dinsdag 8 maart 2016

Ronse, de Koninging der Vlaamse Ardennen in het Zuid Vlaamse Heuvelland.

Er vroeg uit vandaag. Halfzes, nog even omdraaien in de slaapstee en dan eruit voor de wekelijkse afspraak met de staptrawanten. Op het duizendste gemakske heel stillekes wakker worden, eerst de éne en dan de andere oog opendoen, een stortbaddeke nemen (wat een zalig oeroud Antwerps woord dat refereert naar de stedelijke badvoorzieningen van weleer voor Jan met de pet en gezin), aanpelsen, nog wat boterhammekes smeren, een paar fleskes wijn selecteren, rugzakske operationeel maken en here we go. Naar het Oost-Vlaamse Ronse.
Tegen 7 uur verwachtte den Hugo me voor een taske koffie. In pyama kwam hij voor mij de deur opendoen. 'Toch niet ziek ?' was mijn vraag maar den Hugo verzekerde me dat dat niet het geval was en dat er nog tijd genoeg was. Hij had al zijn gazet gelezen in afwachting van mijn komst. Ik herken de modus operandi van een mens die zijn pensioenstatus ernstig neemt. Tijd genoeg dus voor nog een kommeke koffie en rond halfacht, den Hugo was ondertussen al helemaal opgetuigd, konden we in Temse de trein opspringen richting onze bestemming. In Sint Niklaas konden we den Angelo, de Catsjoe, de Marc en de Ronny vervoegen. Hiermee was het gezelschap compleet. Goedgemutst samen op de trein, grappend en zwanzend op weg naar Ronse. Een groot verschil met de minderbedeelde medereizigers kwa vrijheid die hun dagelijkse brood moesten gaan verdienen. Het is geen wonder dat het vooruitzicht op een slopende werkdag hen minder vrolijk stemt. Omstreeks 10 uur stapten we af in het stationneke van Ronse. Dit stationneke meet zich de titel aan het oudste station van West Europa te zijn. 150 jaar geleden werd het steen voor steen afgebroken in Brugge en terug opgebouwd in Ronse. Het beloofde een mooie dag te worden.





En, wat een prachtige dag is het geworden zeg !!! Het weer zat mee ondanks de soms loodgrijze regenwolken die met regen dreigend de hemel ontsierden. Toch viel er hier en daar wat blauw in het uitspansel te bespeuren en af en toe konden enkele prille zonnestralen je wat warmte bezorgen. 

Ronse, in het Frans Renaix, is een stad en eveneens faciliteitengemeente in het Zuid-Vlaamse heuvelland. Ze is beslist een bezoekje waard. Ik was er voor zover ik het me kan herinneren nog nooit geweest. Een stad, balancerend op de taalgrens en badend in een fascinerend groen landschap.  

Rotnace, zo werd Ronse voor het eerst vermeld in geschriften die dateren uit de 9de eeuw. Het achtervoegsel 'acum - ace' zou wijzen op een vestiging van Keltische oorsprong. Nabij de Ronne gelegen, een rivier, zou de oorsprong van de benaming Ronse geduid kunnen worden als 'Vestiging aan de Ronne'.  De eeuwen daaropvolgend voorzag de geschiedenis Ronse van een rijk en woelig bestaan. Platbranden, revoluties, beeldenstormers, calvinistisch bolwerk, tirranie en noem maar op. In een recentere geschiedenis zou Ronse uitgroeien tot een toonaangevende stad in de textielnijverheid.

In een grote lus vertrekkend vanuit het station en wandelend in tegenwijzerzin zou de wandeling na een kort stadsgedeelte ons doen aanbelanden in het Muziekbos. Vele mythen en sagen vinden hun ontstaan aan de raadselachtige sfeer waarin dit bos zich nog tot op heden hult. Het bos heeft trouwens niks met muziek te maken. Het stukje 'Muz' in haar omschrijving betekent in het Keltisch een moerassig stuk grond dat tussen vijvertjes ingebed ligt. 

Een bezoekje aan de lokale ambachtelijke brouwerij 'Keun' enkele kilometertjes voorbij de start viel in het water wegens gesloten. Dan maar een beetje verder trekken richting Muziekbos. Het uitzicht op het heuvelend landschap was adembenemend en al vlug werd werden we het gewaar in onze benen. De klim naar de Muziekberg was de moeite. Door de overvloedige regen van de laatste dagen waren de wandelpaadjes er naartoe herschapen in glibberige slijkbaantjes. Den Hugo was hierop voorzien en had zijn nieuwe wandelstokken meegebracht. Die bewezen hem een goede dienst. Dat hadden we beter allemaal gedaan want het was één aaneenrijging van uitschuivers op die slijkerige klimpaadjes. Onderweg naar boven werd er geweldig genoten van de ons omringende indrukwekkende panaromas. Een magistrale plek is het daar in dat bos. Boven en rondom de top werden er destijds 17 grafheuvels of tumili uit de Bronstijd ontdekt. Dat wijst er dus op dat in de periode van 2100 tot 1200 voor Christus er al sprake was van een permanente nederzetting. In 2 tumili werden er zelfs in urnen crematieresten aangetroffen. 
Op de top kom je daar ook de geuzentoren tegen. In de 2de helft van de 19de eeuw was het 'Bon Ton' dat gefortuneerde stedelingen zich folietjes verschaften in de aard van het neerzetten van bizarre romantische bijgebouwtjes rond de stad. Deze toren werd gebouwd door M. Scribe, destijds een succesvol bouwheer. De toren werd een ontmoetingsplaats voor kunstenaars van allerlei slag. Op deze toren verkreeg de streek haar doopnaam 'De Vlaamse Ardennen'. In 1888 stonden hier op de toren Omer Wattez en zijne maat de dichter Pol de Mont te genieten van de prachtige omgeving. Hier zou Pol uitgeroepen hebben 'Maar dat, dat zijn de Vlaamse Ardennen' en sindsdien kreeg de regio dit troetelnaampje toebedeeld. Dat wist ik nog niet. We reizen daarom om te leren. In ons geval betreft dit het wandelen.

