zaterdag 6 juni 2015

* Naar Flanders Fields : Ieper in de Westhoek

De terugkeer uit Madrid verliep met haken en ogen. Een kapot vliegveld in Zaventem zorgde ervoor dat ik maar pas om 3 uur 's nachts thuiskwam. 's Anderendaags op de middag moest ik al mijn pelgrimsvriendinneke Lynn in Brussel Zuid ophalen aan de TGV vanwege de treinstaking.  Ze kwam zoals eerder al gezegd me even een bezoekje brengen. 

Het was een fijn weerzien met Lynn. Samen hebben we Brugge, Gent en Antwerpen bezocht. Het Red Star Museum waar in de vooroorlogse jaren 3 miljoen emmigranten inscheepten voor de Big Apple was voor haar als Amerikaanse een hele verrijking. Het Lam Gods in de Sint Baafs van Gent was ook een must to see voor haar. Onlangs kwam ik te weten dat de zoon van Paula Semer, het tv anker van het eerste uur, met allerlei electronische apparatuur canvasmetingen uitvoerde op het doek aan de Duke University in North Carolina. Vandaar dat de Amerikanen er zo geinteresseerd in zijn. De PP Rubens zijn geschilderde creaties in de OLV kathedraal van onze koekestad  vallen evenzeer in de amerikaanse smaak.
Bij aankomst hier in ons nederig dorpke hebben we samen een wandelingeske gedaan en 't was alsof ik samen met haar opnieuw in de bossen van Galicië aan 't stappen was. Toen maakte ik ook de bedenking .... ge moet verdorie goed uit uw St. Jacobsschelp komen om zo een freel madammeke met haar vlugge stapjes te willen volgen. Geweldig weerzien en ze moet zeker nog terugkomen. Ondertussen heeft ze al gemaild : 'A la prochaine'.



Zo, mijne stapmaat moet ik nog even missen, die zwalpt daar nog altijd op dat Grieks eiland rond. Volgende week is hij terug en dan kunnen we tijdens een mooi wandelingetje eens stilletjesaan gaan plannen voor een weekje paalkamperen in de streek rond Chimay. Ik zie er alleszins naar uit. 

Vandaag ben ik er dan maar alleen op uit getrokken. Het weerbericht was alleszins veelbelovend en een voorsmaakske van wandelen in de hitte zoals in de Extramadura in Spanje is goed voor de training. De Westhoek, daar zo dicht bij de zee, is altijd wat frisser dus laten we maar eens de streek rond Ieper onder de loep nemen. Een kwestie van wat afwisseling. 







Een vroeg treintje vanuit Beveren, zo rond halfacht, zou me ter bestemming brengen. Vlotjes stapte ik al rond halftien in de kattenstad Ieper af om aan het tochtje te beginnen. Eigenlijk moet je nu de Vredesstad zeggen sinds de Paus Johannes Paulus de 2de ze herdoopt heeft. 't Zonneke gaf al volop van katoen. Een prima startplaats om Ieper te verkennen kies je best aan de oude middeleeuwse vestingswallen rond de stad. Stukken middeleeuws bouwwerk zijn nog bewaard gebleven. Dit indrukwekkend bolwerk werd vernieuwd door de Franse oorlogsarchitect Vauban in 1678. Een Alfred Speer avant la lettre. Nu werden er wandelparken op aangelegd en zelfs het Ramparts Cemetary, een Brits militair kerkhof heeft er een plaatsje gekregen. Het is alleszins een indrukwekkend staaltje militaire bouwkunst.

't Werd verdorie warm. Op die vestingswallen kwam ik een groep schoolkinderen van rond de 14-15 jaar tegen. Ze hadden blijkbaar gym-les en de juffrouw had geoordeeld, het warme weer indachtig, om haar pupillen een loopuurtje op te solferen. Puffend en zwetend liepen die gastjes hun longen uit hun lijf. Ik kon het niet nalaten de juf aan te spreken en te vragen waarom zij naast hen reed met hare velo. 't Zijn verplichte oefeningen Menere ! Mijn suggestie om beter een pint te gaan drinken op een terraske met die gasten paste klaarblijkelijk niet in haar educatieve objectieven. Ze kon er toch nog mee lachen. 't Was een vriendelijke juf maar gezien die velo vond ik haar toch te kort schieten in haar opvoedkundige taak. Ik geloof nooit dat ze van mijn suggestie wakker heeft gelegen deze nacht. 

