vrijdag 1 februari 2019

* Van Belsele naar Lokeren




Het had deze nacht lichtjes gesneeuwd, een centimeterke of 3-4. Toch zag alles wit maar toen ik rond 8u30 te voet naar Beveren Statie wandelde was er reeds volop gestrooid. Fietspaden lagen er netjes berijdbaar bij en op de rijbaan zelf was het treffelijk rijden. Hier zorgde de sneeuw voor weinig problemen. Dat kon niet gezegd worden van onzen ijzeren weg. De vertragingen waren legio. Marc berichtte al van een ongeluk in Kijkuit op de lijn Kapellen - Antwerpen. Een zoveelste wanhoopsdaad zo bleek achteraf. Met bus en tram is de Marc dan nog tot in Antwerpen gesukkeld en zo in extremis nog verder kunnen sporen tot in Belsele. De Ronny kampte ook met vertraging. Hier bleek de reden te zijn dat er geen kaartjesknipper was. Die brave man zat nog op een andere trein die ook al vertraging had opgelopen. Wat een joke zeg ! Een kaartjesknipper die niet op tijd kan zijn zorgt voor een sneeuwbaleffect aan vertragingen. 

Voor vandaag zou het een simpel wandelingetje worden waarvan we met grote delen reeds eerder kennis hadden gemaakt. De spoeling wordt stilletjesaan iets dunner als je het niet te ver van huis wilt opzoeken. Wiskundig valt dit zelfs te verklaren 😵. 



Het was lang geleden dat onze Marc nog eens present gaf en bijgevolg waren we met z'n vieren. Aan de statie in Belsele kon hij ons vervoegen na zijn reeds eerder vernoemde reisexploten. Onderweg naar den Hugo die al meer dan 2 koffies in de dorpskroeg 'De Oude Zwaan' op ons zat te wachten ontfermde de Ronny zich nog even over een dame die poedelnaakt in een voorhof poseerde. Het was er geen weer voor met al die sneeuw. De beeldhouwer had gerust in een jasje mogen voorzien. 
Nog vlug een koffieke en wat koekskes voor de Catsjoe van de kroegbazin en we konden van start gaan richting het kasteel 'Hof van Belsele'. Dit 'bisschoppelijk kasteel’, staat er tegenwoordig opnieuw in volle glorie bij. Er wonen geen adellijke heren, bisschoppen of priesters meer, maar een eigenaar die er een punt van eer van heeft gemaakt om dit waardevol stukje Belsele te behouden. De site dateert van 1236 als thuisbasis van de eerste ‘Heer van Belsele’. Er bleven lieden met ronkende titels in wonen tot in 1754. Van 1808 tot 1872 was er een kostschool in gevestigd. Na een periode van bewoning liet de Gentse bisschop met Sint-Niklase roots Antonius Stillemans het kasteel in 1904 opnieuw verbouwen en uitbreiden om tot in 2003 dienst te doen als verblijf voor priesters op rust. Daarna kwam het opnieuw in handen van een particulier. 
Eens de bebouwde kom uit gingen we richting E17 uit dwars door veld en bos dat zich natuurgebied 'De Vaag' laat noemen. De paadjes lagen er door de sneeuw vrij glibberig bij. Het stukje gaanpad naast de E17 was 1 grote slijkbaan door de reeds ingezette dooi. Maar wat een lawaai maakt die autostrade toch ! Die ligt daar diep ingebed in het landschap waardoor het geproduceerde verkeerslawaai nog eens versterkt  wordt wanneer het tegen de steile wanden wordt weerkaatst. Wie hier in de geburen zijn woning heeft kan zich best wat oordoppen aanschaffen.  Als je er op begint te letten riskeer je hoorndul te worden. 

Al vlug belandden we aan de oevers van de Durme. Hierop aansluitend beland je in een prachtig natuurgebied. Zeker nu in dat niet alledaags winters kleedje gehuld getuigde het van een zeldzame ruige pracht. De grote plassen die je er aantreft worden de hamputten genoemd. Deze ontstonden bij de zandwinning in vroegere tijden maar nu vormen ze samen met het Molsbroek (78 ha), een uniek moerasgebied. De Molsbergen, een droge rivierduin, gelegen tussen het Molsbroek en de Hamputten wordt beheerd door Afdeling Natuur. Hier wordt er vooral aan natuurherstel gedaan. Het is echt de moeite om daar eens je benen te strekken.

