donderdag 17 oktober 2019

Manhay - Moulins de Malempré

Enkele dagen er tussen uit met de tent was deze week 'De'  opportuniteit. 3 van de 5 stapmaten waren immers verhinderd om de wekelijkse uitstap mede te animeren. De Ronny had al lang een tekstballonneke in zijn hoofd zitten met het opschrift : 'Wat denk je ervan om eens wat edelherten te gaan spotten in onze Ardennen ?' Een ideetje zoals een ander ! In het begin van de week kreeg dit vorm en dat ballonneke kwam er langs zijn oren uit. Zo kreeg ik er weet van. En ja, toch wel, dat stond me ook aan en waarom zouden we niet enkele dagen gaan kamperen in de Ardennen ? Potten en pannen werden ingeladen alsook luchtbedden, tent en de kampeermeubelen. De fourage werd al in gang gezet omdat we geen honger wilden lijden . Zo precies of je in de Ardennen niks om te eten vindt. Grote onbekende met een niet te onderschatten impact op een kampeeravontuurtje was het weer. Donderdagmorgen vertrokken we richting Luik en aanvankelijk was het nog prima weer maar eens een goed stuk over de taalgrens tekende er zich in het zwerk toch maar een heel sombere hemel af. 

Een tent opstellen half oktober kan best maar dan is droog weer toch wel de hoofdvereiste. Al rijdend werd er een plan B klaargestoomd voor het geval het zou stortregenen. Een trekkershut zou een waardig alternatief bieden om zich te ruste te leggen. Bij aankomst op de camping Aux Massotais in Vielsalm moest noodgedwongen het plan B aangesproken worden. Het regende oude wijven zoals de volkse uitdrukking het omschrijft. Helaas, we vingen bot met ons B-plan want de Nederlandse uitbaatster meldde dat de camping niet voorzien was van trekkershutten. Ook wist ze geen andere campings in de buurt waar we terecht konden. Dan maar op Google Maps met het zoekwoord 'trekkershut' aan de slag en jawel ! Op een kleine 7km lag er een redelijk ruime camping die over zulke hutten beschikte. Camping 'Les Moulins de Malempré' had 5 spiksplinternieuwe hutten ter beschikking staan.  De gerant van deze camping was een 'Pjeirefretter', hij kwam uit Vilvoorde zo zei hij. Sympathieke man die naar de naam 'Bart' luisterde. We waren direct gesteld. Een bed, kookfornuis, wat bestek en verwarming voor 50€ per nacht. Vervolgens nog een zithoek, wc, 4 nette bedden en wat dekens. Bart kwam even meegelopen om de stoof in de hut aan te steken. De hut stond tegen de rand van een hellend bosterrein vlak aan een helder snelstromend en kronkelend beekje : Le Ruisseau de la Follerie. Alstublieft ! Ideaal voor uren speelplezier met jonge kinderen. 

Trekkershutten zijn helemaal niet zo duur. Zeker wanneer je de huurprijs door 4 kan delen.  We waren met 3 en aangezien de Catsjoe geen pree trekt, werd het delen door 2  🐶💲💲 wat op 25€ per man/nacht kwam. Echt niet duur maar wel  40€ voor de opkuis. Dit laatste dreef de prijs wel op maar het was toch aanvaardbaar. Het is een éénmalige prijs die wel door de beugel kan wanneer je er meerdere dagen zou verblijven.
Eens gesetteld hebben we een kleine wandeling ingezet om wat in de omgeving te acclimatiseren. Een klein toertje werd dit in het achterliggende woud. Lichtjes op en neer wandelend over een bospad werden er op een 450 meter hoogte  een 2 à 300 hoogtemetertjes gescoord. Het bos lag letterlijk bezaaid met paddestoelen in alle geuren en kleuren. Zoveel heb ik er nog nooit gezien. Nu las ik zojuist in de krant dat het plukken van paddestoelen in Wallonië toegelaten is. Per persoon mag je daar een emmer van 10 liter met zelfgeplukte paddestoelen vullen. In Vlaanderen is het verboden terwijl ik de mening was toegedaan dat alle Belgen gelijk voor de wet waren. De argumenten die Vlaanderen voor dit verbod hanteert zijn nochtans redelijk te noemen. Lees maar eens indien het je moest  interesseren : Paddestoelenpluk in België
Na het wandelingetje hebben we de avond gevuld met een lekker hutsepotdineetje en een flesje wijn om op de camaraderie te toasten. Gezellig ! Het hertenspotten zou voor vrijdag zijn.  
Vrijdagmorgen : English breakfast ter ere van de brexitperikelen en daarna de baan op, op zoek naar de hertjes. Het zou bij een poging blijven. Zowat overal waren er op de toegangswegen tot de wouden flyers aangebracht met de waarschuwing dat er een jacht aan de gang was en dat de toegang werd ontzegd.