Verder aan die vestingswandeling heb ik nog een stukske planetenwandeling gebreid. In Zillebeke staat er het Astrolab Iris en in mooi onderhouden wandelpaden rondom het lab werden er heel leerrijke bordjes geplaatst met uitleg over ons planetenstelsel. Ik zou het nooit geweten hebben maar als je zo te poot overal doorstruint kom je veel te weten. Met de auto raas je daar allemaal achteloos voorbij. Iets verderop voorbij Zillebeke kwam je dan weer de verdronken weide tegen. Ook heel mooi om er wat rond te slenteren. Ondertussen werd het al serieus warm en kreeg ik een voorproefje van de klimatologische situatie in de Extramadura. 't Viel nog mee die 35°C, 'k moet bekennen dat ik er goed tegen kan. Genoeg water drinken is de boodschap om kramp in de kuiten te vermijden bij zo'n weer. Hetgeen je drinkt zweet je zo er weer uit. 

Het 2de stukje van de wandeling over Voormezele was iets minder fraai. Veel beton en dat voel je wel na zo een 25 kilometertjes stappen. De Menense poort wou ik kost wat kost nog eens bezoeken. 't Is nog juist op tijd gelukt alvorens de hemelsluizen werden opengedraaid. Prachtig bouwwerk waar veel symboliek rond verweven hangt. Ieper is in het verleden niet gespaard gebleven van oorlogsgeweld en tot 4 maal toe is er in en rond Ieper een slag geleverd in WO I met telkens een andere overwinnaar. Stil ligt die poort daar te getuigen van het zinloos geweld en bevestigt ze de lapsus dat de geschiedenis annex heldenroem toebehoort aan legergeneraals en de groten de aarde. Bullshit zou Lynn zeggen. Honderdduizenden jonge levens en evenvele liters bloed zijn daar in onschuld en onwetendheid verkwist voor de betwistbare eer en glorie van enkele druppels blauw bloed. Waanzin ! Tegen zo een uur of 4 begon het aardig te dreigen aan het hemelspant. Dat gaat knallen dacht ik en nog juist op tijd kon ik in de 'Au Miroir' aan de lakenhal van Ieper een plaatske onder het terrasafdak versieren voor de klassieke afsluiter, nen blonde Leffe.
Eens op dat terraske werden de hemelsluizen helemaal opengezet. De markt stond gans blank. De Leffe smaakte me zo niet en 't was lang geleden dat ik nog eens geproefd had van een ..... 'Moèt ek joen an Omertsjen brenge in plekke van eu Leffetsje ? '. Het madamtsje met terrasdienst was het precies gewaar geworden. ' 't Is min assam gelik' was mijn antwoord en ze verstond het begot !

Terug thuis geraken was weeral een heel onderneming. Eerst nog wat vertraging van de trein in Ieper zelf moeten ondergaan in compagnie van een boertige chef statie. Die vertikte het om de vele Britse toeristen wegwijs te maken. Hij werd er zelfs kwaad op en maande hen aan om eerst wat 'Fransch' te leren alvorens ze naar België zouden willen komen. Daarna meer dan 4 uur met den trein onderweg in plaats van 2 uurkes. Nu erg is dat niet maar in Kortrijk stopte de trein. In de luidsprekertjes klonk: 'Deze trein wordt afgeschaft vanwege een ongeval in Deinze'. Lap daar stond ge dan. Hoe het nu verder moest ? Dat kon je misschien uit die luidsprekertjes wringen want het bleef een groot vraagteken. Kortom van Kortrijk dan maar naar Brugge en zo voort naar huis. Meer dan 4 uur voor amper 100km. Ge zijt rapper met ne velo. Maar ik zaag :-) . De trein, het is altijd een beetje reizen hé ?



vrijdag 8 mei 2015

Naar 't Vossenhol van Reintje - Sinaai Eksaarde en Daknam



't Is weeral een tijdje geleden dat ik nog eens iets van me heb laten horen en dan is geen nieuws goed nieuws. Neenee mijne kop stond niet naar stappen laat staan mijn benen. Goesting genoeg maar een kalender met allerlei akkevietjes en tussendoor een beetje tegenslag gekend met de PC waardoor al mijn op voorhand gemaakte tracks waren gaan vliegen. Gelukkig had ik een back up van mijn Sevilla - Santiago track want ik heb daar wel 2 maanden continu 's avonds aan gewerkt. Er zijn kinderen die honger hebben in de wereld en dat is veel erger. 


