisch gunstig gelegen Diest. Die verdedigingsgordel moest de eventuele invallen van de Nederlanders uit het noorden afslaan. De plaats waar het domein nu ligt, vormde een vooruitgeschoven bastion omringd door water. In militaire termen is dat een 'lunette' en vandaar komt de benaming 'Halve Maan'. De Halve Maan is uitgegroeid tot een veelzijdig recreatiepark. Zwemmen, roeien, tennissen, waterfietsen, minigolfen, horeca, trampolinespringen, wandelen en genieten van het prachtige strand, je kan het er allemaal. Op voorwaarde dat je je aan de regels houdt. Die staan netjes aangeplakt aan de inkom. Geen radios, geen beesten, geen sterke drank, niet dit of dat, geen ..... Het zal wel zijn reden hebben.  Het zou me verwonderen moest De Witte destijds ook moeten opgezien hebben tegen zo'n resem regeltjes en verboden. De laatste kilometers liepen door de stadskern van Diest. De Ronny was  gecharmeerd door de pittoreske schoonheid van deze stad. Ik ook trouwens want de historische binnenstad van Diest kenmerkt zich door een authentiek middeleeuws stratenpatroon vol karakteristieke panden. Net zoals in de grootsteden Gent en Antwerpen vind je er de traditionele trap- en lijstgevels uit de 16e en 17e eeuw. Veel gevels zijn opgetrokken in de lokale rode baksteen. Erg mooi wordt het wanneer het huis of gebouw werd opgetrokken met deze bakstenen in combinatie met lichtgekleurde zandsteen. Het heeft wel iets want het bepaalt een beetje de ziel mee van een stad !  Nog een afsluiter op het terras van de één of andere kroeg op de Grote Markt volgde. We konden er bij een Flandrien 0,0% 😜 en een koffieke terugblikken op een verkwikkend toerke in het Hageland. Rond 5 uur zaten we op de trein naar huis. Deze dag mogen we weeral inkaderen zie. Waar lopen we volgende week weeral rond ? Niet te veel plannen, dan kunnen ze ook niet doorkruist worden. Pure logica 😏.  

vrijdag 8 mei 2026

Herentals - Heide en Vennen


Een duet met de Ronny werd het vandaag. Den Hugo bereidde zich voor op een bedevaarttripje naar Scherpenheuvel en koos deze keer voor de rust daags tevoren.  De Michel zat tot over z'n oren in de familieaangelegenheden en de Marc ... zijn forfaitgave was een enigma deze keer. Mogelijk heeft m'n berichtje met de vraag voor interesse tot deelname ook parten gespeeld. Met een 0/0 trip in het vooruitzicht zou ik me een tijdje geleden ook niet zo aangesproken voelen 😊😊😊 ??? 

Opnieuw werd er ideaal wandelweer voorspeld en dit gecombineerd met een sjieke wandeltrip was een waarborg voor een geslaagde dag. Om 10 uur stapten we uit in Herentals want daar in de parel der Kempen brandde vandaag de lamp. We staken de spoorweg over en de eerste kilometers gingen in de richting van het recreatie domein Netepark. Het domein is uitgegroeid tot een immens complex met sportterreinen, een evenementenweide, minigolf, speeltuin en zwembad.  Keuze is er genoeg voor iedereen. De omringende natuur stond mooi in't groen en de zon deed al haar uiterste best om de weelderigste kleurschakeringen in het landschap te toveren.  We kregen hierbij het voorgevoel dat het een prachtige wandeling zou worden. En inderdaad we zouden niet teleurgesteld worden. 

Na het Netepark kwamen we op bekend terrein. We botsten op de Heilige Kruiskapel, daterend rond het jaar 1460 maakt deze onderdeel uit van de oudste kruisweg in België. Op een etappe van de streek GR Kempen ben ik hier al eens gepasseerd. Het ontstaan van deze kruisweg op de Kruisberg is wel eens interessant om te weten : De Kruisweg in Herentals
De ganse dag zou ik me afvragen waar die zwaluwen toch blijven. Het is bijna half mei ! Tot nu toe, en ik heb ondertussen al elke dag in de natuur gewandeld, heb ik er nog geen enkele gespot. Maar vandaag tijdens m'n ochtendwandelingetje spotte ik er ineens een stuk of 10 aan het Fort van Haasdonk. Vroeger jaren, op bloedhete zomerdagen klonk  hun kwetterend getsjirp tot 's avonds laat.  Complete kolonies zwaluwen demonstreerden toen hun vliegkunsten in de straten waarin ik opgroeide. Dat zie je nu niet meer, helaas. Maar op de Camino Portuguès in de universiteitsstad Coimbra had ik het genoegen om nog eens getuige te mogen zijn van een dergelijk tafereel. Daar scheerden die luchtacrobaatjes ook met honderden met luid getsjirp door de straten. En het is gek hoe zulke momenten je herinneringen aan vroeger triggeren. Ze worden nu geklasseerd onder de noemer van de nostalgie. 