Daar in dat natuurgebied troffen we verdorie kangoeroes aan. Wel eerlijk gezegd : Ik vind dat niet kunnen. Waarom worden die dieren uit hun natuurlijke habitat gehaald ? Is het een misplaatst folietje of kan het ontspoorde pronkzucht genoemd worden ? Die beesten horen hier niet thuis.  Het zou verboden moeten worden. Helaas, een kleinschalige aanpak zou weinig tot niets opleveren en op wereldvlak heeft dierenwelzijn ook al geen al te hoge prioriteit. 

Later op de dag, we zaten al in Lokeren, werd het nog vrij warm. We wandelden door de Torenstraat, het smalste straatje van Lokeren. Den Hugo maakte hier de opmerking dat er een bruin kroegje in deze straat gehuisvest was met de ronkende naam ' De Donkere Wolk' ... in één adem voegde hij er aan toe ... 'waar de cafébaas meer zuipt dan zijn volk' 😌. De stralingswarmte van de zon liet zich wel gevoelen in de straten. Daar hoorde een terrasje bij om de dag af te sluiten. Op de markt in Lokeren kon er nog zo'n terrasje versierd worden. Hugo en Marc namen hier na een pintje afscheid en toen het wat frisser werd op dat terras zijn ik en Ronny nog even binnen gegaan om wat op te warmen. De dag zat er echter op en het werd tijd om de trein op te zoeken. 
Het werd deze keer een alledaags wandelingetje. Aangenaam zeker en vast door het gezelschap maar kwa nieuwigheden hebben we zeker niet hoog kunnen scoren. Tja, het kunnen niet altijd hoogvliegers zijn. Die komen er nog wel aan en ja het kost wel wat moeite en inventiviteit om telkenmale iets moois tevoorschijn te toveren. Af en toe is het dan wel eens iets minder maar geen geklaag want er komen er beslist nog mooie uit de bus. Dat lukt me voorlopig nog wel ! 



zondag 27 januari 2019

* Een bijdrage voor het Nederlandse Santiago Genootschap

Het Nederlandse Compostelagenootschap deed in december '18 een oproep aan haar leden om een bijdrage in te zenden dat in hun ledenblad zou gepubliceerd worden. Het betrof de vraag of buitenlandse ontmoetingen op een camino tot een vervolgverhaal hebben geleid na de tocht. Els heeft het verhaal van onze ontmoeting ingezonden. Tevens vroeg ze mij om ook een woordje neer te pennen. Dat heb ik dan ook graag gedaan.



Dit was de bijdrage van Els :

Tijdens het lopen van het Pieterpad in 1994 dacht ik: “Ik zou eigenlijk ook wel eens naar Santiago de Compostella willen lopen”, maar die wens stopte abrupt toen ik een tijdje erna een TV documentaire zag over Santiago de Compostella. Ik dacht toen: “Oh, nee. Wat een poppenkast. Dit ga ik niet doen ! In 2009 liep ik met mijn man en een vriend de “Haute Route Pyrenees”. Deze loopt dwars door de Pyreneeën van de Atlantische Oceaan tot aan de Middellandse zee. Hierbij kruis je de Camino Frances. Op dat moment voelde ik toch weer de behoefte om toch een keer naar Santiago de Compostela te gaan. Dan niet lopend, maar op de fiets. 


Zo gezegd, zo gedaan. In 2012 zijn mijn man en ik per fiets vertrokken. We zouden tot aan St. Jean Pied de Port gaan om dan in 2014 weer verder te gaan. Iedereen maakt wel eens zo’n dag mee. De hele dag regen en geen draad meer droog toen we in Melle (Frankrijk) op de lege municipal camping aankwamen. Niemand te zien, nergens konden we droog en/of warm zitten, maar de werkende douche maakte al veel goed. We hadden onze tent al opgezet toen er nog iemand als een verzopen kat kwam aanlopen. Het was Jan, een Vlaming die in Antwerpen was begonnen. Eigenlijk al vanaf het eerste moment hadden we het gezellig met elkaar en kwam het verschil tussen België en Nederland al aan bod. 
Ik heb zelf heel wat ervaring met zware rugzak trekkings, maar Jan liet mij (onbewust) een nieuw handigheidje zien: Wat doe je met je natte sokken tijdens kamperen zonder comfort? Juist, je dampt ze droog in het pannetje waar je even daarvoor je eten in hebt gemaakt. Heel efficiënt. 

Na een avond met elkaar, scheidden onze wegen weer. We hadden wel onze gegevens uitgewisseld, maar meestal verwatert een contact vrij rap en dus zo zou dit contact ook geen bestaansrecht hebben. Eénmaal in Baskenland aangekomen voelde ik weer een bepaalde energiestroom die ervoor zorgde dat ik helemaal niet wilde stoppen met fietsen. Rechts van me zag ik aan de horizon wat mensjes bergopwaarts lopen, voor me zag ik het bergmassief van de Pyreneeën met wederom het gevoel waarmee deze Camino begonnen is : “Er heerst hier een bepaalde aardstraling.” Maar helaas was St. Jean Pied de Port het eindpunt voor dat jaar. 

Eénmaal thuis ben ik Jan wel blijven volgen op zijn blog. Jan kan prachtig schrijven en het was daarom ook een genot om het te lezen. Tevens was het ook heerlijk om nog enkele weken in de Camino sfeer te kunnen blijven. Sporadisch hadden we wat mail contact, meer niet. Maar steeds vaker kwamen er van die toevalligheden voor. Of zijn het geen toevalligheden? Ik zei eens: Ik ga Jan eens een mail sturen en de telefoon ging. Ik vertelde iemand over de ontmoeting met Jan en er kwam tegelijkertijd een sms binnen. Steeds als we bij elkaar kwamen regende het die dag. In 2014 hebben we onze Camino vervolgd, zoals was gepland. Van Jan hadden we een flesje wijwater meegekregen om over onze fietsen te sprenkelen als we onze fietstocht weer zouden aanvangen. Het was bewolkt, maar wel droog totdat het flesje wijwater over de fietsen werd verdeeld. Het begon wat te regenen, ik keek omhoog en ik riep: “Ja hoor, Jan is er weer.” We waren nog maar enkele meters weg toen we een wolkbreuk over ons heen kregen. Wederom (net als met de ontmoeting met Jan) was er geen draad meer droog. Het heeft verder die hele Camino niet meer geregend, maar de aanwezigheid van Jan was later voor mij duidelijk weer voelbaar op een 2 dagen lang, vlak traject waarbij wij steeds parallel aan het wandelparkoers fietsten. Alsof hij constant rond mij aanwezig was. ’s Avonds heb ik hem geschreven en toen bleef hij weer weg. Op het plein in Santiago heb ik hem wel gebeld dat we goed aangekomen waren. We zouden door 2 kennissen opgepikt worden om zo in 4 dagen tijd langs, alle hoogtepunten op de Camino terug naar huis te rijden. Heel toevallig (?) reden we ook door Melle. Dit merkten we op en zeiden dat we hier Jan 2 jaar daarvoor hadden ontmoet. En piepiep… een SMS kwam binnen. Het werd nu gewoon beangstigend. Er moet meer zijn tussen ons.


Na deze Camino de Frances is het contact nog intenser geworden. Er gaat geen week voorbij dat we elkaar niet appen (of skypen).  Begin 2018 vroeg Jan of ik het leuk vond om mee te gaan naar een bijeenkomst van het Vlaams Genootschap in Antwerpen. Niet wetende, bleek het een Pelgrimsdienst te zijn waarbij alle Pelgrims, die dat jaar van plan waren te vertrekken, gezegend werden voor een Bon Camino. Jan ging de Camino Portugués lopen vanuit Lissabon en ik ging de Via de la Plata fietsen. 
Na 5,5 jaar vriendschap zijn we nu samen gezegend. Wie had dat kunnen verzinnen? Helaas heeft Jan zijn Camino in Porto om medische reden met spoed moeten staken.
In April gaan we samen op CAM (Camino Apart Together). Jan vervolgt zijn pad weer vanaf Porto en ik fiets de Camino del Sureste. Hiervan is geen boekje geschreven, maar met heel veel hulp van Jan en dus ook heel veel dank aan Jan, heb ik nu een prachtig bestand voor op mijn GPS. We zullen tegelijkertijd in Santiago de Compostella aankomen en ons samen enkele dagen gaan vermaken in de omgeving.