Dat bos biedt echt een schouwspel voor de natuurliefhebber. Maar in de maanden april en mei zou het bos op haar mooist zijn. Blauwe kousjes of boshyacinten zouden dan op de hellingen voor een betoverend blauw tapijt zorgen. Jammer, hiervoor waren we nog iets te vroeg op het jaar. Maar we kunnen er nog altijd terugkomen.
De klim naar boven was nog enigszins te doen maar het afdalen werd al iets riskanter. Glad, glibberig en steil. Je zou bij de geringste onachtzaamheid zo op je smoelwerk belanden. Gelukkig waren er hier en daar de neerwaartse paadjes voorzien van rampen en loopvloertjes. Dat scheelde zonder twijfel enkele valpartijen. 

De honger begon ondertussen al wat te knagen. Iets eerder hadden we aan die geuzentoren onze zinnen gezet op een picknick maar de hardnekkige wind deed ons anders beslissen. Op de IJsmolenhoeve, onderaan de berg, mochten we gebruik maken van haar picknickplaats om onze bokes binnen te spelen. De sympathieke uitbater zorgde op ons verzoek voor het nodige spoelwater. Het streekbiertje 'De Quintine' werd door hem aangeprezen. Een sympathiek fleske met een stenen kantelstop en een etiket waarop een toverkol op haar bezem prijkte deed de nieuwsgierigheid naar smaak en ambachtelijke brouwkunst enkel maar toenemen. Lekker spul en den Angelo had ervoor gezorgd dat de aperitief niet zou ontbreken ! Kaas en bierworstjes  ... een complete verwenning. We gaan nog niet naar huis bijlange ni, belange ni ... Wel zijn we nog even in de gezellige onthaalblokhut binnengesprongen om even op te warmen. Even begon het te miezeren en dat bezorgde ons iets te veel afkoeling tijdens het stilzitten bij de picknick.
Nog een 12 tal kilometertjes vielen er te ondernemen. Onderweg lag de paalcamping van het Muziekbos op het parcours. Mijn rugzakske heb ik daar wat lichter gemaakt en 2 fleskes witte wijn moesten eraan geloven om ook de 'digestif' zijn plaats te geven. Den Hugo had in een lekkere chokoladecake als dessertje voorzien." Super gezellig ! 't Leven is een kinderhemdje, kort en bescheten " is een zegswijze die we tijdens onze wandeluitstapjes graag alle geweld aandoen.
Op nog enkele modderpaadjes na konden we nu over betrekkelijk goed begaanbare wegeltjes lopen. Langs weiden en bospartijen, mooie hoevetjes en weidse vergezichten werd er verder gekuierd tot aan de stadsrand van Ronse. Een stop onderweg werd er noodgedwongen nog ingelast om een 'Ename Triple' te degusteren. 't Werd al tegen de klok van 4 uur aan. De uitbaatster was enigszins verbaasd en moet ons ongetwijfeld zot verklaard hebben dat we deze lekkernij op het terras wilden degusteren. Met zo een graad of 4°C buiten moet haar vermoeden dicht bij de waarheid aangeleund hebben. Ze was blij dat we de bestelling opschreven en deze haar binnen bezorgden. Dat bespaarde haar de kou en tegelijkertijd kon ze naar de koers Parijs - Nice blijven kijken op haar TV. De koerswereld zit er ingebakken bij die Vlamingen daar. Flandriens in hart en nieren. Wie neemt er hen dat kwalijk ?  En wat vervolgens die Ename betreft, die mag zich gerust een zoveelste mirakel van de brouwkunst noemen. Verder naar de stad nu.

Ik had de trip zo uitgestippeld dat we de Sint Hermescrypte zouden voorbijlopen. Deze crypte beroemd er zich op de mooiste crypte van West Europa te zijn. Jammer genoeg was ze op dit uur reeds gesloten. Sint Hermes is de patroonheilige van de stad en deze kerel wordt aanroepen voor de genezing van zenuw- en geesteszieken. Onze voorkeur om terrasjes te doen bij kwasi vrieskou zou bij een bezoekje aan deze vrome man misschien wel verdwijnen. Nog even langs de Grote Markt gepasseerd en de statie kwam al terug in zicht. Het liep ondertussen al tegen 7 uur aan. 
Met een laatste pintje in een cafeetje aan de overkant van de statie, dit in afwachting van de trein, kon de wandeldag beklonken worden. Prachtige belevenis weeral in een tof gezelschap. Veel humor en verfijnd afgemeten doch niet ondermaatse spotternijen zorgden ervoor dat er weer heel wat werd afgelachen. Het zou zo alle dagen moeten zijn. Maar helaas, niet alleen plezier en leut maken verdienen hun plaats in ons vergankelijk aardse bestaan. Ook andere zaken eisen hierin hun plaats op. Terecht trouwens.
Tijdens de terugrit naar huis werd het wedervaren van de dag nog eens teruggespoeld. Deze verdiende een positieve evaluatie.
Bedankt mannen voor deze geweldige dag. Er moeten er daar nog meer van komen. Daarom kunnen we weeral plannen maken. Ik heb nog een wandeling in 't vet liggen onderaan Eeklo. Een wandeling in de vallei van de Oude Kale straalt alleszins veel mystiek uit. We zien nog wel.

Et voici ma chère copine pèlerine Arlette, je tiens ma promesse.