We bereikten de uitkijktoren. Op het terraske van het kroegje onderaan de toren zat de uitbater moederziel alleen een sigaretje te smoren bij een fleske Karmeliet. Jawel, zijn etablissement was open maar de kalandizie ontbrak. Reden hiervoor was de sluiting van de uitkijktoren en dit al sinds april '25. Uit een inspectie bleek dat de houten constructie ernstige schade had opgelopen door schimmels en zwammen wat de stabiliteit op de uitkijkplatformen in gevaar bracht. Onbegrijpelijk dat de gemeente geen actie onderneemt om dit in orde te brengen. Alhoewel het kroegje via een toegekende concessie wordt uitgebaat lijdt de uitbater een aanzienlijk financieel verlies. Een kleine vergoeding trekt hij wel van de gemeente maar deze volstaat nog zelfs niet deels om de gederfde inkomsten bij een ontoegankelijke toren te dekken. Scholen blijven weg, death-rides met de para commando's worden niet meer georganiseerd en de toeristen blijven weg. De arme kerel had alle reden tot klagen. Twee 0/0'ekes Jupiler bij de bokes en daarna namen we afscheid van deze sympathieken tiep.  

De heide lag er nog bij in haar voorjaarskleed. Schraal maar mooi waarbij enkel de sparren voor wat donkergroene kleur zorgden in het zanderige decor. Het was nog iets te vroeg om dit natuurgebied in bloei te zien. Daarvoor moet je komen in de perode van half augustus tot half september. Het landschap kleurt dan intens paars, purper en lila, met roze schakeringen in het bloementapijt. Het inspireerde tekstschrijver Eugeen de Ridder en componist Armand Preud'homme voor het maken van Vlaanderens bekendste meezinger en smartlap 'Hoe schoon nog de wereld, de zomerse hei' ...  Enkel nog maar de begintonen van dit deuntje zorgen ervoor dat in rusthuizen en kinderkoren de stembanden luidkeels worden open getrokken.  Prachtig, we komen tegen die tijd dan nog wel eens terug. 

Nu kwamen de vennen aan de beurt.  Op een pad met afwisselend bossen, moeras en heide waren we op weg naar het Zwart Water. Hier tref je het Walhalla aan voor de doorsnee vogelspotter. De oevers van dit Zwart Water zijn echter afgesloten voor het publiek. Het water hier oefent een sterke aantrekkingskracht uit op watervogels. In de herfst en de winter verzamelen er hier honderden eenden. In het vroege voorjaar zetten amfibieën zoals de gewone pad, bruine kikker, heikikker, groene kikker en alpenwatersalamander hun eitjes af in het ondiepe water. En in de lente vind je er de dodaars en fuut en zweven verschillende libellen boven het water. Ik heb er echter niet één gezien. Het ven blijkt een te kostbaar natuurgebied te zijn en dit mag niet door recreanten verstoord worden. Vandaar de ontoegankelijkheid voor het publiek. De Ronny stelde voor om even een drankpauze in te lassen in zo een vogelhut maar het was er te donker en te killig binnen. Iets verderop op een bankje haalde de Ronny twee 0/0 Cornettekes, of waren het nu Omerkes ?,  uit z'n rugzak en die maakte we netjes soldaat. Schol !  Prachtig uitzicht op het uitgestrekte landschap was dat daar op dat bankje. Een oase van rust en intense kleuren lag daar keurig uitgespreid.  Het azuurblauw van het zwerk weerspiegelde in de waterplassen en opnieuw was er dat intense contrast met de donkergroene sparrenbossen in de verte. Met vlagen kwam er een zwoele walm op je af. Een warme geur van hars of karamel was het die zich mengde met een onbekende bloemengeur maar ik zou durven wedden op jasmijn. In het ganse plaatje kwam de schoonheid van die schrale zandgronden, de vennen en de dichte dennenbossen mooi in beeld.  