Een elitair clubje 'homo sapiens' claimt daar regelmatig een gebied voor zichzelf op waardoor ze een hele hoop burgers immobiliseren. Deze sportievelingen, de jacht wordt immers een sport genoemd,  noemt men jagers. Ze vinden hun plezier in de amicale omkadering van het gebeuren maar het punt is eigenlijk dat ze weerloze dieren genadeloos omver knallen.  Ze verdienen er zelfs geld aan. Ik kan ermee leven dat dieren tot voedsel dienen, maar het aspect plezier beleven aan doden gaat voor mij te ver. Maar ja : Niet iedereen hoeft mijn mening te delen. 
Het spotten van het edelhert mochten we dus stilletjesaan op onze billen schrijven. Ze te horen burlen eveneens, er was nog wat plaats ernaast op de billen. Wat er wel te horen viel was het knallen van de jachtgeweren. Beetje jammer dat de herten onzichtbaar bleven. Voor ons dan toch wel wel te verstaan. We moesten bijgevolg op zoek gaan naar een veilig wandelgebied. Dat hebben we dan gelukkig toch gevonden. In de geburen van Oster was er een strook woud dat beheerd werd door Natuur en Bos.  Mooie wandelpaden langs weidse vergezichten. We zaten hier in het hoogste gebied van België. We hadden uitzicht op prachtige dalen en valleien. Hier en daar een kabbelend beekje, hopen paddestoelen, verlaten paadjes, daarginds dan weer een eenzame houtvester aan het werk, je kan je ogen de kost geven. Ook was het een beetje jammer om dit prachtig gebied te zien schuilgaan onder een loodgrijs wolkendek. Herten hebben we dus niet gezien maar een onoplettende vos kregen we in het zicht. Het was mooi om zien hoe hij in een grote wei naar muizen op zoek was. Ja het duurde zeker een kwartier vooraleer hij ons in de smiezen had. De Ronny heeft wel 40 fotokes van dat beestje getrokken. Eens hij ons opmerkte maakte hij zich gauw uit de voeten. 

Het werd weeral tijd om naar de hut te keren en te gaan koken. Een rijkelijk gestoffeerde zuurkoolschotel stond geagendeerd. Mja, dat bourgondische tintje mag zeker niet ontbreken. Nog eerst een kort avondwandelingetje waarbij we kort kennis maakten met een man uit Utrecht. Oh, die prees de Belgen de hemel in. Hoofdzakelijk om hun gemoedelijkheid. Hollanders hebben ZO een bek declameerde hij waarbij hij zijn armen breed ten hemel spreidde. Ronny vond het niet beter om een poging te ondernemen om deze brave man uit te nodigen om mee aan te schuiven aan onze dis. Ik moest een beetje vertalen ... ondertussen kan ik aan de mimiek van onze Noorderburen al aflezen of ze de Vlaamse taal wel verstaan. Ronny zijn 'Pateekes' werd naar gebakjes vertaald en 'choucroute' naar zuurkool. Nog wat aardige woorden, rare woorden dus kregen bijgevolg betekenis in de oren van deze Nederlandse onderdaan. Hij bedankte beleefd, zijn vrouw zou hij niet kunnen overtuigen om mee te komen. Bovendien stond hij versteld van ons aanbod. 'Zoiets zal je een Hollander nooit horen vragen' weerlegde hij met enige schroom. 
Met de avonddis konden we het luik Ardennen afsluiten. We keerden zaterdag terug naar huis. We kunnen weeral even op dit avontuurtje teren en naar een volgende uitstap uitkijken. Wat is dit toch plezant. De natuur proeven met vrienden. We zijn nog niet zinnens om hiermee op te houden. Bijlange niet.