En dit was mijn bijdrage :

Zaterdag 5 augustus 2012 was de dag van mijn ontmoeting met Els en Rien, haar man. Dat was in Melle - Frankrijk in de regio Nouvelle Aquitaine. Kort na het afscheid, op zondag 6, vertrouwde ik aan mijn blogpost deze woorden toe : 


Vanmorgen dan afscheid genomen van Els en Rien. Zij reden naar de veerpont over de Gironde vandaag en zo verder naar de Spaanse grens. Fantastisch koppel ! Je kan je niet inbeelden wat voor verrijkende indrukken je opdoet tijdens zo’n voettocht. Na al die ellende met die regen was de afsluiter van de dag nog een kanjer.    (....... volledige blogpost)

Het was op dag 33 na m’n vertrek uit Antwerpen toen ik doorregend en doorweekt tegen de avond aan op een zigeunercamping aanbelandde. De apocalytische aanblik van deze camping sloot naadloos aan op een stapdag vol ellende en miserie. Op een stel fietsers na, gezeten aan een godverlaten receptie, was daar geen enkele toerist te bespeuren. Enkel ‘des Gitans - Gypsies’ wier blikken, doen en laten niet al te geruststellend op me overkwamen. Wellicht was dit wel een onterechte inschatting. Een ‘Bonjour’ aan dat stel fietsers werd onder verwonderende en keurende blikken met dezelfde woorden beantwoord. Ik moet er met de allures van een drenkeling niet uitgezien hebben. Maar hoorde ik daar niet dat er enkele woorden in het Nederlands volgden ? 
Na een dikke maand onderweg kon ik eindelijk nog eens mijn moedertaal spreken. Nederlands, de taal die we als Vlamingen samen met onze Noorderburen delen. Het werd een heel fijn samenzijn met dit Hollandse koppel. Verhalen werden opgedist en je voelde dat de interesse voor elkaars vertelsels wederzijds was. Het werd laat, erg laat zelfs. Het klikte gewoon en we moesten onszelf dwingen de tent op te zoeken om te gaan slapen . Te weinig rust wreekt zich immers ongenadig op een camino. 

En net zoals ik voor deze kennismaking nog andere leuke mensen had ontmoet overviel me opnieuw de deemoed ‘s anderendaags ‘s morgens bij het afscheid nemen. Een zoveelste adieu en het uitwuiven met ‘Het gaat jullie goed !’. ‘Zie ik hen nog ooit weer ?’  is de vraag die onvermijdelijk opborrelt.  Die kans was vrijwel onbestaande. Dus weeral opnieuw dat loslaten en er een plaatsje in je hart voor zoeken. Groot was dan ook m’n verbazing dat ik na enkele weken een aanmoedigende reactie kreeg van Els op m’n blogpost. Ik was in de wolken en daar kwam ik die dag niet meer af. Zalig zacht stappen was dat, ik herinner het me levendig. Er volgden nog enkele berichtjes die me geweldig plezierden maar met het laatste, en dit na 86 dagen pelgrimmeren en aankomst in SdC, schoot m’n gemoed helemaal vol.  

Lieve, lieve, lieve Jan. KLASSE. Je trekt me in je emoties mee. Ik zie me daar alvast ook op het plein staan. Wellicht als fietser minder geëmotioneerd omdat ik van mening ben dat een fietser geen pelgrimganger kan zijn. Daar zie je te weinig voor af en de gedachten gaan niet diep genoeg om tot bezinning te komen. Daar gaat het allemaal te snel voor...............  Maar OK lieve Jan, blijf nog lekker in de roes. Geniet vandaag intens van alles om je heen ..........Hele dikke knuffels en nog veel meer van Els en Rien, je hebt het verdiend.

Dit berichtje heeft geleid tot een onderlinge diepe vriendschap met Els. Een vriendschap in de ware zin van het woord, te vergelijken zoals deze  tussen broer en zus. De toevalligheden die we samen reeds optekenden en waarover we ons samen verwonderden en nog steeds verwonderen maakten ons tot zielsverwanten, soulmates zoals we elkaar noemen. Ze stimuleren het verlangen de leefwereld van mekaar te leren kennen met alle respect voor de integriteit van mekaar. We zijn ondertussen nu 6 jaar verder en onderhouden onze treffens en uitstapjes. En al zijn we nog zo verschillend van cultuur en levensinvulling, er is iets in onze vriendschap dat bindt en boeit. Samen spreken we de woorden uit dat deze vriendschap nog moge verdiepen. Het valt moeilijk onder woorden te brengen maar het voelt zeer fijn aan. Ik beschouw deze vriendschap als een waardevol geschenk, een gift als het ware van de mooiste camino uit m’n leven. Een geschenk dat ik ten volle zal blijven koesteren.