Hetzelfde beeld drong zich enkele kilometers verder op aan de Snepkensvijver.  We wandelden hier in één van de laatste natte heidegebieden van de Kempen. De wandeling zat er bijna op toen we terug in de bebouwde rand van Herentals kwamen. De Ronny spotte onderweg naar de statie enkele caféparaplu's tussen enkele hagen in. Ze behoorden tot het terras van een taveerne palend aan een parkje. Het was nog steeds aangenaam warm dus een bijkomende drankstop mocht wel. 6€ voor een Karmeliet 0/0, zelfs geen nootjes werden er bij gepresenteerd en je moest zelf je drank halen. Schaamte bij de uitbaters ontbrak eveneens, net zoals de nootjes. Ze mochten hun tafel bijgevolg zelf afruimen en bij wijze van verontwaardiging  zette de Ronny de lege flesjes en glazen wagenwijd uit elkaar op de tafel. Hij had hiervoor m'n zegen. 'Ze gaan werk hebben bij het afruimen'. Een kroegje op de Grote Markt genaamd 'Club Human' mocht bij wijze van afsluiten de honneurs waarnemen. Een Flandrien 0/0 en wat snackjes gebracht door een dame die je met een glimlach bediende alsof ze je al jaren kende zorgde voor de geknipte afsluiter. Prachtige dag, prachtige wandeling waarvan we beiden uitgebreid de schoonheid bestoeften. Dit allemaal in het gezelschap van een toffe stapmaat en een vrolijk hondeke .... de dag werd weer eens te meer geplukt ! .... En den Hugo ? Die stapte zaterdag gezwind met de vingers in de neus zijn beeweg naar Scherpenheuvel uit ! Vanuit Temse begot 😇😇😇. Wie zou daar nu nog aan getwijfeld hebben ?  De rode loper ligt al klaar daarboven !


vrijdag 1 mei 2026

Van Schoonaarde naar Dendermonde

Iets na 9 stapte ik in Schoonaarde uit de trein. Al vlug kreeg ik in de mot dat hier voor mij een onverkend stuk Scheldeland opengevouwen werd. Vrij vlug stond ik al aan oevers van de Schelde. Het trajectje liep in de richting van Berlare langs de Scheldeboord en aangezien er geen spring- of stormtij verwacht werd was het overstromingsgebied niet afgesloten en dus toegankelijk. Het gebied zelf wordt de paardeweide genoemd. In de volksmond ook wel het Zwin van Berlare. Deze paardeweide is een 85 hectare groot. Je vindt er een vistrap, een rietatol, hooi en graslanden waarin het voorjaar immense bloementapijten zich ontrollen. Bovendien is het een paradijs voor vele vogelsoorten waar onder meer lepelaars en roerdompen hun gading vinden. Een hele beschrijving van dit prachtige gebied vind je hier : De Paardeweide in Oost Berlare. Ik, bij gebrek aan stapmaten dan maar solo dat gebied in. Weids in de omtrek was er geen levende ziel bespeuren ... zalig.

 

Pieta - I Muvrini

Klokslagen galmden in de verte vanuit het Sint-Gertrudiskerkje in Wichelen aan de overkant van de Schelde. Het was alsof ze wilden zeggen dat je de prut uit je ogen moest  wrijven om ze de kost te geven met het aanschouwen van al dat geweldige natuurschoon dat zich hier ontvouwde. De sacrale muziek van I Muvrini in de oordopjes zorgde bij de aanblik van die uitgestalde hemelse pracht voor een boost van het gelukzaligheidsgevoel. Na die paardeweide belandde ik terug op de Scheldedijk. In een vlammende vaart vlogen fietsers, de longen uit hun lijf jagend, over die dijk. Wat een verschil met de vorige ervaring. Maar goed, het jachtige en immer naar prestatie verlangende leven van tegenwoordig vraagt om een tegengewicht. Met een flashy koerstenueke en dito veloke in de weegschaal te gooien komt die balans weer in evenwicht. Al was het maar voor eventjes. 