Op een dag tijdens mijn Camino in 2012, 't was de etappe Couhé - Melle in het departement Deux-Sèvres, zat ik er echt door. Een trip van tegen de 40 km en de godganse dag pijpestelen regenend, je zou voor minder... Alhoewel het augustus was, de 5de om precies te zijn, wel deze dag vergeet ik nooit van m'n leven. Het leken wel bakken ijswater dat naar beneden werd uitgestort. Ik kon amper mijn wandelstokken nog vasthouden en was doorweekt tot op het bot. Ik kan me zelfs herinneren dat ik onderweg, bibberend van de kou en miserie, tegen een hek beschutting heb gezocht me afvragend waar ik in godsnaam mee was begonnen.  't Bleiten stond me meer te na dan 't lachen. Het was een moment waar ik mezelf tegenkwam. Aangekomen op de camping 's avonds was deze helemaal verlaten op een schare zigeuners en 2 fietsers na. Apocalyptisch, een desolate aanblik op een lege camping die slechts bewoond leek door een aantal verweesde bohemers. Een kletsnat lijf, zo moe als een hond en bottienen die je kon uitgieten. Ik moet er echt geen tekeningetje bijmaken. En toch, die 2 fietsers, een supersportief Nederlands echtpaar uit Dordrecht, hebben toen van die rotdag mijn geluksdag gemaakt. Rien en Els, aan hen heb ik op die verwenste dag een fijne vriendschap overgehouden. Niets is toeval en het zijn de ontmoetingen onderweg die je pelgrimstocht zo waardevol en uniek maken.



Met koningsdag op 27 april zijn we bij hen gaan logeren. Een uitnodiging gecombineerd met een vierend Nederland sla je nooit af. Vermits de Nederlandse vorst Dordrecht had uitgekozen om zijn verjaardag te vieren zaten we meteen op de eerste rij. Met 2 Dordse vrienden-gidsen zou het een prachtige dag worden. De Willem Alexander en zijn Maxima meerden met hun bootje af aan de kade vlak voor onze neus. Blij dat we eens in die Nederlandse feestvreugde deel hebben mogen uitmaken want bij ons Belgen vloeit er heel wat minder feestadrenaline door ons lijf bij de verjaardag van de één of andere majesteit. In Dordrecht zelf hebben we met ons geviertjes toch ook nog een heel mooi stukje gestapt. Prachtige stad zonder meer en samen met heel Holland volkomen in de ban van het koninklijk bezoek. Een toffe dag met al even toffe vrienden. De herinnering waard. Hardstikke leuk zeggen ze daar in Holland. 

Hugo uit Temse is repen snijden en vertrokken naar Santiago. Op de 1ste mei ben ik hem een Buen Camino gaan wensen en gaan uitwuiven. Zijn echtgenote en hijzelf hadden er voor hun deur een heuse happening met vrienden van gemaakt. Koffiekoeken, cava, koffie voor iedereen die Hugo kwam uitwuiven. De ganse straat lag bezaaid met sympathisanten, kennissen en vrienden. Stipt om halftien zette hij er de beuk in. Beladen met een rugzak van 15,6 kg zette hij zijn eerste stappen het avontuur tegemoet. Zijn collega's brandweermannen die de uitwuif niet wilden missen en deze met wat animo in de verf wilden zetten lieten de sirenes van hun brandweerwagens brullen. Met loeiende sirenes werd hij uitgeleide gedaan. Zijn vrouw Agnes had het echt heel moeilijk bij het afscheid. Met traantjes in de ogen zag ze hare Hugo vertrekken. Ik ben nog een klein stukske meegeteend tot aan de Scheldebrug in Temse waar ik hem tot slot nog de finale 'Buen Camino' toewenste. Ondertussen zit hij al een eindje in La Douce France en het gaat hem goed af. Althans naar zijn blog te oordelen.
En ondertussen volg ik al 3 personen op hun pelgrimstocht. Fabienne uit Bretagne die onlangs de camino de la Plata is gestart, Christophe Blanquart uit Luxemburg die vanuit Diekirch is vertrokken. Beiden heb ik ontmoet op mijn vorige tocht. En dan tot slot dus den Hugo. 


De Ronny en de Catsjoe waren er vandaag niet bij. Ook zij zijn ongeneeslijk aangetast door de wandelmicrobe. Ronny's mailtje vertelde me dat ze te voet naar Wisant in Frankrijk waren vertrokken. Hij heeft daar een weekendhuisje gehuurd samen met wat familie. Die familie zou met de auto naar daar komen. De Ronny en Catsjoe, wel ze gingen liever te voet. Ze hebben overschot aan gelijk :-). Ik moest nog aan hen denken toen ik mijn wandelluske in Sinaai aframmelde. Iets buiten Sinaai dorp kwam ik hen tegen alhoewel ze niet veel teken van leven gaven. Begot dacht ik, ze hebben al een standbeeld gemaakt voor mijne stapmaat en zijn hondeke. 
Dan maar alleen op stap. In Sinaai staat de kerk van de Heilige Catharina van Alexandrië. De legende wil dat haar stoffelijke resten door engeltjes naar de berg Sinaï werd gebracht. Het Katharinaklooster aan de voet van die berg geeft de legende een stukje waarheidsgehalte. Het was ook op die berg Sinaï waar God aan Mozes de Tien Geboden kado gaf. En meteen is er een link naar Sinaai. Van daaruit ben ik dus vertrokken en meteen zat ik al aan de moervaart. Een kronkelend jaagpad dat jou in absolute stilte naar Daknam voert. Daknam, eveneens volgens de overlevering zou Reynaert den Vos daar gewoond hebben maar er zijn meer Wase dorpen die menen Reynaert onderdak geboden te hebben. Het is er een mooie streek en een absoluut stiltegebied en zalig om te wandelen. Ik ben er geen enkel mens tegengekomen maar wel vele beestjes. Ik heb er wat fotokes van getrokken. Ondertussen was het op dit jaagpad beginnen te regenen en ben ik maar onder een brug gedoken en in compagnie van de kraaien heb ik het schoofzakske aangesproken. In Daknam ben ik een La Chouffe gaan degusteren om de bokes door te spoelen. Aangezien er geen enkel cafeetje te bespeuren viel ben ik maar een restaurant binnengeduikeld. Een overvriendelijke kelner met heel grote oren, 't viel me op sorry, maakte geen bezwaar dat ik er een tafeltje uitkoos om even te verpozen. Lang ben ik er niet gebleven want in dat restaurant was het zo donker als de nacht. Gelukkig had hij bij mij en de gasten een kaarsje aangestoken zodat nog kon gezien worden wat er in je bord lag. In mijn geval waren dat wat nootjes. Vanuit Daknam ging het tochtje door de Daknamse Meersen. Gelegen in de schaduw van Lokeren is het weeral maar eens een prachtig stukske natuur. Deze meersen zijn ontstaan door de verzanding van de oude Durme-armen en zijn nu een beschermd natuurgebied. Kleine bosjes en gesnoeide knotwilgenrijen overheersen de bloemrijke graslanden. Af en toe een mals regenbuitje gevolgd door een paar straaltjes zon leverden een geurig parfum op dat vanuit de beemd opsteeg. Zalige rust. 
En maar verder stappen om terug op het beginpunt aan te belanden. Na een kleine 25 km was het toerke afgerond. Nog even rusten op een terrasje op de dries in Sinaai en dan huiswaarts. 't Was een verrassend mooi stukje vandaag maar toch heb ik een beetje gemis gehad aan mijne stapmaat en de Catsjoe. Volgende week wordt dat gemis goedgemaakt. Dan zoeken we de Vlaamse Ardennen op met een stationstapper van Lierde naar Munkzwalm. Kwestie van nog eens met wat heuveltjes te prakkizeren. 