Naar foto-album : Album Ronse

zondag 6 maart 2016

Kessel - Tussen de Kempen en de vallei van de Kleine Nete. Altijd mooi

Het wandelaanbod was niet spectaculair groot verleden week zondag. Hooguit 4 wandelingen stonden er geprogrammeerd waarvan er 3 in het Walenland hun beloop zouden kennen. De 4de was in Hofstade en het Blosodomein. Die hadden we voor kort reeds gelopen. Deze zondag was het aanbod iets gevarieerder en het was in Kessel, een dorpje in de zuiderkempen waar de lamp zou aangestoken worden en branden. Weinig opkomst deze keer van mijn vrienden zondagsstappers. Sommigen vreesden een kater vanwege een feestje daags voordien, een ander stel lag in het zonnetje op Tenerife en enkele anderen die zouden komen opdagen heb ik, totaal verrast als ze waren om 10u uit hun bed gebeld. Veel te laat dus om nog werk van een wandeling te maken. De Walter, de enige dappere stapper, die was wel op tijd aan het appel. Helaas, hij was zijn stapschoenen thuis vergeten en moest rechtsomkeer maken. 30 km voor niets gereden. 
Dan maar alleen er op uit en van de nood een deugd makend kon ik de naar gewoonte te stappen afstand van 12km bij deze ietske langer maken. Het werden er dubbel zoveel. Prachtige trip. Mijn compliment gaat dit keer uit naar de Merksemse Wandelclub. Mooi bepijld met weinig 'Goudron', veel natuur en prima rustposten. 


Er kon gekozen worden tussen 6,10,15,21,24 en 31 paaltjes. Deze van 24 sprak me het meeste aan. Kesselse Heide, Stukje Kessel Fort, het jaagpad aan de Grote Nete, het Elzenbos en het Soldatenbos werden daarin aangelopen. 
Bij de inschrijving liep ik nog een ex-collega op rust tegen het lijf. De Ludo godbetert. Hij verzorgde de inschrijvingen. Een job die volgens mij op zijn lijf geschreven stond. In zijn beroepsleven was hij hoofdmagazijnier. De beroepsernst waarmee hij destijds zo secuur te werk ging in aanmerking genomen, en deze ondertussen niet is verleerd, dan ben ik er zeker van dat de Merksemse wandelclub een waardevol clublid onder zijn vrijwillige medewerkers telt. 
De start werd gegeven aan het parochielokaal van Kessel Statie. Van hieruit ging het richting Kesselse Hei. Een provinciaal domein van 43 hectare groot. Het ligt deels met heide-veen op de grens van de Kempen en deels op de alluviale gronden van de Kleine Netevallei. Er worden schapen op uitgezet om ongewenste gewassen en grassen op natuurlijke wijze te elimineren. Een waardevol natuurgebied met poelen, vennen en heide. Oorspronkelijk bestond de bebossing uit berk en eik maar door houtkap en afbranding verdween dit bos stelselmatig en ontstonden er grote stukken schrale grond, een ideale voorwaarde voor het ontstaan van heidegrond. Je treft er de ronde zonnedauw aan, zandzegge en het pijpenstrootje. 

Met de afwerking van de fortengordel rond Antwerpen voor de 1ste wereldoorlog werden opnieuw alle bomen gekapt om het zicht tussen de forten Kessel en Broechem te vrijwaren. Slechts één boom mocht er blijven staan om de grens tussen Kessel en Nijlen aan te geven. In 1920 werd opnieuw met de bebossing van wal gestoken maar in de 2de wereldoorlog moest het bos er opnieuw aan geloven. De reden hiervoor was de brandstofvoorziening voor de verwarming van soldaten en bevolking. Ook die éne boom werd toen ontzien. Nu bestaat het geboomte hoofdzakelijk uit grove den.

Over het Fort van Kessel, dat nadien aan de beurt kwam in de wandeling, heb ik al eens wat verteld in het relaas van 8 januari '15 op deze blog. Altijd indrukwekkend zo'n militair bouwwerk. Nu doet het dienst als recreatieoord voor de hengelende medemens. 
Voor mij liep er al geruime tijd een kerel, ik schat zo rond de 70 jaar oud, die eerder een vriendschappelijk klapke was begonnen met een toevallig passerende dame. Het volume van dat klapke was dermate hoog dat ik zijn betoog van naaldje tot draadje kon volgen op wel 25 meter afstand. Toen een wandelend koppel op hun beurt hen voorbijstaken met een hondeke kreeg het gesprek een hele andere wending. Dat beestje luisterde geen fluit. Dat bracht hem ineens ertoe om zijnen hond tot gespreksonderwerp te maken. Amusant hoe hij de kwaliteiten van zijn viervoeter, een Duitse herder, aanprees bij zijn tijdelijke wandelgezelle. 'Drij dinge moet hum kunne en da leer ek hum alle doage'. 'Direct luistere, speure en bijte verdoeme'. Om dit laatste kunnen van zijnen bobbie alsook de woorden wat kracht bij te zetten greep hij die madam bij haar arm vast. 'Bijte, zo zie, bijte op den apache' ... 'Voelde da madammeke ?' en daarbij neep hij in dat mens haren arm nog wat harder totdat ze een schrik pakte. Ik heb zelden iemand zo rap van tred zien veranderen. Enigszins beduusd staarde hij het mens achterna. Blijkbaar viel zijn manier van converseren niet in goede aarde bij haar. Het klapke was ineens afgelopen. Ik heb de dame in kwestie niet meer teruggezien. Ook niet op de rustpost waar ik ondertussen aanbeland was om mijn schoofzakske aan te spreken. Lang heb ik er niet gezeten vanwege het gebrek aan compagnie. Eens dat mijne Westmalle Trippel en mijn bokes opgesoupeerd waren ben ik vlug terug vertrokken.  

Het Elzenbos was het volgende bos in de planning. Hier heeft de afdeling Wielewaal van Natuurpunt weer prachtig werk geleverd. Door de aanplanting van exoten zoals Canada's en Italiaanse populieren en het ontbreken van een efficiënt natuurbeheer verruwde het omliggende landschap met de jaren. De afgevallen bladeren van deze bomen bedekten de eens zo faunarijke poelen en veranderden deze in stinkende waterplassen. De sliblaag verstikte het water en de bloemrijke graslanden rondomrond. Met vele vrijwilligers werden de poelen uitgebaggerd, de oevers met het overwoekerende struikgewas gekapt en een deel van de exoten verwijderd. Men spreekt van een verbluffend resultaat omdat er nu terug een populatie van waterjuffers, libellen, vlinders en amfibiëen aan te treffen valt. Proficiat voor deze vrijwilligers hun inzet. Dit maakt het nog een beetje prachtiger wandelen hier in Kessel. Daarom, degenen die vanmorgen ontbraken op het wandelappel hadden wreed ongelijk. 

Daar waar het op de 1ste lus in de Kesselse Heide bijna een overrompeling werd van de wandelaars was het op de 2de lus, 21 km en meer, langs het jaagpad van de Nete en zo naar het Soldatenbos verrassend rustig. Bijna geen wandelaars meer en dat doet me vermoeden dat de meeste wandelaars toch voor de kortere tripjes kiezen. Geef ze maar eens ongelijk ! Rustig aan blijft de boodschap. En vooral genieten van de natuur, de wolken bestuderen die grillige figuren afdrukken in het zwerk, de geuren opsnuiven van het bos, de beestjes beloeren in de natuur. Alles gratis voor niets. 
Op die langere stukken steekt er af en toe wel eens zo een laagvlieger voorbij maar daar moet ik hartelijk om lachen. Ik vraag me telkens af wat hun bezieling is om zulke mooie wandelingen in sneltreintempo af te haspelen. Alsof het een marathon is. Binnenkort is het de Legend's Trail. Daar zouden ze zeker hun hart kunnen ophalen. 250 km non-stop in het zuiden van België, af te haspelen in 60 uur met maar 5 rustposten en waarbij je 40 uur in de duisternis van de Ardeense wouden loopt. Niks voor mij trouwens .... 
Het soldatenbos nu ! Dit voormalig militair domein, 19 ha groot, werd aangekocht door het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Enkel de wandelpaden worden er onderhouden maar er zullen verder geen bomen gekapt worden om open ruimten te scheppen. Ook recreatievoorzieningen blijven er uit den boze. Het zal een vrijloopbos blijven waar je tevens je hond onaaangelijnd mag in laten loslopen. De stelregel geldt hier dat de natuur hier vrijelijk haar gang mag gaan. Dat moet af en toe ook al eens kunnen.

Tegen een een uur of 4 was de zaak rond. Nog enkele kilometertjes via het achterland van Kessel en aangekomen aan mijn autoke kon ik mijn slijkbottinnekes opzij zetten. Weeral een mooie dag ! Kwa georganiseerde wandeling was dit beslist al de mooiste. En, op enkele stevige maar korte buitjes na was het een ideaal stapweertje. Op naar de volgende .... dat wordt Ronse in de Vlaamse Ardennen. En deze keer zijn we voltallig ! Met 6, ikke, de Ronny, den Angelo, de Catsjoe, de Marc en den Hugo. Den Hugo had nog eens zin en voelde het kriebelen. Met z'n tocht naar Rome in 't vooruitzicht wordt deze toer in heuvelend Vlaanderen een hele goeie oefening.





Naar foto-album : Album Kessel

maandag 29 februari 2016

Een wandelrondeke in het Meetjesland : Wachtebeke

De weersvoorspellingen voor de komende dagen waren niet van die aard dat onweerstaanbare dwang weerhouden zou kunnen worden bij het maken van  enkele uitbundige vreugdesprongen omwille van het mooie weersvooruitzicht. Eerder bokkensprongen maar naar verluidt zou maandag nog een dagje bij uitstek kunnen worden. Een schrikkeldag nog wel ! De stapmaten sloegen deze week over dus moest er niet op elkaar afgestemd worden. Enkel met het weer diende dus rekening gehouden te worden en daarom viel er geen risico te nemen met uitstellen naar een latere dag op de week. Vlug alles bijeen gescharreld, nog rap een schoofzakske ineengeknutseld en de deur uit. Hop en de hort op. 
Voor even toch want ik was mijn bottienen vergeten mee te pakken dus kon ik na een 10 tal kilometertjes al terug keren. 'Wat het hoofd vergeet moeten de benen bekopen'. Dat wordt er al eens beweerd maar in mijn geval waren het de wielen van mijne auto. Rond halfelf stond ik aan de St. Catarinakerk van Wachtebeke, klaar voor een toerke van een kleine 20 km in het Meetjesland. 



Het Meetjesland is een regio die in het noordwesten ligt van de provincie Oost-Vlaanderen. In het noorden begrensd door Zeeuws-Vlaanderen, het westen begrensd door de provincie West-Vlaanderen en in het zuiden en het oosten door de stadsgrenzen van Gent en het Waasland. Een hele boterham voor een officieel erkend Vlaams regionaal landschap. 

Eén van de meerdere verklaringen voor de benaming Meetjesland zou teruggaan tot in de tijd van onze Keizer Karel V. Gezien deze majesteitelijke verschijning gezegend was met een overgezond seksueel appetijt verstopten de inwoners van de streek hun jonge dochters tijdens zijn doorreizen naar de keizerlijke stad Gent. Alleen oude vrouwen bij het open raam aan hun spinnewiel sierden het straatbeeld. Dit ontlokte bij hem de gedachte dat er in de streek enkel 'Meetjes' woonden, vandaar Meetjesland. Nu nog wordt een oud moederke in het dialect daar een meetje genoemd.  

Vanuit het dorp ging het richting het Langeledekanaal en dit moest gevolgd worden noordwaarts naar Nederland toe. Dit 5,5 km lange kanaaltje tussen de moervaart en de Nederlandse grens werd 700 jaar geleden uitgegraven voor het vervoer van turf, zand en beer. Nu ligt er alle economische activiteit stil en de flora van deze waterloop komt stilletjes aan terug in harmonie met de omringende natuur. De trekwegen van weleer die naast het kanaal liepen bieden nu uitgelezen fiets- en wandelpaden. 

Het was vrij fris nog deze morgen. Iets boven het nulpunt maar de gevoelstemperatuur lag er iets onder vanwege de stugge noordoostenwind. Die wind zorgde ervoor dat een mutske op uwe kop geen overbodigheid was.  Na een uurke stappen kwam ik al ter hoogte van het aan de linkerkant van de Langelede liggende Kloosterbos. Een paar kilometerkes kon ik ervan proeven. Eindelijk nog eens een bos dat volledig toegankelijk is. 8 kilometer aan paden zijn er in getraceerd en 9 hectaren zijn speciaal voorzien van speelzones voor de kinderen. Een zeer mooi bos met dennenaanplantingen en vrij droge zandgrond waar struikheide welig tiert. Een irritante stoorzender daarentegen is de E34. Dat mag vernoemd worden. Na een tijdje begin je toch enigszins op dat constante geroezemoes, veroorzaakt door het snelwegverkeer, te letten. Misschien is het in de zomer iets minder bij een dichtere bebladering en wat meer kwelende vogeltjes.  Wie weet ?

Halverwege het Langeledekanaaltje ben ik dit terug overgestoken aan een bruggetje en daarna richting Heidebos geteend. Onderweg nog een zijsprongetje gewaagd in een gemengd bos waar ik op een bankske mijn bokes heb aangesproken. In dit bos ben ik de eerste mensen tegengekomen. In het kloosterbos daarentegen was er geen kat te bespeuren. In de verte kwam er een kerel aangelopen met 2 honden. Ne middelgrote en nog een puppieke. Die hadden de worstjes in mijne schoofzak geroken denk ik want ze stormden op me af. De eigenaar van deze viervoeters was verdorie een Syriër. Komt dat tegen ! Vriendelijke mens en hij verontschuldigde zich voor het onstuimige gedrag van zijn beesten. Ochgot, met een worstje waren die beestjes content. 't Waren nu wel varkenssaussiskes en daarom hoop ik maar dat de mens niet gezondigd heeft tegen de wetten van zijne Profeet.

Het Heidebos is een patchwork samengesteld uit naaldbos, heide, schrale graslanden, dreven en verlaten akkertjes. De stikzomen die al die lappen bijeenhouden zijn prachtige zandwegels  die slingerend door het bos lopen. Ook hier geen levende ziel te bespeuren. Eigenaardig genoeg was hier het verkeerslawaai minder te horen. Nochthans lag het ook vlak naast de E34. Wel zouden er Gallowayrunderen grazen maar die heb ik niet bespeurd. Misschien staan ze op stal ? Het ganse bos is afgerasterd opdat ze niet zouden kunnen ontsnappen. Maar met zwaaihekjes heb je op verschillende plaatsen toegang tot het bos. Een bordje in 't bos vermeldde wel de aanwezigheid van een stier. In niet bedekte termen werd er gewag gemaakt van een kolossaal zwart beest. Die knaap zou er voor moeten zorgen dat de kudde wat uitbreiding kent. Nog een bordje betreffende deze runderen waarschuwde voor wandelaars met honden. Deze zijn absoluut niet toegelaten, zowel de wandelaar als zijn beestje. Het Gallowayrund dat gekend is om zijn zachtaardig karakter kan zeer agressief worden bij het zien of ruiken van een hond. Ik wil het niet meemaken alleszins. Men weze gewaarschuwd.

Het laatste stukje van mijn wandeling zou  me vanaf het heidebos langs het jaagpad van de moervaart terug naar mijn karretje brengen. Ook dit is een prachtig stukje natuur. Jammer genoeg, toen ik aan de moervaart kwam waren er aan de overkant een paar onnozelaars bezig met een drijfjacht te houden. Veel show hadden ze bij. Vooraf had ik al een paar keer enkele luide knallen gehoord. Jaja, er bungelden al een paar konijnen aan hun koppelriem. Dat noemt men dan sport. Onschuldige dieren afmaken als tijdverdrijf. Mensdom ... dierenrijk.

Natuurpunt heeft langs de oevers van deze vaart 90 hectaren rietmoeras in beheer genomen. Er worden geleide wandelingen in georganiseerd. Een vrij gevaarlijk gebied als je niet op de hoogte bent. Met hun beheer zijn ze er in geslaagd de populatie van de bruine kiekendief terug aan te zwengelen. De bordjes die je her en der tegenkomt en die de inspanningen van het natuurbeheer verduidelijken maken een uitstap eens zo boeiend. Ik heb al ondervonden op vorige wandelingen dat er velen achteloos aan deze bordjes voorbijlopen. Ze hebben ongelijk want volgens mij hebben deze infobordjes een zeer hoge educatieve waarde. 
En ja, helaas, af en toe tref je in het bos wel eens het werk aan van een sluikstorter. Dat respectloze tegenover de natuur is wraakroepend. Her en der heb ik borden aangetroffen waarin sprake is van camerabewaking. Triestig is het wel dat men in een bos al camerabewaking moet gaan hanteren. Big Brother dringt al door tot in het bos 

Rond 4 uur was het wandelingetje ten einde. Een kleine 20 kilometerkes ben ik zoet geweest met een karrevrachtje natuurpracht. Zo, dat was het weer even. Alleen op stap is ook al eens verkwikkend en volgende week zijn we weer compleet. Ik denk nog eens naar onze Vlaamse Ardennen af te zakken. Daar is het ook schoon :-)

Naar foto-album : Album Wachtebeke

donderdag 25 februari 2016

Stukje St. Antonius Zoersel en het grensgebied tussen Kempen en Hageland : Van Testelt naar Diest


Een heel bescheiden toerke in de Voorkempen van rond de 12 paaltjes moest mijne zondag wat kleur geven. In Sint Antonius-Zoersel, Sintanteunnes uitgesproken in de lokale volksmond, stond er een Aktiviawandeling afgepijld die heel wat volk op de wandelbeen heeft gebracht. Zeker wel 2700 wandelaars, 't kunnen er een koppel meer of minder geweest zijn, soit. In alle geval werd het kwa opkomst een overweldigend succes voor de organisatoren. De Kempense Wandelclub 'De Natuurvrienden van Zoersel' verdient alleszins een pluim. Piekfijne en goed geoliede organisatie, nergens iets op aan te merken. Zelfs wandelfanaten uit Wallonie die met autocars werden aangevoerd waren eveneens op het appel. 't Moet zijn dat de populariteit van de wandelsport wel degelijk aan een opmars bezig is. De naam 'Trappistentocht' zal waarschijnlijk ook wel bij velen de aandacht getrokken hebben. Alleszins was dit de trigger voor ons Meta, wandelmadam en vriendin van het eerste uur, die het tochtje associeerde met een gezonde Tripel Westmalle te consumeren bij de paterkes die het kostbare vocht aldaar in de geburen brouwen. Nog een grappige noot : Het feit dat het 2 paterkes uit Holland waren die het originele recept van het wereldberoemde trappistenbier op punt hebben gesteld, toont aan dat er meer ons bindt dan ons scheidt.☻☺☻


Maar driewerf helaas voor haar want een bezoekje aan de Trappisten was niet opgenomen in het parcours. Afspraak rond 10 uur in de school van Zoersel. In en rond het schooltje was er geen plaats meer om je auto te parkeren. Zoveel volk. Daardoor moest je een klein kilometertje verderop in de straten je geluk wagen. Walter en Adi, Daniel en Elsie, Frans en Lydia met hun hondeke Fientje, Meta en nog 2 sympathieke nieuwkomers : Theo en Lutgart waren al present. Het eerste luske van een kleine 7 kilometer tot aan het eerste rustpunt was zo gestapt. Toch een vrij groot gedeelte aan verharde wegen en bebouwde kom wat iets minder aangenaam was. Het valt wel te begrijpen. Immers, voor zo een massa mensen dient het parcours uitgestippeld te worden in functie van de voorhanden zijnde accomodatie.

Veel gezwansd en gelachen onderweg. Stukjes bospad bewandeld, wat slijkwegeltjes tussen de weiden door, hier en daar een stukje bos. Mooi tripje. In tegenstelling tot de kwakkelberichten over het weer is het de ganse dag droog gebleven. Fientje met haar korte pootjes had het eveneens naar haar zin en konstant hollend achter een weggeworpen takje moet ze wel dubbel zoveel afstand afgelegd hebben. Het beestje was later op de dag uitgeteld. Knikkebollend met haar koppeke, meer slapend dan wakend had ze postgevat op de stenen onder een barkruk in de Meermin, onze vaste stek op zondagavond. Zoe muug as nen hongt. Volgende keer zorg ik wel voor een dekentje.
De stop voor een boke te eten was voorzien in een kapel. Die zat echter proppensvol. Iets verder zijn we dan maar het cafeetje 'De Gremlins' binnengeduikeld. Nog plaats genoeg en het was geen probleem dat we er onze bokes mochten opeten. Meta was kontent dat ze haar Tripel kon boeken. Zei het dan wel in een iets mindere originele omkadering dan verhoopt maar het smaakte haar zichtbaar.  
Nog een korte lus tot het eindpunt van ongeveer 5 kilometerkes en de wandeling zat er op. Nog een voorlaatste drankje aan het startpunt. Fientje zag er nu uit als Moriaantje. Zo zwart as zoet van door al dat slijk te baggeren. Een gezellige wandeling weeral met leuk volk. Noem gerust deze ploeg maar walkaholics. Je hoeft daarbij helemaal niet te blozen.

Het doet me plezier dat de mensen met deze zondagswandelingetjes het nuttige aan het aangename kunnen koppelen en er op de koop toe plezier in scheppen. Wandelen is nu éénmaal ontzettend gezond voor lijf en leden. En dat niet alleen. Ook voor de mentale balans is wandelen heilzaam. Een stukje gepubliceerd in 'Lifehack' vond ik geweldig boeiend. 

Een kort stukje uit de bijdrage : “Nature’s peace will flow into you as sunshine flows into trees. The winds will blow their own freshness into you, and the storms their energy, while cares will drop off like autumn leaves,” wrote John Muir in Our National Parks.
De link : http://www.lifehack.org/363786/doctors-agree-hiking-good-for-your-mental-health?dgs=2

Andere koek nu. Mijn wekelijks wandelingetje met de stapmaten lag al klaar. Een 23km lang wandelingetje vanuit Testelt naar Diest, dit in een grote boog om en wijkend naar het Noorden. Ik had er zorgvuldig op gelet dat er zoveel mogelijk onverharde paden aan bod zouden komen en dat de abdij van Averbode eveneens kon aangelopen worden. 



Den Angelo ocharme moest deze week het werk hervatten en de Marc had eveneens zijn professionele verplichtingen na te leven. De Ronny en de Catsjoe konden, ondanks de grote werkzaamheden aan hun heem, wel meestappen. Bij het uitstippelen van de wandelweg tussen Testelt en Diest merkte ik op dat we verdomd dicht voorbij het huizeke van Greet, een heel toffe ex-collega, passeerden. Greet, ook begeesterd van het wandelen, bereidt zich voor op de wandelmarathon van de 'zotte50vangheel' in mei. Een antwoord op mijn mailtje waarin we ons wandelinitiatief aan haar kenbaar maakten liet niet op zich wachten. Driewerf hoera deze keer, ze offerde er zelfs een dagje verlof voor op om samen dat toerke te stappen. Heel sympathiek !
Afspraak om 8u met de Catsjoe en de Ronny in Berchem Statie en om 10u30 aan het stationneke in Testelt met ons Greet. Geen vertragingen deze keer en Greet stond ons al op te wachten. Stralend, met de big smile en dressed to walk. Het beloofde een mooie dag te worden. En, het mindere weer van de laatste dagen in acht genomen, we hebben er toch nog maar eens de mooiste dag in de week kunnen uitpikken. Beetje pech met de GPS, ik had er een verkeerd spoor opgezet. Daardoor moest de Ronny deze keer de taak van full-time loods op zich nemen. Graag had ik in Testelt een bezoekje aan de middeleeuwse watermolen gebracht, dat viel dus even in het water. Daarvoor had ik nog in 't laat dinsdag een kleine aanpassing gedaan aan het traject. De Ronny beschikte nog over mijn vorige versie en na een 10-tal minuutjes zaten we al middenin het Merodegebied. Een 575 hectare groot natuurgebied dat heel wat te bieden heeft. Graasland voor de schaapjes, akkers, vennen, moerassen, heide en duinen maakten er het decor uit. Het ganse geheel dat doorkruist werd met wandelpaden maakte er een ideale omgeving van om urenlang er in rond te kuieren. Gans het gebied staat onder toezicht van Natuurpunt. Sinds kort is Natuurpunt er in geslaagd de natuurlijke biotoop in het gebied te herstellen. Het is er nu het ideale broedgebied voor de boerenzwaluw die er na een lange afwezigheid is teruggekeerd. Ook zouden er terug liggende vleugeltjesbloemen verschijnen waarvan men dacht dat ze voorgoed verdwenen waren. Iets te vroeg nog in 't jaar om ze al kunnen te bespeuren. Alleszins knap werk van die mannen van Natuurpunt.
De abdij van Averbode die het ganse gebied beheerst ligt op een  punt waar de provincies Limburg, Antwerpen en Vlaams Brabant aan elkaar grenzen. De as van de zware massiefhouten zwenkpoort die toegang geeft tot dit Norbertijnenbastion staat pal op dit 3 provinciënpunt. Een mij welbekend voorkomende geel-blauwe wegwijzer met een santiagoschelp dicht bij deze poort viel me daar ook al op. Geen idee op de welke maar ik zat dus op een stukje Camino de Santiago. Waarschijnlijk een stukje van de Via Brabantia. Van hieruit ging de wandeling naar het klompenmuseum. Hoog tijd om de keel al eens door te spoelen in het aangrenzend etablissement 'Den Eik' met een lokaal biertje. Voor de Ronny een Flierefluiter, voor Greet een Halen en ik had goesting in een Omerke. Na onderwerp geweest te zijn van één der werken van barmhartigheid moest er nog een flink stukske doorgestapt worden over landduinen en heidewegels tot aan onze picknickplaats. Deze vonden we aan de voet van het domein Gerhagen. Een 965 hectare groene long in het uiterste westen van de provincie Limburg. Een prachtig kleurenpalet wordt er in dit stuk natuur ten toon gespreid. Dennenbossen, landduinen, heide, loofwoud, poelen en moerassen, beekjes waar je over moet springen, afgezoomde dreven waar je doorwandelt, zwarte modderige zandgrond onder je bottienen. Voor de picknick had ik enkele fleskes witte wijn meegebracht en de Ronny zorgde voor geconfijte eendenbillen en kinoa met groentjes. Eens opgewarmd en binnengespeeld konden we er weeral eventjes tegen.
Het deed ons ontzettend plezier Greet weer te zien na een lange tijd. Onderweg hebben we dan ook veel kunnen bijpraten. Deze mooie wandeling leende er zich volledig voor. Als we de 50Zottevangheel stappen zal dat misschien minder het geval zijn. Ze loopt verdorie met 6km/u een heel stuk sneller dan ik. 
De dagen zijn al flink aan het lengen. Tegen 6 uur toen we aan de statie van Diest aankwamen was het nog licht. Voor een mooie zonsondergang vast te leggen op de pelicule was het dus nog wat vroeg. Toch zijn we er nog min of meer in geslaagd. In Diest namen we nog een uurke de tijd om deze prachtige wandeldag met een St. Bernardus af te ronden. Ver moesten we niet zoeken naar een kroeg want in de statie van Diest was er een gezellige café gebouwd. De Catsjoe kreeg er al direct een bakske water voorgeschoteld. Smakelijk spul zo een Sint Bernardus, het bier welteverstaan. 
In Testelt namen we afscheid van onze stapvriendin. Tot een volgende Greet ! Bedankt voor de prachtige dag samen.
Nog een uurke sporen tot in Antwerpen en de dag zat er weeral op. De logica van onze Nationale Spoorwegmaatschappij wordt voor mij met dag ondoorgrondelijker. Dit moet je horen ! Voor de Catsjoe moet de Ronny een toeslag van 5 euro of zoiets betalen. Zowel voor een hond als een poes geldt het dat er een geldig vervoersbewijs nodig is. Maar, en dat wist de treinconducteur ons te vertellen, wanneer je uw beest in een mand, doos of zak steekt, wordt je beest als handbagage beschouwd en bijgevolg moet er geen toeslag betaald worden. Straf hé ? volgende keer gaat de Catsjou mee in een zak ! 



Naar foto-album : Album Testelt - Diest

donderdag 18 februari 2016

Une Grande Promenade in Klein Brabant. Bornem, Puurs en Branst

Verleden week zat er geen wandelingetje in de pijplijn. Het was er even het weer niet naar. Regen en wind zouden nog de godganse week het schone weer in de schaduw zetten. Dan maar eens een keertje overslaan. Hondenweer heeft nochthans ook wel haar charme. Vooral na afloop wanneer je je 's avonds lekker onderuit kunt laten glijden in een zetel aan de stoof. Het is dus niet echt een reden om forfait te geven maar droger weer valt wel te verkiezen als je een ganse dag geen dak boven je hoofd hebt. Vandaag halen we de achterstand in met een bezoekje aan Bornem. De grondgebieden van Bornem, Puurs en St. Amands worden samen de streek van Klein Brabant genoemd. Een beetje raar want in het verleden behoorde de streek tot het Graafschap Vlaanderen maar grensde ze wel aan het Hertogdom Brabant. Nu, als de provincie Antwerpen waar Bornem toe behoort ooit wordt omgedoopt tot de provincie 'Midden Brabant' wat me in een historische context wel correct lijkt, zal de benaming 'Klein Brabant' misschien minder vragen opwerpen. 
In de regio van Klein Brabant vallen er vele interessante hoekjes te verkennen. Het scheldeland biedt kilometerslange natuurwandelingen zodat het soms moeilijk kiezen wordt tussen de vele mogelijkheden. De keuze viel deze keer dus op Bornem, grenzend aan de Weert. In de Weert hebben we trouwens ook al een mooi tochtje achter de rug. Het is een prachtig gebied met mooie vijverpartijen te ontdekken door wandelaars en fietsers. 