Aan het Riekend Rustpunt draaide het pad landinwaarts. Een afgedankte beerkar zieltogend tussen opgeschoten onkruid en zwerfvuil aldaar moet inspiratie opgeleverd hebben voor de benaming. Ik stapte verder. Opnieuw viel ik in verbazing. Ik bevond me in een moerasgebied dat de vergelijking met de Everglades in Florida kon doorstaan. Kreken en poelen waaruit knoestige boomtakken staken, zwart water bedekt met een zilverachtig stof, ragfijne webben gesponnen in het gebladerte en een wandelpad dat kronkelde onder een dik groen bladerdak. Op de achtergrond het gekwaak van kikkers die hun rust door mij verstoord zagen. Kortom intense momenten van verwondering. Het Berlare Broek ontvouwde hier haar spookachtige reputatie.  Enkel alligators en bijtschildpadden ontbraken nog in het prentje. Aansluitend volgde er een laarzenpad. Het woord verklaart alles want om hier te kunnen rondlopen moet je niet met lakschoentjes of teenslippers afkomen. Ook deze plek was weeral een prachtig stukje om de benen in te strekken. Gelukkig viel er al enkele dagen geen regen want ik vermoed dat dit hier een slijkboeltje zou opgeleverd hebben. Een stukje in de bebouwde rand van Berlare kwam eraan. Van onder dat bladerdak vandaan zag ik weer volop de blauwe lucht. Dikke witte condensstrepen van de vliegers doorkruisten ķris kras het hemelspan ... wat zijn we toch nietig vergeleken met het gigantische werk van de Grote Kunstenaar ! Ach, zoek er niks achter, het is maar een bedenking. 

Ik belandde aan het kasteelpark van Berlare. Het pad dat de contouren binnen het domein volgde had meer weg van een mountain bike parcours. Het kasteel zelf waar de gemeentediensten gehuisvest zijn oogde sober maar toch netjes en verzorgd. Bij het verlaten van het kasteeldomein overviel me de twijfel van een pint te gaan pakken. De terrasjes van de kroegen aan de overkant waren erg aanlokkelijk en toch kon ik weerstaan, m'n zelf opgelegde detoxperiode respecterend. Dan maar verder gestapt. 

Nu liep het pad over de GR128, de Vlaanderenroute. Tussen weidse graslanden door laveerde ik naar Appels. Meer bepaald naar het veer Appels - Berlare. Dit pontje behoort tot de oudste Scheldeveren in de regio van de Bovenschelde. Het veer werd al vermeld in 1253 naar aanleiding van de overdracht ervan door de graaf van Vlaanderen Guido van Dampierre aan Gregorius, heer van Appels. Eens aan de overkant, een 100m verderop stroomafwaarts ligt een oude Scheldearm. Ook hier weeral een boeiend stukje natuur. Hier stelde ik vast dat ik over een oude versie van deze stationstapper beschikte. Een gloednieuw veer was er aangelegd waardoor de binnenbocht van de meander van deze arm kon verkend worden. Nu 'veer' is een groot woord. Met een katrolsysteem waarbij van wal naar wal een touw staat gespannen kan je handmatig het veerpontje verslepen. Sjiek ! Nog wat verder stesselend langs de rand van het dorpje Appels kwam ik een kapelletje tegen gewijd aan de Heilige Theresia. Het opschriftje over haar levensloop daar aan dat kapelletje boeide me wel. Ze was maagd en werd ocharme maar 24 jaar. Tuberculose. Net als Moeder Teresa van Calcutta, die sterk beïnvloed werd door Thérèse, heeft zij mensen over de hele wereld geboeid. Bekend als de beschermheilige van missionarissen, reikte Thérèse van Lisieux de mensheid  een pad van spirituele eenvoud en liefde aan. Alle respect voor deze Heilige Dame en toch bracht ik haar naam onbewust en ongewild  in verband met de uitdrukking 'Trezebees' ... misschien zat haar maagdelijkheid daar wel voor iets tussen. Tot een volgende Theresia ... ik stap nu naar de brug die over de Dender ligt. 

Eens die brug over volgde ik het jaagpad tot aan de Oude Dender die vanaf daar Dendermonde Stad binnenstroomt. Het wandelpad naast die Oude Dender telde vele wandelaars. Het is dan ook een prachtig stukje wandelgebied. Ook de groene zone rond het voormalig Bastion VIII van de Brussels Forten kon vanwege het mooie weer rekenen op veel belangstelling. En zo kwam het station van Dendermonde in zicht. Terminus van de wandeling. Ruim nog op tijd om een goei pint aan te schaffen. Met een Cornet werd deze wandeling mooi uitgezongen. Een 0/0 welteverstaan 😊. Soit het terraske van de Blonde Os, een kroeg aan de overkant van de statie, was daar een uitgelezen plekje voor. En net zoals in het begin van dit schrijfsel en op de koop toe nog geïnspireerd door de Heilige Theresia sluit ik af met deze gevleugelde maar niettemin gemeende woorden : 'Estote invicem benigni - Wees goed voor elkaar !'


zaterdag 25 april 2026

Diest - Natuurgebied Dassenaarde.