vrijdag 24 april 2015

Bij de Rapenbranders van Lokeren : Het Bospark en het Molsbroek


Nog juist geteld 7 dagen en Hugo uit Temse gaat van start met zijn pelgrimstocht. Op 1 mei vertekt hij vanuit Temse naar Santiago de Compostela. In rechte lijn naar St. Jean de Port en van daaruit over de Camino del Norte de Atlantische kust volgend naar Oviedo waar hij aansluiting zoekt op de Camino Primitivo. Deze laatste route leidt je dwars door de bergen van Asturië tot in de beboste heuvels van Galicië. Geen lachertje want dat zijn 9 dagen van klimwerk van de bovenste plank. De Primitivo is ronduit de prachtigste variant waarbij het prachtige uitzicht op de Picos d'Europe met zijn 2650 meter hoogte je helpt om de pijn in je billen, je voeten en kuiten te verzachten. Buen Camino Hugo, ik geef je blog 'Tempus Fugit' hier mee aan mijn vrienden-lezers. Ikzelf ga je blog dan ook met belangstelling volgen Hugo ! Ik hoop tevens dat je veel sponsors aantrekt voor je goede doel en dat je anderen met je wedervaren op je pelgrimstocht kan begeesteren. E ultreia E sus eia ! Deus adjuva nos. Voorwaarts en steeds verder .....

http://www.bloggen.be/hugo_peregrinus/

Maar nu ben ik nog niet zo ver. Nu is het nog het wekelijkse uitstapje met mijne stapmaat dat me toelaat naar de start toe te leven. Deze keer heb ik het nog maar eens hier in de geburen opgezocht. Een uitgestippeld minitrippeke van een kleine 20km in Lokeren zou volstaan. Lokeren met zijn bekende Lokerse feesten, is een sfeervol stadje waar men van paarden nog worsten draait en dat de lugubere eer opeist dat haar worsten de beste ter wereld zijn. Ik lust ze niet. 
Ronny en de Catsjoe stonden al vroeg aan mijn deur. De Catsjoe wist nog haarfijn waar ik woonde want zij liep vrolijk vooruit op de Ronny recht naar mijn deur. Bellen kon zij niet :-), blaffen wel. Na een vlugge checkup van het beestje kon ik tot mijn geruststelling vaststellen dat ze geen bokkepootjes en hoorntjes had overgehouden aan haar bergavonturen in Fontaine Bleu. 



Lokeren is een erg gezellige stad met op loopafstand vanuit de kern een prachtig bospark en 'Het Molsbroek', een immens natuurreservaat. Na enkele luttele minuutjes kwamen we al aan in het mooi onderhouden bospark. Op weg daar naartoe kwamen we al een ooievaar tegen die met zijn ochtendwandelingetje in een drassige weide bezig was. Een eekhoorntje speelde verstoppertje in zijn lork. Als een acrobaat wipte hij moeiteloos van de ene tak naar de andere en zo de boomkruinen in. Vredige tafereeltjes kortom. In het park zelf zaten er ook een hele hoop beestjes. Een albino struisvogel, dwerggeitjes, pauwen, kippen, damherten en maar hier en daar viel er een wandelaar te bespeuren. 
Vanuit het bospark leidde de wandelroute via het immense nieuwe Lokerse kerkhof naar de noordwestpunt van het Molsbroek.  Het Molsbroek is een 80 hectare groot moerasgebied waar talloze watervogels en moerasplanten in het wild leven. Verder tref je er een enorme biodiversiteit aan in de vorm van broekbos, rivierduintjes, rietvelden en vochtige graslanden. Maar wat een lawaai zeg bij het toekomen aan die geweldige moerasplas ! Wel honderduizend kokmeeuwen, te herkennen aan hun zwart koppeke, gaven daar een niet aflatend en oorverdovend krijsconcert. Een wolk aan deze sierlijke beestjes bedekte bijna de ganse plas. De Ronny die na het schielijk overlijden van zijne nonkel Joseph in het bezit was gekomen van die zijn knappe fotocamera gaf er het toestelletje een nieuwe adem. Aan het einde van de dag had hij wel bijna 200 foto's getrokken. 
Wat verder wandelen trok een cafeetje onze aandacht. Niet van de dorst maar wel de benaming van die kroeg. Het 'Breimachien' begot. Wie bedenkt nu zo een naam. Later op de dag zouden we het antwoord evenmin te weten komen. 
Een 4,5 km lang wandelpad slingert door het gebied heen. Zo halverwege dit kronkelpad staat er een leuk houten chaletje. Het is een infocentrum annex ontmoetingsplaats voor de lokale groenbeheerders. Verschillende picknicktafeltjes tref je er aan en natuurlijk was dit de uitgelezen stek om onze openluchtcuisine nog maar eens te demonstreren. Een stevige spaghetti met een fleske Bergerac was dat wat het potteke verschafte. Je trekt wel de aandacht met je kookgerief zo te etaleren op een picknicktafel. Het gevolg was dat we binnen de kortste keren al wat klap hadden met 2 sympathieke dames die er ook met hun hondje kwamen wandelen en daar eventjes hun bokes kwamen opeten. Eten moet je delen ! Onze spaghetti werd afgeslagen want waarschijnlijk zou dit een aanslag betekend hebben op hun slanke lijn maar de chokolade paasei die ik bij had en hen presenteerde verwisselde in dank van eigenaar.  
Een beetje storend aan die ontmoetingsplek was wel dat er een groot bord met opschrift je het zicht benam op de weidse plas. 'Geniet van dit natuurreservaat nu het nog kan !', stond er op dat bord met vette letters geschreven. Een doemscenario ? Dreigt het gebied ten prooi te vallen aan grondspeculanten en makelaars ? Niets daarvan ! Met de nieuwe subsidiëringspolitiek van Europa zouden de subsidies vervallen voor één derde van de 400 natuurgebieden die België rijk is. Een regelrechte schande is dit en een doemscenario mag je dit volgens mij gerust noemen. 
Na een goeie 12 kilometer door dit natuurschoon gewandeld te hebben zagen we ineens ons pad versperd. Jammer want we zaten net op het mooie jaagpad aan de oever van de Durme. Dan maar een terugkeer naar af via café 'Het Breimachien'. Onvermijdelijk de enigste valabele optie want de Durme overzwemmen was niet aan de orde. 
'Hier waakt Patricia in plaats van de hond' stond er geschreven op een uithangbordje aan de gevel en dat maakte direct duidelijk wie in 'Het Breimachien' het er voor het zeggen had. Daar kregen we te horen dat het jaagpad ontoegankelijk was wegens werken. Op dit stukje Durme zit er nog getijde en men is er bezig met het bouwen van een vistunnel. 't Is me niet helemaal duidelijk want volgens mij zit er in de Durme helemaal gene zalm of forel. Maar goed, ze zullen wel weten wat ze doen. 
Het Breimachien is een echte volkskroeg. Ook weer die typische voelbare sfeer die bepaald wordt door de vaste stamgasten kon je daar aantreffen. Een bonte mengeling van discussiërende karakterkoppen, pleziermakende zuipschuiten en tooghangers ontbrak dus niet in het decor. Allen duidelijk dezelfde nobele ambitie delend, namelijk het zich verzekeren van de sympathie van de kroegbazin. Ook voor haar was de herkomst van de benaming Het Breimachien een raadsel. Deze kroeg heet al 107 jaar zo was het enige wat ze erover wist te vertellen. 
In het hoekje van de kroeg zat Dréke. Een man in de zeventig die je zo onder de bruggen van Parijs zou situeren. Een lange witte baard en sluiks haar op een verweerd maar vrolijk gezicht. Versleten kleren en kapotte schoenen trokken de aandacht van de Catsjoe. Dréke was er direct maatjes mee. Hij deed er een hele uitleg tegen maar ik vrees dat de Catsjoe, net zoals ik, geen snars van het dronkemansgewauwel begreep. Ronny vroeg aan een andere stamgast om een fotoke te trekken van ons getweeën aan de toog. De camera van wijlen nonkel Joseph moest die klus klaren. Die brave man richtte zijn lens naar boven en dacht dat we tegen de plafond zaten.  Na enkele dappere pogingen van die stamgast om de techniciteit van nonkel Joseph's camera onder de knie te krijgen moest de Ronny wat bijsturen om tot een bevredigend reultaat te komen. Enfin, de kwaliteit van de opgeleverde foto was niet bijster maar de verdienste van die brave man kon tellen. 
Ik moet zeggen dat Patricia een heel propere kroegmadam is. Nadat Dréke zijn met jenever aangelengde pinten had achterovergekapt en de kroeg verliet kwam ze onmiddelijk, gewapend met emmer,vod en een bus Dettol de ganse hoek waar Dréke had gezeten bewerken. Ik hoop dat Dréke dit nooit van zijn leven leest :-).
Nog een goeie paar kilometers viel er te lopen tot in het stadscentrum van Lokeren. Op een zonnig terraske hebben we nog bij een lekkere Tongerlo Blond even kunnen nakaarten over de mooie stapdag. Tempus Fugit, je hebt gelijk Hugo want het gaat allemaal zo vlug voorbij. Jammer voor de volgende dagen want er wordt slechter weer voorspeld. Maar deze dag hebben we dan toch maar weer mooi kunnen plukken. Carpe Diem was een feit en hop richting huiswaarts.