vrijdag 11 oktober 2019

De Antwerpse Voorkempen : Zoersel naar Nijlen

Voor vandaag ben ik kwa lokatiekeuze lichtjes afgeweken van de traditionele formule met de trein. Ik heb er een busritje met De Lijn ingelast. Van Zoersel naar Nijlen stappen was het opzet.  In Zoersel kon je enkel met de lijnbus geraken. Een sneldienst doet er een goed halfuurtje over. Om 9u was er met stapmaat Ronny en de Catsjoe afspraak gemaakt in het Antwerpse Centraal Station. Op het Astridplein konden we de lijnbus nemen tot in Zoersel. Zoersel is een elegant dorp gelegen in de Antwerpse voorkempen. Hoe rustig het er nu is, des te woeliger het er vroeger aan toe ging. In de eeuw voorafgegaan aan het ontstaan van België werden  Kempische dorpjes zoals Zoersel, Malle, Salphen, Halle, Wechelderzande enz. enz. bijna onafgebroken belegerd en geplunderd. Vreemde troepen richtten niet alleen grote verwoestingen aan, maar ze brachten ook vele ziektes, waar onder andere de "Zwarte Pest", met zich mee. Na het Hollands Bewind en de oprichting van ons koninkrijkje België konden ze bekomen van de doorstane ellende en brak er een tijd van steeds toenemende welvaart aan. 

Vandaag verliepen de verplaatsingen  zeer vlot. Het mag al eens niet ? Nu, het was helemaal geen grote reis. Aangekomen in de 'Central' was een koffietje het volgende agendapunt. In de Starbucks alstublieft ! Een goed kwartiertje later verlieten we het mooiste treinstation ter wereld om te gaan stappen. Als er gesakkerd kan worden op stiptheid en service van de NMBS kunnen we nog enigszins troost zoeken in de schoonheid  van ons station.  Een magere troost weliswaar maar toch. 


Het weer zag er ondanks de mooie beloften van onze weervrouw niet al te fraai uit. Bah, grijze wolken en licht gemiezer en het begon al heel vroeg op de dag. Ik overwoog nog een paraplu mee te pakken maar een poncho kon evengoed dienen. Dit kledingstuk zou later op de dag nog voor wat hilariteit zorgen.De lijnbus was mooi op tijd en rond 10u30 stonden we in geef acht te Zoersel. En dat er welvaart heerste was te merken. Een keurig en proper dorp  troffen we aan waarin we meteen van start gingen. En avant tambour major ! 
Na een goeie 500 meter zaten we al in het Zoerselbos. Een bos met een wirwar aan paadjes. Kilometers lang ! Een beetje verwondering van onzentwege want we zaten pal op de 'Jan en Trien' wandeling. Dit was verdorie tegelijkertijd een GR-pad. Later viel onze frank : Jan en Trien zijn de hoofdpersonages in het boek 'De Loteling' van Hendrik Conscience (De Loteling Wiki). 
Hendrik Conscience is de man waarvan men beweert dat hij zijn volk leerde lezen. De Leeuw van Vlaanderen is zijn belangrijkste werk. 
Iets verder en dieper in het Zoerselbos zouden we de boshut aantreffen waar Hendrik dit boek schreef.  Dat was in het jaar 1850. In 1973 werd het boek  verfilmd met prachtvertolkingen van Jan Decleir en Ansje Beentjes.


Na een kilometertje of 5 troffen we pal middenin het bos een groepje mensen aan die bezig waren met kleinschalige akkerbouw.  Het bleken verstandelijk anders-begaafden te zijn die er met veel plezier tuinierden. Ronny was een praatje met hen begonnen en het was frappant om op te merken dat een conversatie met deze mensen zo puur en oprecht verloopt. Oh, ze waren verschrikkelijk fier om even uit te wijden over hun bezigheden daar op die bosakker. Met kennis van zaken trouwens. De ontmoeting met deze mensen leverde een aangenaam intermezzo op. 