Tja, het is eens iets anders. Deze keer versier ik m'n blog eens met de fotocompilatie van Liliane. Ze trekt erg mooi fotokes met haar GSM en maakt er vervolgens een filmpje mee ! Zie maar eens :


Op zaterdag 25 april Anno Domini MMXXVI stond er in m'n agenda een afspraak geboekt met 4 stapdames en 2 'Jannen', mezelf daartoe meegerekend,
in Molenstede, een deelgemeente van Diest. Daar in Molenstede zouden we de Dassenaardewandeling verkennen. Greet had hiervoor gekozen en goed voor een kleine 12km. Wonder boven wonder kon ik eens op een vlotte treinverbinding naar Diest rekenen ... de terugrit zou anders verlopen.
Vanuit het station van Diest zou ik solo naar het startpunt in Molenstede tenen.  Om 10u30 was het daar verzamelen geblazen met het voornoemde wandelgezelschap aan de St. Jozefkerk. Dit stukje wandelpad naar Molenstede, goed voor een 6-tal paaltjes liep door heuvelachtig terrein en was voor een stuk deel van een andere versie van de Dassenaarde wandeling. Voor het moment was het daar erg mistig maar die mist zorgde wel voor een mooi decor in het heuvelachtig terrein.  De zon deed al flink haar best om de flarden mist weg te vagen maar het zou nog even duren.  Ik zat daar middenin de vallei van het Zwart Water, een beek ontstaan uit de samenvloeiing van de Grote en Kleine Beek. Deze 2 laatste stromen samen met de Middelbeek iets verderop in de 3-beken vallei. Een gebied dat zich over 350 hectare uitstrekt tussen Molenstede en de Paalse Plas. Er wordt daar gesproken over hoogteverschillen van wel 120 meter. 
Een wandelroute door dit gebied zou de mooiste natuurspots van Diest opleveren. Na een kilometertje of 3 botste ik op dat Zwart Water, het zag helemaal niet zwart, en dat volgde ik. Het zou me in Molenstede brengen. Dit pad liep door een bosgebied waar er werd gewaarschuwd voor een broedende buizerd. Dat zijn gevaarlijke mannen wanneer die met hun sterke en scherpe klauwen op je af komen. Er wordt aangeraden om met je armen te molenwieken als zo een vogel op je af komt gevlogen maar gewoonlijk vallen die in de rug aan en dan zijn het vijgen na Pasen met dat gemolenwiek. Een bruggetje over dat Zwart Water gaf uit op het pleintje voor de St. Jozefkerk. 

Er was nog niemand te bespeuren op dat pleintje, het was nog maar iets na 10'en. Daar op het pleintje was de foor neergestreken. Klein mannen hadden al post gevat aan een boksautomaat en klopten er op los. Nog veel spek met eieren maakte ik de bedenking. Verder heerste daar een vredige rust. 
Ik liep iets verderdoor. Leen en Inge kwamen er aangebold en iets later kwamen Jan², Greet en Liliane er aangewandeld. Ze wisten al te vertellen dat 't Kroonrad waar ze hun auto hadden achtergelaten gesloten was. Een mooi startpunt zou het geweest zijn voor het obligate sjatteke 'Kaffe' als warm up. Ook voor de afsluiter dienden we dus uit te kijken naar een ander etablissement. Dan maar meteen in wandelmodus geschakeld en op weg. Mooi weer, de mist was verteerd en een blauwe lucht beloofde prachtig weer. Niet te warm ... ideaal. 

Het natuurgebied Dassenaarde ligt tussen Averbode en Diest. Hier vond je een 60-tal jaren geleden verscheiden dassenburchten. De beesten op zich zijn verdwenen maar je vind er nog wel een grote variatie planten en dieren. Dit komt doordat droge heuvelruggen en natte valleigronden de ideale biotoop vormen voor een rijke schakering in fauna en flora. De herfst schijnt daar de ideale periode te zijn om het spel van de natuur tussen licht en de prachtige kleuren te bewonderen. Ik geloof dit.