zaterdag 18 april 2015

De fruitbloesems van Haspengouw : Borgloon

Om een beetje de conditie erin te houden ben ik gisteren maar een dagje gaan stappen in de fruitstreek. Nu, aansluitend op een weekje koken voor een scoutsploegje van 30 man zou een dagje languitgerekt op de zetel blijven liggen misschien wel een iets beter idee geweest zijn. Maar goed, 't is mooi weer en dan moet je buiten zitten en niet op je luie krent rondhangen. De vorige keer met de uitstap tussen Alken en St. Truiden waren we nog iets te vroeg om de fruitbloesems te gaan bewonderen. Bijgevolg moest die wandeling eens overgedaan worden. Jammer genoeg waren we deze keer nog een klein tikkeltje te vroeg. De laagstammen, alhoewel fris in het groen,  zaten nog overwegend in de knop. De hoogstammen daarentegen stonden al mooi in de bloei maar nog niet volop. 



De Catsjou had deze keer verstek gelaten. Ze was gaan wandelen in Fontaine Bleu in Frankrijk. Deze keer ging ze mee op stap met de dochter van mijne stapmaat. Zij organiseert daar een klimkamp tussen de rotsen met vrienden. Tof, dat wel maar geef mij maar de begane grond en mijn stapbottienen in plaats van de klifhanger te gaan 'uithangen'. Als dat met de Catsjou maar goed komt. Ik hoop dat ze niet terugkomt als een berggeit met hoorntjes en bokkepootjes. Ik wil er niet aan denken !
Borgloon ! De raad volgend van Dirk, de cafébaas uit Ulbeek, was Borgloon the place to be om de bloesempracht in volle glorie te kunnen bewonderen. Te meer omdat je daar in een zacht glooiend landschap zit waarbij je op de heuvels dat ganse bloemendeken kunt overschouwen. Maar helaas, zoals gezegd was het nog iets te vroeg om daar getuige van te mogen zijn. We komen er nog wel eens terug. In juli al zeker want dan mag iedereen er gratis en naar hartelust kersen komen plukken. Hele manden vol ! 
Het was een knap wandelingeske van rond de 20 kilometer. Het begon al met een stevige klim naar het centrum van Borgloon. Borgloon, gelegen tussen Tongeren en St. Truiden, is trouwens een stadje met een stevige geschiedenis gaande van transitnederzetting aan verschillende Romeinse heirbanen tot ettelijke malen het slachtoffer geweest te zijn van plundertochten en belegeringen.
De slag bij Brustem door de de pro Bourgondische troepen, ambras met Maximiliaan van Oostenrijk, geknok tussen het Huis van de Mark en de Prinsbisschoppen. Dan weer de Staatse troepen van Willem van Oranje die er lelijk hebben huisgehouden, gevolgd door de Spanjaarden, de Kroaten, de Lotharingers, een 4 en een 9 -jarige bezetting door de Fransman, de Spaanse successie-oorlog. Ik vergeet er nog. Veel wapengekletter dat nu is geweken voor een vredig landschap. En dat is maar goed zo. Een andere triestige noot in haar eeuwenlange bestaan is het feit dat Borgloon in de 17de eeuw jarenlang het schouwtoneel is geweest van massale heksenvervolgingen. Een hele hoop van die sukkels zijn daar op de brandstapel aan hun einde gekomen. Onder hen Tjenne de heks die er in 1667 na een proces van 2 jaar levend werd verbrand. Het vonnis werd onder een reuzelinde van 5,6 meter doorsnee uitgesproken. Deze boom ging enkele jaren later in vuur op door een blikseminslag. Een 2de boom, ditmaal een populier groeide op vanuit de as. Ook deze ging ten onder aan vuur. De boze geest van Tjenne had daar duidelijk de hand in. Een derde boom werd nu geplant in de hoop dat Tjenne haar toorn zou luwen.. 
