Pagina's

donderdag 3 december 2015

Langs de polderdorpjes over de grens in Zeeland

We zitten al in december en wanneer er dan mooi weer wordt voorspeld moet je dat zeker te baat nemen om een frisse neus te halen. Een toertje in Zeeland ! Daar vind je bergen met frisse lucht. Het mag gezegd, het landschap en de streek zelf daarentegen is zo plat als een overrijpe vijg. Maar daarom nog niet lelijk zene ! Den Angelo kon niet meewandelen omdat hij thuis opzag tegen een stapel brandhout dat dringend weggestapeld moest worden. Om 10 uur draaide de Ronny de motor uit in het voormalige havendorpje Kruispolder. Kruispolder is gelegen ten westen van het Verdronken Land van Saefthinge. Met de verstevigingen aan te brengen aan de zeedijken is het oude haventje in Kruispolder teloor gegaan waarna dit polderdorpje indommelde naar een eeuwige slaap. Vanuit dit voormalige havendorpje heb je nog een prachtig zicht op het Verdronken Land. Een schorregebied van 3580 hectare en het grootste brakwaterschor van gans Europa. Een gebied dat prat mag gaan op een fascinerende geschiedenis. In 1570 werd bijna het volledige gebied onder water gezet door de Allerheiligenvloed. Alleen Saefthinge en nog enkele andere stukken land bleven boven water. In Namen dat eveneens onder het wassende water verdween bleef enkel de kerktoren nog zichtbaar. De klokken hiervan werden ondergebracht in de kerktoren van het nabijgelegen Grauw. Tijdens de 80-jarige oorlog, in 1584 om precies te zijn staken Nederlandse soldeniers de dijken door om strategische redenen en werd ook Saefthinge opgeofferd aan de machtige Scheldestroom. Soms worden er nu nog restanten teruggevonden van de verdwenen dorpjes en door het schurend effect van het wassende water bij vloed komen er soms nog restanten van huizen en kerken bloot te liggen. Het is beslist de moeite om er eens een bezoekje te brengen. Een paar rubberlaarzen zijn onontbeerlijk om je een weg door het schor te banen. Wat reservekledij eveneens voor het geval je een totter in het slijk plant. Een bezoekje aan het schor dien je best met een gids ten uitvoer te brengen. Het is trouwens niet toegelaten om er onbegeleid in rond te dwalen vanwege de gevaarlijke partijen drijfzand die er aanwezig zijn. Opletten geblazen dus !




En nu op stap richting zeegat langs de Scheldedijk. Beneden de dijk was het een stuk zachter dan er bovenop. Daar stond er een stevige en frisse bries. Maar het is er zalig wandelen. Aan de éne kant krijg weidse akkers gekaderd in landelijke tafereeltjes, kijk je de andere kant op dan zie je de Scheldestroom, de kloppende zilveren ader van onze welvaart, Een prachtig stilleven is het wanneer je die oceaanreuzen op de stroom ziet dobberen in de richting van de Antwerpse havens. Ze komen haast zo dicht bij de oever dat je, wanneer het avond zou zijn en donker, de matrozen aan boord zou kunnen horen zingen ...



                                                                                 Hans de Booij en Wannes van de Velde. Zie ik de lichtjes van de Schelde.
Niet dromen Jan, Was dat niet uit den tijd van de grote zeilschepen, de sierlijke windjammers en de toen opkomende stoomboten ? Nee, niet dromen, maar nostalgie, awel da krijgt nog zijn plaatske in mijnen blog.

We, ttz ik, de Ronny en de Catsjoe hebben tot de hoogte van de 'ouwe haven' van Kloosterzande de dijk gevolgd. Daar zijn we dan landinwaarts richting Kloosterzande getrokken. Een verlaten terrein ter grootte van een basketbalveld lag bezaaid met carnavalsreuzen uit wel een ganse carnavalsstoet. Het terrein lag aan de afslag naar Kloosterzande. Triestige aanblik was dat. Die reuzepoppen opeengestapeld en ineengewrongen. 't Voelde doods aan. Net een kerkhof van afgestorven plezier en volksvermaak. Brrr.