De eerste stappen werden gezet richting 'De Schomme'. Een ontmoetingsplek voor natuurliefhebbers. Je vindt er een onthaalpunt waar je informatie kan sprokkelen over de omgeving. Je vindt er een picknickzone en een uitkijkplatform en voor kinderen is er een speel- en belevingszone. Op verschillende plaatsen tref je er mooie houtsculpturen van dieren aan. Insecten, vogels ... erg mooi. Ik vermoed dat het boek 'De Kleine Johannes' van Frederik van Eeden de inspiratiebron was voor de projectontwikkelaars van De Schomme. Deze sprookjesachtige roman die de ontwikkeling van een jongen tot man schetst wordt vaak gezien als een allegorie voor de jeugd en de zoektocht naar het levensideaal. Ook tref je daar op verschillende plaatsen oefenloopgraven aan. Ze werden er door den Duits in WOI aangelegd. Ik heb er echter geen erg in gehad en ze bijgevolg niet gezien. We verlieten De Schomme en wandelden rustig verder tussen graslanden en bosschages en bossen. Mooie contrasten tussen de verschillende groentinten van de landschapselementen in de natuur wekken telkens weer de verwondering op.  Zo mooi. 

Rond het middaguur zochten we naar een rustplekje waar een slok koffie of om het even wat te verkrijgen viel. Jan² die de eerbiedwaardige ouderdom van 82 levensjaren heeft ,je zou het hem niet aangeven, zal zo een rustpauze ongetwijfeld welkom heten. Jan² niet alleen, ik trouwens ook. De kiewithoeve in Asdonk, want daar waren we al aanbeland, was nog gesloten en de kelner was nog niet opgedaagd. Na 10 minuutjes was die er en konden we plaatsnemen en consumeren.  Volop ruimte voor de dames om hun geliefkoosde onderwerp aan te snijden, ttz vakantieplannen onder de Angelsaksische zon.  Ze trekken binnenkort naar Ierland. Bon voyage mesdames ! Na een halfuurtje werd er opgekrast en na nog een kilometertje verder te zijn gestapt in de richting van de 3-bekenvallei bereikten we het keerpunt in de lus. De wandeling verliep verder over schone wandelpaden. Weinig of geen 'goudron' zoals de Franse Randonneurs het benoemen maar wandelpaden of halfverharde ondergrond. Na 12km stonden we terug aan het startpunt. 

Nog steeds was 't Kroonrad gesloten dus werd er besloten om met de wagen tot in Diest  te bollen en daar iets te zoeken. No problem, de autos werd in de rand geparkeerd en na een korte wandeling naar de stadskern was er keuze te over. Café 't 'Puur Genot' kwam in aanmerking om ons dorstgevoel te lenigen. Ik maakte er kennis met een Farce Majeur. Een alcoholvrij biertje dat ik veruit het smakelijkste vond van de tot nu toe door mij geconsumeerde 0/0 brouwsels. Het bleef bij éne. Daarna zochten we de La Marghuerita op, een pizzatent op de Grote Markt om het wandelavontuur af te sluiten. Ik nam afscheid van het gezelschap en bedankte voor de fijne dag. Een kort stukje naar de statie van Diest restte me nog. Hoe vlot de heenreis ook was, van de terugreis kon dat niet gezegd worden. Diest - Berchem, dat was ok maar tussen Berchem en Sint Niklaas reden er geen treinen. Reden onbekend. Vanuit Berchem restte er me niets anders dan 2 trams en een bus te nemen om aan Beveren Station te geraken waar mijne velo stond. Eén van die trams was dan nog afgeschaft en stond ik meer dan uur te schilderen aan een tijdelijke halte op Antwerpen Linkeroever.  Al bij al was ik bijna 4 uur onderweg om naar huis te gaan.  Maar goed, er zijn veel ergere dingen. 







Om even terug te komen op die pizzatent .... Ik kon niet vermoeden dat een onnozele pizza zo lekker kon zijn. Toen die op een bord voor m'n neus lag stuurde ik m'n kleinzoon een fotootje van La Marghuerita's culinaire creatie. Dat ventje, verzot op pizza's zaagde de oren van mijne kop dat ik moest beloven om er eens naartoe te gaan. Hij zou zo een pizza wel eens een keer willen proeven .... wel ik heb m'n belofte gehouden en ben met dat ventje daar naartoe getrokken.  Ik moet bekennen dat Stafke smaak heeft. Nee geen colake of sprite maar een mocktail begot om z'n pizza door te spoelen 😋😋😋.