Maar goed, het wandelingeske was eveneens erg afwisselend en wat aanpassingen onderweg waren nodig om een beetje de richting te behouden want de uitgetekende paadjes in de velden waren grotendeels verdwenen of verplaatst. De traktoren van de fruitboeren hadden wel voor volgbare tracés gezorgd maar deze weken sterk af van de veldwegen op de kaart. We hadden zo de indruk dat ze zelf de paadjes naar willekeur hertekenden. Geen erg, dat zorgde alleszins voor wat afleiding onderweg. Op weg naar Santiago was dat in de Landes in Zuid Frankrijk ook het geval. Daar veranderen de pompiers ook regelmatig de wegen voor het hertraceren van de brandgangen. 
Een heel gevarieerde omgeving was het wel. Holle wegen, boshellingen met bomen in de bloei, vergezichten op rustieke kerktorentjes en oude kastelen, maagdelijk geploegde en ge-egde velden, zand- en kasseiwegeltjes, fruitboerderijen ... en dit alles in een landelijk kader en in een rijk kleurenpalet door de natuur geschilderd. Een stevige wind op de heuveltoppen kon me niet weerhouden om dit alles zo ontzettend mooi te vinden. De natuur .... een terras met uitzicht op de wereld. Je moet je ogen de kost geven en het ook willen zien.
Halverwege het wandelingetje, iets voorbij het dassendomein 'De Kolmont' stond er een uitnodigend picknicktafeltje. De Ronny had deze keer varkensribbetjes bij, een homp tarwebrood en een Mexicaans groentenmengelingeske. Een beetje opwarmen op het branderke en met een scheut witte wijn wat laten opstomen en klaar was kees.  Dat was weeral eens lekker snoepen zeg. Voorbijrijdende fietstoeristen kijken zich de ogen uit hun kop  maar je krijgt toch steeds een 'smakelijk' toegesproken als blijk van sympathie met jouw openluchtkeuken. 
Later op de dag kwamen de laagstammen toch wel wat meer in bloei. Hierdoor kwam er in de wegeltjes al wat meer volk op de been om van die natuurpracht te genieten. Een 2 jarig ukkie kreeg er een heuse fotoshoot tussen de fruitbloesems. Oma en Opa waren helemaal vanuit Kortrijk afgezakt om fotokes te kunnen trekken van het tussen de bloemetjes lopende wichtje. 
Met een reeds sputterend avondzonnetje schijnend op een gezellig caféterrasje konden we weeral de dag uitwuiven. En hoe ? Met een ambachtelijk gebrouwen kannunikbier was dat best te doen ! Als je je met een rugzak zo laat neerploffen op een terrasstoeltje heb je gegarandeerd wat klap van de aanwezige kalandizie. De mensen vragen je meteen wat je uitgespookt hebt tijdens de dag en hop je kunt gaan vertellen. Een wandelingetje van rond de 20 km kan niet direct op het nodige begrip rekenen en vandaar dat de vragen rijzen. Doorgaans zitten er op zo'n landelijk cafétterras ook mensen die even komen uitblazen nadat ze van de omgeving zijn komen proeven. Het gaat er dan ook heel gemoedelijk en rustig aan toe. Wanneer er per toeval onderlinge blikken worden gekruist, wordt er niet vlug even de andere kant opgekeken. Wat een groot verschil toch met de terrasjes in de koekestad ! Ik mag niet veralgemenen en ik kan me natuurlijk ook vergissen maar ik voel het wel zo aan. Nu die kannunik ... 't moest bij ééntje blijven want ik moest nog met m'n karretje terugbollen. Wat een prachtige dag weeral !
.