Iets verderop moest er volgens de kaarten een overdekte picknick plaats zijn. Langs mooie kronkelende bospaadjes bereikten we  deze spot. En deze keer konden we wel een vuurtje bovenhalen zonder een bezoekje van de brandweer te moeten vrezen. Ik had daags tevoren een cowboyschotel ineengeflanst. Inspiratie had ik gezocht in een kookboekje voor kinderen op kamp. Het betrof een schotel  bonen, ajuin, tomaat en gemarineerde worstjes en dit aangevuld met nog wat geheime ingrediënten 😏. Kruidenbroodjes om in de saus te soppen ... af !!! Nee geen mountain oysters zoals bij de echte cowboys,  neenee, die vind je hier niet bij de slager.  Het was enkel een kwestie van deze kost nog wat op te warmen op een branderke. Met een glaasje wijn erbij konden we toasten op de camaraderie. Die bonenschotel smaakte voortreffelijk.  Altijd plezant zo een picknickje en het kleurt je dag. 


Na het openluchtdineetje muteerde de wandeling naar een heuse paddestoelenwandeling. Het bos stond er vol van. Boleten, geschubde inktzwammen, amonieten, elfenbanken, vliegenzwammen en noem maar op. We kwamen zelfs een dame tegen die met enkele belangstellenden een paddestoelentochtje gidste. Erg interessant haar uitleg maar toch waarschuwde ze ons dat het zeker 2 jaar duurde om kennis te vergaren over de paddestoelen vooraleer je het mag wagen om er een geplukte op te eten. In Duitsland, zo vertelde ze, zijn er onlangs nog mensen gestorven na het eten van de groene knolamoniet. Soms zien die er wit uit en zou je er kunnen van uitgaan dat het een eetbare soort is. Dat was bij die overlijdens het geval. Niks aan te doen, je gaat sowieso dood tenzij je onmiddelijk een niertransplantatie krijgt. Het gruwelijke aan zo een vergiftiging is dat je je na enkele dagen afzien terug kiplekker voelt. Kort daarop gaat het crescendo terug bergaf met je en kan je best al het één en ander beginnen te regelen voor je uitvaart. Je bent een vogel voor de kat. 
Iets verderop kwamen we een schooljuffrouw tegen die met haar klas aan 8-10 jarigen een boswandeling maakte. Ze hield even halt aan een boom en wijzend naar die boom vroeg ze haar leerlingen of dit een gezonde boom betrof. Ik fluisterde vlug en ongemerkt voor de juffrouw in het oor van 1 van die gastjes dat dit niet het geval was omdat je zo kon zien dat die boom een 'valling' (verkoudheid) had.  3 stappen verder hoorde ik dat ventje zijn juf toeroepen dat die boom ziek was en een valling had.  En die meneer daar, die heeft dat gezegd !!! Grote ogen van de juf maar ze kon er toch mee lachen. Ach, je moet eens een grapje kunnen uithalen. Het kind in jezelf moet je levend houden. Ook al zit je aan de zolder van je leven te bouwen. 

Kijk, daar is het boshuisje waar Conscience zijn boek werd geboren. Nu, boshuisje is zacht uitgedrukt. Het blijkt nu dat de 2 lemen hutjes waar destijds Jan en Trien woonden werden uitgebouwd tot 1 grote pachthoeve Het is een grote hoeve waar je iets kan consumeren. Aangezien het gesloten was zijn we iets verder een sjiek bosrestaurant binnengeduikeld. De naam van het etablissement "In de Wandeling" deed vermoeden dat de uitbaters mikten op een zich met de benen voortbewegende kalandizie.  De bediening liet er wel heel lang op zich wachten. Toen er eindelijk een ober zich over ons ontfermde vroeg de Ronny met een kwinkslag, of er soms een hoop personeel ziek was. De brave man bleef het antwoord schuldig, zij het met een scheefgetrokken gezicht. 
Eens buiten begon het terug te miezeren. De poncho kwam van pas. Onderweg had de Ronny zijn nieuw aangeschafte poncho zo bestoeft dat ik er weliswaar erg benieuwd naar werd. Je kon er een tent voor onderweg mee maken, zoveel ml waterkolombestendig, lichtgewicht en veel bewegingsruimte enzovoort. Ja het was een knappe aanwinst voor je outdoor-uitzet. Enkel de kleur vond ik iets minder, mijne maat leek net op een verlebberde krob sla. Bovendien sloegen alle paarden in de wei van de schrik op hol bij het passeren. Dat zullen ze er in de winkel wel niet bijgezegd hebben.  Soit, hij was erg content met zijn poncho. 


We naderden stilaan het Neteland. Na het oversteken van het bruggetje over de kleine Nete zaten we in het land van onze Pallieter. Al vlug bereikten we de statie van Nijlen. Bij de overstap in Lier hebben we nog iets gedronken in het gezellige stationsbuffet van Lier. Daar moesten we een halfuurtje wachten op een overstap. De dag zat er onherroepelijk op. Enig minpunt was het sombere weer maar we hebben er toch een sjiek tochtje van gemaakt. 


Jean Jacques Goldman - Je marche seul



vrijdag 27 september 2019

Solotripje van Kortenberg naar Herent.

Het beloofde een mooie dag te worden met de stapmaten Hugo en Ronny. Sluitende afspraken werden gemaakt om tot in Leuven en van daar uit naar Kortenberg te treinen. Hugo zou vanuit Temse rechtstreeks sporen naar Leuven, Ronny zou in Puurs op deze trein wippen en ik zou via Berchem naar Leuven bollen en de maten daar treffen. Helaas, het kon niet zijn. Hugo belde me, ik stond reeds in Berchem, dat er in Temse geen treinen reden. Hij moest rechtsomkeer maken. Geld waarschijnlijk kwijt of een heleboel gezever om het te recuperen. Ronny zat dan weer geïmmobiliseerd op een treinstel in Boom. Oorzaak zo bleek, maar dat werd maar eerst uren later gecommuniceerd, was een kapotte locomotief in Bornem. Het lukte hem ook niet meer om op een deugdelijk uur in Leuven te geraken en moest eveneens forfait geven. Maar hij heeft er een prachtige dag aan overgehouden. Hij ging vanuit Puurs te voet naar huis. Maakte met een vrolijk stel bejaarden en een vrijwilligster in de gehandicaptenzorg kennis. In de gauwte stuurde hij een verslagje dat ik hier in cursief vlug meegeef Fotokes van zijn exploot zitten mee in mijn album onderaan :

Het treingedoe ... zielig. Niet de panne op zich, maar geen communicatie met de reiziger, zelfs de treinbegeleider kon ons geen informatie geven, zijn kaske lag er ook uit... De NMBS APP was ook dood. Eénmaal die terug werkte kwam er iedere minuut een update met die extra minuut vertraging. Een inschatting van de te verwachte retard was blijkbaar te moeilijk ... Ik ben dan maar te voet naar huis gewandeld, en heb eigenlijk een toffe dag gehad. 
Onderweg Greet ontmoet met een mindervalide man van 42 jaar in een rolstoel.  Ik dacht dat hij Dirk noemt. Hij genoot zichtbaar van de rit in zijn rolwagen. Dat deed Greet als vrijwilliger ! Chapeau, er zijn nog toffe mensen op de wereld, die kleine dingen komen niet in het nieuws. Greet is een warme toffe madam met wie het direct klikte. We zijn samen  op een terraske beland. 
Daar zaten nog mensen met scootmobielen... uit dat zelfde tehuis.
Een vrolijke bende die me aan het boek van "Mijnheer Groen" deed denken. Er zat zelfs een "Evert" bij, die had op alles commentaar, honden, kinderen, slecht eten in het tehuis, vrijdag, bah... visdag, lust geen vis... Van de Catchou  had Greet wat schrik, maar Dirk gaf het goede voorbeeld. Toen Catchou met zijne kop op Dirk zijn voeten ging liggen zag je dat Dirk dat zalig vond. Hij liet zijne brede lach de vrije loop. Iedereen merkte het op, de Catchoe stal alle harten, zelfs van mijnheer Evert. Die heeft hem met lange vingers in 't geniep een aai gegeven.
Om 15.10u was ik terug thuis. 18 kilometerkes op de teller, net wat Jan voorzien had voor de wandeling in Kortenberg. Voila, iedereen is terug mee, het was een apart en speciaal daggeske.

Groetjes,
RonnyWalker

Een technisch probleem kan natuurlijk altijd. Bij een goed onderhoud van het materieel valt dit te vergeven en zal dit eerder uitzondering zijn. Maar het is gewoon regelmaat geworden. Begin dit jaar nog niet de helft van de treinen die op schema zaten. Elke keer ik een trein neem is er wel wat voorgevallen. Ik bewonder de treinbegeleiders want die moeten verdorie wat slikken van ontevreden 'klanten'. Mensen die dagelijks afhankelijk zijn van de NMBS moeten al een hele lijdensweg afgelegd hebben.

Alleen op weg dus. Het begon meteen al grappig. Op de trein Berchem - Leuven gezeten kreeg ik voor mij het gezelschap van een hippe en kleurige oudere dame. Knalgeel jasje, plamuur als maquillage, legerbottienen en een zwierige bloemenjurk waarbij je de Gentse Floralieën naar een ordinaire vaas met pisbloemen zou degraderen. Ze beleefde zichtbaar pret aan de aandacht die haar geschonken werd. Ja, bij het aanschouwen van haar kapsel was het erg moeilijk voor me om het lachen te bedwingen. Haar kapsel was een heuse eyecatcher. Ik vreesde dat er uit haar immens rosse dot ineens een cobraslang te voorschijn zou komen. Net zoals bij de Indische fakirs. Een dot die zo groot was als de rieten mand waar die slang er wiebelend komt uitgekropen op de tonen van een fluitje.  Overigens was dit een zeer vriendelijk ogend mens. Zeker geen grijze muis ! Ze glimlachte constant maar het kostte me moeite om mijn ogen van dat kapsel afgewend te houden. Gelukkig beschikken onze kaartjesknippers over een ander soort fluitje en hield haar kapsel geen enkel risico voor de gezondheid in.

In Kortenberg aangekomen was er al direct veel animo te bespeuren. Iets verderop op het sportcomplex Colomba werd er een scholencross georganiseerd tussen de lokale lagere basisschooltjes.  Enkele straten waren al afgezet voor het verkeer. Tot aan het station kon je de joelende kinderen horen. Ik ben even gaan kijken …. die mannekes hadden zichtbaar de dag van het schooljaar. Ze liepen zich de ziel uit het lijf, aangemoedigd door hun leerkrachten. De animator van het spektakel speelde vlot in op het enthousiasme van die bengels en liet meermaals zijn luidspreker galmen met de boodschap dat niet iedereen winnen kon. Hij voegde er meteen aan toe dat degenen die minder snel konden lopen beslist andere capaciteiten hadden. Knappe hint van die leerkracht. Vroeger was die aandacht er helemaal niet. Althans toch niet in mijn school.

Na dit korte intermezzo kon de stappret beginnen . Het begon al direct op hoog niveau. Dwars door het Plantsoenbos. Glibberige paadjes, beetje waaghalzerij om beken over te steken aan verdwenen of vergane bruggetjes, omvergevallen woudreuzen die het pad tot op ooghoogte versperden, modderpartijen, héwel het plaatje was compleet. Een kleine 2 km viel me dit scenario ten deel en kon ik er pret aan beleven. De Prinsendreef, moest overgestoken worden voor het vervolg. Pech, het pad dat ik had getekend liep los door het prinselijk domein van de ‘de Merodes’. Dit was een grove fout van me want het terrein van blauw bloed mag niet door het plebs betreden worden. Midden in dat Plantsoenbos kwam ik een grafzerk tegen van zo een Merode. In 1848 daar in dat bos gestorven in de armen van zijn zoon. Onderaan de grafsteen staat er gebeiteld : "Notre premier devoir et celui de l'exemple". Nu is het aan jou !!! Dit even terzijde maar dat ik geen toegang had betekende dat er een serieuze omweg moest gemaakt worden. En het werd er een stevige langs  Everberg, Meerbeek en Erps Kwerps. Deze omweg leverde me wel een zalig picknickplaatsje op. Ja daar zat ik nu in mijn ééntje met m’n fles wijn, m’n olijven, paprikas en een hele saucis. Ik was juist m’n tafel aan het dresseren toen een fietser op jaren er kwam aangereden. Die lustte wel een glazeke wijn en een olijfje. Zet U erbij meneer en pak maar weg ! Hij had ook op Santiago gelopen met vrienden. Vanuit Lugo, de laatste 100km en met bagagetransport. Hij vond het enig ! Het weze hem gegund maar hij heeft veel gemist volgens mij. Zijn voorkeur ging nu echter uit naar de e-bike waar hij dagelijks wat toertjes mee afritste. Hij wees me hoe ik in Herent moest geraken. Via de fietsknooppunten … 73, 36, 24, 12 en nog wat oneven cijfers was dit volgens hem een fluitje van een cent. Dat was voor mij wat te veel om te onthouden. Minzame man. Een 3de glas wijn sloeg hij beleefd af want hij zou daarmee lood in zijn benen krijgen. Een aangenaam babbeltje was dit maar na een halfuurtje was ik ook daar repen snijden. De bokes waren wijlen. Een knap parcours volgde nu door holle wegen, weelderige bospaden  en mooie weilanden. De paden waren vrij goed begaanbaar maar hier en daar moest ik wat compenseren bij afgesloten paden. Ondermeer bij een privaat terrein omdat er een beeldententoonstelling werd gehouden. Ook verdenk ik her en daar eigenaars dat ze zich onrechtmatig openbare weg toeëigenen. Je weet het dus niet.
Veltem Beisem kwam in zicht en ik zat meteen in heuvelachtig gebied. Erg mooi met weidse zichten en wat me opviel was dat de herfst nog niet met haar offensief begonnen is. Nog veel groen viel er te spotten. Zowel in het bos als in de velden.
Om 3 uur stond ik al in Herent. Dat is dus vlug vooruit gegaan. In gezelschap stop je als eens vlugger aan een kroegje maar ik was alleen en dan smaakt het me zo niet. Vandaar dat het een korte dag werd. Jammer dat de maten er niet waren want dit was wellicht één van de laatste dagen waar het weer nog meezat. De dagen worden korter, 's morgens en 's avonds al iets frisser ... we gaan weeral bergaf. Ik hou het hierbij want mijn inkt is op 😇.

vrijdag 20 september 2019

De Heide - Tussen Wildert en Kapellen


Na het afwikkelen van m'n Floris V pad kon ik de wandeldraad vervolgen met het wekelijkse wandelingetje. Eerst was ik zinnens om met de stapmaten het stukje Steenbergen - Bergen op Zoom nog af te werken. Bij voortschrijdend inzicht ... een term die politiekers graag gebruiken om hun bochten van 180° te vergoelijken ...  heb ik deze intentie laten vallen. De vervoerskosten in NL en het minder mooie parcours, het merendeel langs fietspaden, hebben in die afweging meegespeeld. Ik loop het nog wel eens alleen. Nochthans levert een kennismaking met het Nederlandse openbaar vervoer een aangename ervaring op. Stipte en nette treinen en bussen, uitvoerige informatie op digitale borden aan haltes, piekfijne en betaalbare Park & Rides en ga zo maar verder. 

Het contrast met ons openbaar vervoer is groot en wordt nog het best getypeerd in het station van Roosendaal. Aan perron 1 vertrekt en komt er een trein aan van de NMBS. Deze rijdt het traject Roosendaal - Puurs en omgekeerd. Die staat daar zo ongeveer een klein halfuurtje na aankomst aan een spic en span perron te pronken vooraleer hij terug vertrekt. Het is een zeer merkwaardige trein die je daar aantreft. Opvallend alleszins tussen al die mooie Nederlandse locs en wagonnetjes. Het is een trein met een danig afgeleefde en verweerde kleur, op amateurniveau volgespoten met grafitti en met vensters waar je nog amper door kunt kijken. Over het interieur doe ik geen uitspraken  want dat laat zich raden. Jawel, het is een Belgisch treinstel. Moest ik bestuurder zijn van de NMBS, het schaamrood op mijn kaken zou de kleur van deze 'internationale'  treinstellen nog doen verbleken.   Ik begrijp het niet.  Dat ze zulk een wrak durven etaleren bij onze Noorderburen is een onvervalste schande.  
Maar goed, de NMBS roeit met de riemen die ze heeft. Ik parafraseer hier even de woorden van een kopstuk van een politieke partij. Een man die zich eveneens beroept op een vooruitschrijdend inzicht.  

Naar Wildert dus met de Ronny, Catsjoe en de Marc. Prima weertje en een geweldig mooi wandelgebied. Ik ben er zowaar in geslaagd om het gehele trajectje tussen Wildert en Kapellen op onverharde paden uitgestippeld te krijgen. Mooie wandelpaden langs bos en heidegebied. Weinig volk op de been en de heide lag er rustig bij alsof ze in berusting kennis had genomen van het begin van de herfst. Het Stappersven lag er onder een strakblauwe hemel magnifiek bij.  De ganzen zullen er weldra vertrekken. De cirkel van het leven kan zich weeral voltrekken. 

De heropstart van de wandelingetjes mocht best gepaard gaan met een gezellig barbecuetje onderweg. Ja zoiets wordt steeds door elkeen toegejuicht. De Ronny had hiervoor een wegwerpbbq'tje meegebracht. Waar we minder rekening mee hadden gehouden was het feit dat het simpele aansteken van nog maar een lucifer daar in dat  heidegebied je duur te staan kan komen. Even werd de waterrand van het ven nog in overweging genomen maar het zou niet verstandig geweest zijn. De bemande uitkijktoren midden in het heidegebied liet hierover geen twijfel. Het hele gebied kan overschouwd worden met het doel beginnende brandhaarden te spotten. Iets verder en buiten het reservaat konden we een nieuwe poging wagen aan een bankje in bewoond gebied. Voor alle veiligheid ging de Ronny eens polsen bij een buurtbewoner. 'Niet doen !' was zijn advies. Een BBQ'tje in zijn tuin kon nog net maar stook geen bladeren op in je hof want binnen de 5 minuten staan er 4 brandweerauto's voor je neus en de kosten zijn gepeperd voor zo een onnozel 'vuurke stook'. 

Met wat geïmproviseer zonder vuur hebben we toch nog kunnen eten. Iets verderop lag het bezoekerscentrum 'De Vroente' waar er een tiental picknicktafels staan en daar hebben we dan ook dankbaar van gebruik gemaakt. Het centrum ligt aan de hoofdingang van de Kalmthoutse Heide. Er worden regelmatig cursussen rondom natuurbeheer gegeven en vanaf daar vertrekken er verschillende bewegwijzerde wandelpaden doorheen de vele karakteristieke heidelandschappen. De Marc had wat komkommers en tomaten bij uit zijn hofke, ik wat witte pensen, de Ronny voorgebakken kippeboutjes en Franse stokbroden .... het gerookte varkenshaasje kon hij terug mee naar huis nemen. Fleske wijn erbij en voilà, we hebben dus geen honger geleden. De wandeling was zo voorbij. 20 paaltjes in een prachtig gebied. Prachtig, dat wel maar de regeltjes in het gebied, alhoewel nodig en begrijpelijk, zijn er voor mij iets te veel aan. Honden worden deels geweerd, paden worden her en der afgesloten, zwemmen in het ven is verboden ... geen vuur maken, ook als het bakken regent ... ik heb er zeker begrip voor maar het wringt toch wat. 
Aan de statie van Kapellen hebben we nog een tripeltje soldaat gemaakt. De Marc ging van hieruit te voet naar huis en wij spoorden vrolijk naar huis met de oogverblindende promotietrein van onze NMBS, de Roosendaal - Puurs. Binnen gezeten in deze trein viel het wansmakelijke uiterlijk zo niet op.  
🚂🚂🚂. 



zondag 1 september 2019

Floris V pad.

Zo, tot 14 of 15 september ongeveer stap ik het Floris V pad. Zie blog hiernaast.

Txs voor het volgen.