Om 9 uur was de afspraak aan het stationneke van Bornem. De Ronny, den Angelo en de Marc kwamen met de trein en ik was te laat om nog een trein te versieren. 20 minuutjes rijden met de automobiel en ik was nog ruim op tijd om de aftrap met z'n vieren te kunnen bijwonen. 


Het ritme zat er vlug weer in en na een klein kwartiertje liepen we al het sport en natuurpark 'De Breeven' binnen. Een net verzorgd recreatiecomplex met visvijvers, zwembaden, een klimmuur met gletsjerwand, speelweiden enzovoort. Het park bevond zich nog volop in rustmodus vanwege de winterperiode. Met mooi weer in de zomer zal het er zeker een drukke bedoening zijn. Trouwens, gans het gebied rond en in Bornem bruist van allerlei activiteiten. Bedevaarten, processies, jaarmarkten, grote en kleine kermissen, fakkeltochten, evenementen op de forten, palingfestivals, folkloreweekends en het hoogtepunt mag zeker ook vermeld worden : De 'Dodentocht', een 100km lange voetmars die jaarlijks duizenden sportievelingen en toeschouwers op de been brengt. Een zware onderneming voor de die-hards en die mijn pelgrimsmaat den Hugo al enkele keren met succes aan zijn palmares heeft kunnen toevoegen. 

Ikzelf durf me daaraan niet te wagen maar op 28 mei  worden  'De zotte 50 van Geel', een actie voor het goede doel van 'Walk for Life' gelopen. Daar ga ik het wel eens wagen. Samen met een ex-collega gaan we trachten '50 bornes' te stappen en gaan we voor mekaar supporteren. Dat komt slim, ik ben al ingeschreven zie ! 

http://www.dezotte50vangheel.be

Ik vermoed dat de opbrengst gaat naar het één of ander project rond de zorg voor mentaal andersvaliden. In Geel, een Kempische stad, wordt er al eeuwenlang aan opvang in familiekring gedaan voor mensen met een verstandelijke handicap. De opbrengst zal wellicht deze families ten goede komen.

Richting Fort van Bornem was de volgende stap. Het droevige feit dat de Ronny de Catsjoe zijn gerookte varkensoren en kiekepoten thuis was vergeten noopten ons tot een ommetje langs de Delhaize in Puurs. Van daaruit liep het trajectje via weidepaadjes naar het Fort. Het weer was op zijn best en de uitgestrekte weiden en landwegeltjes scherpten het zalige rustgevoel aan dat een natuurwandeling met zich meebrengt. Het scherpte eveneens het hongergevoel aan en een picknicktafeltje aan de vest van het fort van Liezele nodigde uit tot het bevredigen van de meest essentiele levensbehoefte en dat is namelijk een stukske eten. De Marc had in de vooravond een verrukkelijk lamsstoofpotje met raapjes en worteltjes bereid en er op de koop toe nog 2 flessen wijn bij geassorteerd. De Ronny had nog vlug wat eendenpaté en bessenconfijt gekocht in de voornoemde Delhaize om het voorgerechtje gestalte te geven, den Angelo had een fles met een soort citroenlimonade bij als digistif. Ik zorgde dan weer voor de gebakken krieltjes met rozemarijn. Weeral een openluchtfestijn op een picknickplaatske in putteke winter ! Wie ons zot verklaart zullen we daarom nog niet direct scheef bekijken maar geloof me, het zorgt voor een onbeschrijfelijk moment.
We waren nog niet halfweg dus moest er nog een flink stukske afgewerkt worden. Nu ging het via Oppuurs richting Branst uit. Tussen velden, akkers en weiden en onder een stralend zonnetje keerden we langzaam terug naar Bornem. Genietend van de prachtige natuur, het uitgelezen trajectje en het landelijke karakter van de omgeving werd het nog maar eens een sublieme toer. En dit tot de allerlaatste stap. Een ex-collega, inwoner van Bornem, zou ons op een pintje vergasten op de markt in Bornem. Het is immers fijn wanneer je jouw ex-collega's niet uit het oog verliest. In Café Belle Vue vulde de waard de glazen met de lokale Tripel. Dit gerstenat zag boven de Bornemse doopvont het levenslicht en zou voortaan met de naam 'Bornem' door de dorstige kelen glijden. Lekker maar toch verraderlijk spul. Smaakte naar nog edoch, ik heb er maar ééntje gedronken .... ik moest nog rijden nietwaar ?
Zo, die dag is ook weeral opgesoepeerd. Prachtige ervaring, nog maar eens, met de stapmaten. We kunnen weeral plannen maken voor een volgende uitstap. En zo te zien zal het daar niet bij blijven.


Vanmorgen zat er een brief in de bus van Arlette, mijn lieve pelgrimsvriendin op de Via de la Plata uit Lyon (Fr). In mei mag ik haar een bezoekje brengen in 'Puy en Velay'. Daar ligt het startpunt van 'La Voie du Puy en Velay' dat je naar St. Jean Pied de Port in de Pyreneën leidt en van daaruit naar Santiago de Compostela over de Camino Frances.  Samen met een kennis gaat zij daar een tiental dagen de pelgrimsgite runnen als hospitalera voor de pelgrims en ik krijg het voorrecht haar daar te mogen gaan bezoeken. Ik ben van zin om daar enkele hikes uit te stippelen in het Centraal Massief en met tent en rugzak daar wat rond te trekken. Hoe noemen ze dat ? Outdoor Addicts ? Plannen genoeg :-)  


Naar foto-album : Album Bornem