In Kloosterzande wilden we een 'kroechie' opzoeken voor het aperitiefje maar helaas. Dat was er niet te vinden in dit stukje Nederland. Althans niet eentje dat er op dit schabouwelijke uur al zijn deuren had geopend voor vertier en drank. 
Zonder het gebruikelijke voorafgaande aperitiefje hebben we ons dan maar aan een straatkappeletje neergeploft, Uit de wind voor de vuurtjes van onze openlucht-cuisine. Appelspijs uit het kiloke dat Sneeuwwitje verleden week had gekocht, appelmoes ter verduidelijking voor onze Noorderburen, bruin zuurdesembrood, broodjes, zwarte pensen, witte pensen en pensen met calvados en stukjes appel. Dit alles gechaperonneerd door een fleske rode wijn van eenvoudige komaf. Voor de Catsjoe was er nog een halve frikadellekoek voorzien, een overschotje van gisteren. Wie doet er beter :-) ? 't Heeft weeral goed gesmaakt. Dat gaan we nog doen !

Opmerkelijk hoeveel huizen er te koop staan in die Zeelandse polderdorpjes. In elk straatje vind je er wel een stuk of 5. Nette huisjes, keurig onderhouden. Het is net alsof er een exodus aan de gang is van de dorpsgemeenschap. Nochthans is het er zeer vredig wonen. Misschien wel een beetje te vredig voor de moderne gehaaste mens. Zeker in de gehuchtjes waar we doorwandelden zoals 'Oude Stoof', 'Kuitaart' en 'Strooienstad' was het muisstil. Daar kon je zelfs geen winkeltje aantreffen, laat staan een 'kroechie'. En toch, de mensen leven er heel open en onbevangen. 's Avonds in het donker en je loopt voorbij die huisjes voel je je zelfs een beetje een voyeur. Gordijnen of rolluiken aan de vensters die angstvallig alle blikken naar binnen moeten weren tref je er niet aan. Je kijkt zo, ongeremde of ongecontroleerde curiositeit natuurlijk, wat er op of in het bord van de bewoners ligt. De mensen storen zich daar hoegenaamd niet aan. Opmerkelijk en misschien is het ontbreken van enige schroom wel een typisch kenmerk van de volksaard daar in die contreien. 

In Hengstdijk kregen we toch stilletjes zin in een goeie koffie en de Ronny verkoos als toemaatje nog een neut jonge klare. Het 'Jagershuis' was het enig toevluchtsoord dat in Hengstdijk onder de noemer 'Horeca' kon gecatalogiseerd worden. Een mooie stulp weliswaar.  Een établissement dat volgens Margot, de uitbaatster, voornamelijk bezocht wordt door een kalandizie dat zich bezighoudt met het ombrengen van dieren als hobby. Het intérieur van Margot was overvloedig voorzien van artefacten die appeleerden aan de jacht. Opgezette beesten, jachttrofeetjes, geweien, jachthoorns, schedels enzovoort. Geweren heb ik er niet zien hangen. Al goed. De Ronny was al een tijdje op zoek naar een schedel van het één of ander beest voor zijn pergola om er wat sfeer in te brengen. Toen Margot hiervan hoorde ging ze prompt haar zolder op en kwam terug met 2 mooie exemplaren. De Ronny kreeg ze kado van dat mens. Sympathiek hé ? Een lieve dame die Margot !

Nog 9 kilometertjes tot aan eindpunt vielen er te stappen. En binnen een uurtje zou de zon al ondergaan. Nog wat nagenieten van het weidse polderlandschap en stilaan konden we weeral hopen op een mooie zonsondergang. Die kwam er ook. Fantastisch mooi dat kleurenspel. De fuchsiatinten onder de laaghangende wolken gaven de wolkenranden violette korstjes, Daaronder de oranje vuurgloed van Laura die zachtjes aan verschaald en in haar zwanenzang nog een purperen schijnsel tovert dat een groot deel van de einder omspant. Machtig schouwspel, je moet de magie er in zien. Ons wandelingetje zat er ook op. Een mooie dag, 27 kilometertjes op voornamelijk asfaltbaantjes wat iets, maar niet veel minder was. Prachtig weer ook en enkele lieve mensen tegengekomen. Ik heb weer gelukkig kunnen zijn vandaag. Wat een geschenk toch !!!

Tijd om naar huis te keren. Een klein half uurtje bollen had de Ronny nodig om me thuis te brengen. Volgende week  zien we weeral uit naar een volgend tochtje en nu zondag ga ik eens Hazewinkel tegen Klein Willebroek verkennen. Stappers uit Mühlbach worden er verwacht. Ben benieuwd. 

Naar foto-album : Album Zeeland



Geen opmerkingen: