woensdag 11 november 2020

Rondje Belsele - Hamme / Oude Durme

Mooi weer ! In de wetenschap dat het aantal dagen die hiermee nog gezegend zullen worden eerder aan de magere kant zal zijn kon ik het niet laten om vlug vlug m'n rugzakske operationeel te maken. Dit met het oog op een toereke te maken ten dienste van de gemoedsrust. Nee, helemaal geen huzarenstuk ! Wat bokes smeren, toespijs, fleske water, wat koeken van de kleinkinderen meepikken, ze mogen weeral even niet meer komen, vandaar want aan oudbakken koekskes hebben die mannekes ook niets meer. Dus die gingen mee de 'ransel' in.  

M'n toerke lag al klaar : Belsele - Hamme in een vette lus van 23 paaltjes waarbij een lapdance met Waasmunster, Sombeke en Elversele, en dit los op de schoot een beetje voor het volume aan kilometertjes moesten zorgen. Het zou naar wens verlopen. Het wordt moeilijk om nog een origineel toerke te versieren  dat zich hier in het Land van Waas afspeelt. Ik, en ik niet alleen maar ook de stapmaten, hebben ondertussen al ongeveer half Vlaanderen, ik ga niet zeggen platgelopen, maar dan toch grotendeels onder de bottienen geplakt. De Ronny vertelde me al meermaals dat hij verbazing opwekte bij zijn Lieve wanneer er op TV beelden worden getoond van stukjes Vlaanderen. Bij wielerwedstrijden bvb. Daar en daar, en zie daar ... ik ben daar al geweest ! Niet te verwonderen eigenlijk. Om en bij de 250 posts aan 20 paaltjes, een klein rekensommetje leert me dat hier op onze Vlaamse wegen al om en bij de 5000 km werden afgebonjourd. Dat is noordwaarts voorbij de Noordpool, zuidwaarts ergens in Nigeria, oostwaarts Afghanistan en naar het westen zou ik in Canada Quebec terecht gekomen zijn. En tot m'n eigen verwondering lukt het me toch nog elke keer om  iets uit de mouwen te toveren. Ik verschiet er nog elke keer van. Belsele was 'The place to Start' vandaag. Van hieruit zou het in een grote omtrekbeweging richting Hamme gaan.



Ik was zinnens om vroeg te vertrekken maar een Covid-overlijden  in de Waalse aangetrouwde familie maakte dat het iets later werd vooraleer ik vertrok. Klote ! M'n echtgenote heeft veel verdriet bij dit overlijden, ik ook al zal je het niet merken. Fijne mensen die je ziet gaan, geen franjes, warm hart en oprecht. Triest maar dit hoort evengoed bij het leven.  Ik ga het nu al vermelden, 's avonds bij terugkeer hoorde ik dat er een 2de sterfgeval viel te betreuren in haar familie. Ook Covid, ik wil vooral vloeken nu ! Wat helpt het ? - dat ze nu in vrede rusten ! 

Het was na elven dat ik in Belsele van start ging. Van hieruit v
ertrekkende had ik 23 paaltjes bijeen geknutseld. Rekening houdend met het ontbreken van een kroegstop, ze zijn toch allemaal gesloten, viel dit best mee. Het werd dus nog maar eens een solotoerke. Dat went uiteraard ook maar soms is het toch veel plezanter met wat compagnie. En toch, soms heb je enkel nood aan jezelf als stapgenoot. Zulke solotrippekes op een wandeling waarmee je enkele uurtjes zoet bent, niet die kleintjes van rond de kerktoren welteverstaan, bieden je het ideale podium om tot zelfreflectie te komen.  Héwel, ik heb er vandaag mijn voordeel bij gedaan. Eventjes terug "remettre les horloges de ma vie". Mindtwisters, piekertoestanden over relaties, verhoudingen in familiekring, onzekerheden in je vriendenkring, je onmacht, je ergernissen ... laat het de revue maar passeren er komt tijdens je stappen wel perspectief. Belangrijk is, volgens mij althans en dat heb ik op de camino's geleerd, dat je bij zulke oefeningen niet vanuit het 'ik' moogt observeren. Zo wel, dan leg je onvermijdelijk de oplossing bij anderen en niet bij jezelf. Je moet even buiten jezelf treden, je een boom indenken waar je inklautert en waarna je vanop een hoogte heel intens naar jezelf kijkt. Je komt dan tot verbijsterende vaststellingen waarbij je jezelf ter orde kunt roepen. Heel leerrijk, maar goed we gaan nu een beetje de beentjes strekken. 

Eens m'n karreke gedeponeerd in de dorpskern van Belsele zat ik al vlug in de tuin van het kasteel van Belsele. Het trajectje dat ik had getekend zou pal door de wijnkelder van het kasteel lopen dus een correctie dringde zich na welgeteld 2 minuten al op. De toegangen tot het kasteel waren afgesloten maar die correctie bood me ter compensatie een verfrissende blik op de tuinen van het kasteeldomein. Een onbestemd stukje Belsele volgde nu tot aan de E17. Grotendeels door weide en bos waarbij je regelmatig de stuipen werd aangejaagd door overijverige mountainbikers. Zonder bel. Deze die-hards, je vraagt je soms af waarom, rijden zich de ziel uit het lijf. Met de bruine slijkstreep op hun kont en een smoelwerk te vergelijken met deze van een dokwerker na een dubbele shift cement in prise te hebben gelost, snorren ze je voorbij en dwingen ze je de brandnetels in . De geëpileerde beentjes wijd uiteen op de pedalen om hun bravoure te etaleren. Met die gekromde benen wordt de indruk gewekt dat je over XL-familiejuwelen moet beschikken om dergelijke fietsprestaties neer te kunnen zetten. Jan toch,  je wordt een onverbeterlijke zagevent ! Kruip nog maar eens in die boom ! 

Het stukje richting Beneden Durme verliep erg rustig. Hier zorgde het Edmond Verstraeten pad op het Sombeke wandelpad voor. Dit pad heb ik enkele kilometers gevolgd. Het liep voornamelijk tussen weiden met hier en daar een houten bruggetje om een beekje over te steken. Edmond Paul Marie Verstraeten werd geboren in Waasmunster op 16 februari 1870 en stierf op 16 september 1956, hij werd begraven in Sombeke. Edmond was schilder die het leven gaf aan meer dan 1.000 schilderijen. Hij is een van de grootste Belgische luministen en impressionisten. Dit ter info. Ik stapte nog wat verder. Na het oversteken van de Durme aan de Mirabrug kwam Hamme in zicht. Ik volgde de kaai tot aan het natuurgebied waar de Oude Durme van haar pensioen geniet. Sjiek hoor ! Ondanks de feestdag was er weinig volk op de been ! Het geeft me het vermoeden dat de Vlaming geen, of toch weinig  weet heeft van de vele prachtige wandelgebieden die Vlaanderen te bieden heeft. In de nieuwsuitzendingen worden beelden getoond van overvolle wandelgebieden. Mensen zoeken precies de drukte op. De toegenomen interesse in het wandelen ten gevolge van de coronaperikelen is een pluspunt. Een beetje promotie van ons natuurpatrimonium zou mogen want nu worden voornamelijk beelden uit gekende recreatieterreinen getoond. De immense waaier aan wandelgebieden die Vlaanderen biedt wordt nauwelijks in de kijker gezet. 

Op een bankje hield ik even rust voor een boke en een slok. Ik had hier een rustig en mooi uitzicht. Hier en daar een visser aan de oeverkant, een aalscholver in een verre boom, maretakken eveneens, waterkiekens die verschrikt hun schuilplaats induikelen, kalende bomen, een ros bladertapijt op de paadjes, een gesloten kroeg aan de oeverkant, een slok van den 'bidon' om het boke door te spoelen, doorgeschoten onkruid ... Edmond Verstraeten zou hier wellicht een mooi tafereeltje van hebben geschilderd. Het vervolg van de wandeling ging over paadjes die me erg bekend voorkwamen. Deze paadjes had ik al eens bewandeld. Ik stesselde Waasmunster binnen waarna het opnieuw richting E17 uitging. Het laatste stukje naar Belsele toe liep naast deze E17. Een echt modderpad geschapen door de vele mountainbikers die er passeren. Maar dat was nog zo erg niet. Die bottienen maken we wel terug proper maar ik kreeg verdomme ineens schele koppijn van het monotone lawaai op die snelweg naast me. Ik was blij er terug van weg te kunnen lopen. Nog een stukje bos en daar kwam Belsele al terug in zicht. Het kasteelpark was de laatste te nemen horde.  Ik was hierbij terug bij af. Een kleine 25 kilometer afgewalst. Voldaan jawel ! Het was weeral mooi geweest.

zondag 8 november 2020

Kallo Natuurwandeling


Erg groot is de keuze niet wat betreft vrijetijdsbesteding tijdens een lockdown. Maar een wandelingetje kan nog wel, het ontsnapt nog juist aan de viruscensuur. Het mooie weer in acht genomen zou een klein toerke in Kallo tot de mogelijkheden kunnen behoren. Op Routeyou nog vlug een trackje gepikt en weg ! Autoke aan de kerk daar gedropt en stappen maar ! Een klein parkje met een vijver diende als opwarmer. Kallo is niet groot wat betreft bewoonde oppervlakte en eens je de brug van de Melkader over bent beland je al in het natuurdomein de Lisdodde. 

Heel dit natuurterrein dat als een smalle repel aanleunt tegen de Melkader zag er maar verfomfaaid uit. Veel dood hout en ontwortelde bomen. Een beetje het decor voor een doodsprentje. De paadjes gaven er met al het opgeschoten onkruid ook al geen frisse indruk. Enkele kluppelpaadjes leiden naar het ernaast gelegen golfterrein van Kallo. Dat lag er wel iets mooier bij. Ondanks het coronaverbod dat geldt voor een georganiseerde outdoorsport konden enkele groepjes golfspelers er toch in alle rust tegen een balleke meppen. Waarschijnlijk werd er bij uitzondering een toelating verleend door het gemeentebestuur. Zo werd hiermee aan het verbod een mouw gepast. Geef nu toe : Staat de golfsport op de elitaire ladder niet enkele sporten hoger dan een wipschieting op de achterkoer van een boerencafé ? 

Na de Lisdodde liep het pad voorbij de voormalige zeemachtkazerne Fort St. Marie en zo verder naar het Groot Rietveld. Dit immens ruige natuurterrein ligt tussen de Kwarikweg en de vlakte van Zwijndrecht. Deze vlakte grenst aan de Schelde waar ze afgezoomd wordt door chemische bedrijven. Het zou een mooi gebied zijn ware het niet dat talrijke hoogspanningsmasten en een rookbrakende industrie als skyline, danig hun best doen om dit Groot Rietveld te ontsieren. Maar goed, een wandeling daar verkies ik toch boven een slentermars op de Meir. Aan de immense hopen paardenkeutels te oordelen moesten hier ook paarden rondlopen. Ik ben er 2 tegengekomen. Konikpaarden, ze zaten in de rui. Ze stonden op een paadje te grazen en trokken zich van mijn aanwezigheid en mijn passage niet al te veel aan. Gelukkig was het droog weer want ik vermoed een zompige bodem bij felle regenval.

Samen met de rietmoerassen aan de overkant van de Kwarikweg wordt er hier een 80ha groot natuurgebied gevormd. Het is de bedoeling dat dit immense gebied helemaal vol rietkragen zal groeien. Voor een bezoek aan het rietmoeras zelf moest ik dus de Kwarikweg oversteken. Een kleine klim bergop naar een berm van een meter of 15 hoog brengt je op een hoogte van waarop je het hele moeras kan overzien. Op deze berm wandel je zo het ganse moeras af langs de zijde van de Keetberglaan. Prachtig decor maar denk daarbij dan even de masten en fabrieksschouwen weg die het landschap domineren. Het nieuw aangeplante riet heeft hier veel te lijden gehad onder de foeragerende ganzen, dus voorlopig is er nog redelijk veel open water. Op sommige plaatsen, zoals o.a. aan de houten pontons zijn de rietkragen echter al mooi opgeschoten. In de plassen zelf groeien er ook rietkragen, maar dit is het riet dat vroeger in de grachten aan de randen van de akker- en weidenpercelen stond en nu terug is uitgegroeid. Al redelijk wat vogels vinden de bescheiden rietkragen erg aantrekkelijk. Er komt af en toe een bruine kiekendief over de rietkragen foerageren, de kleine karrekieten en rietgorzen vinden er eveneens hun gading en de meerkoeten, knobbelzwanen en eenden kunnen er in schuilen en broeden. Steltlopers zoals de grutto, de scholekster en de witgat komen in de ondiepe plassen hun kostje bij elkaar scharrelen. Deze info heb ik natuurlijk opgezocht want veel gevederde specimen ben daar ik niet tegengekomen. Ik denk dat ze vanwege lawaaihinder allemaal rustiger oorden hadden opgezocht.

Boven op die berm werd je geteisterd door een oorverdovend motorengebrul van racemotoren. Op de Steenlandlaan werden er straatraces gehouden. Leve de rust die de natuur je biedt 😊😊😊. Constant trokken die machines op met brullende motoren. Niet zelden op één wiel. Vanaf het rondpunt met de Keetberglaan vanwaar ze optrokken joegen ze hun motocyclette in het hoge toerental waarbij je dacht dat die steevast zou ontploffen. Op dat rondpunt had juist een idioot al rondjes rijdend in rodeostijl zijn patserkar aan frennen gereden. Al een geruime tijd hoorde ik het lawaai van gierende banden in de verte. Iets voor ik ter hoogte van het rondpunt kwam, nog steeds op de berm lopend, hoorde ik een klap en zag ik dat er een stofwolk opsteeg bij dat rondpunt. Dat moest er van zulke molekes komen ! Wat verder dan stond er een would-be Lewis Hamilton met zijn sjieke voiture tegen een betonnen vangrail. Show over, zijn schoon liedje was ineens uitgezongen. Ik kan me voorstellen dat die gast wel gevloekt zal hebben. Ik kon er echter geen greintje medelijden voor opbrengen. Hoe maf kan je zijn ? Een wandelaar die achter me liep belde naar de politie om het straatracen te melden. Ik weet niet of er gevolg aan gegeven werd. In alle geval ben ik dat lawaai van die racemachines nog tot in het dorp blijven horen. Misschien is het aangeraden om bij een volgende keer me van oorkleppen te voorzien. Zelfs tot aan de kerk waar mijn kar stond kon ik hen horen. Als dat zo elk weekend is wanneer er geschikt motorweer wordt voorspeld, dan beklaag ik de inwoners van Kallo. Dat staat gelijk aan terreur. Ik ben weeral maar eens aan het zagen dus ik sluit maar beter mijn wandelingetje af. Het was een klein toerke van 12 kilometer. Goed voor enkele uurtjes wandelfun. Meer moest dat vandaag niet zijn. Op die enkele minpuntjes na heb ik er toch plezier aan gehad. Een frisse neus heb ik gehaald en hopelijk, naar men in deze coronatijden moge beweren, werd tegelijkertijd de weerstand tegen de microben wat opgekrikt. We zullen het maar geloven zekers ? 

vrijdag 6 november 2020

Verrebroek en de NZ verbinding

Het voorspelde mooie weer leek me te uitnodigend om thuis te blijven zitten. Plannen waren er eerst niet maar uiteindelijk heb ik dan toch m'n rugzakske klaargemaakt en ben ik er op uit getrokken. De Ronny en de Catsjoe deelden precies dezelfde mening en rond 9u gingen we van start in Verrebroek. Met een op Routeyou gepikt en enigzins aangepast traceetje zouden we wel een dag in de Wase Polders kunnen vullen. Het zou tegen alle verwachting in een verrassing blijken. Mooi, ik ga er zeker nog terugkeren.


De ontwikkeling van het Wase havengebied daar in de regio heeft een zware impact gehad op de waterhuishouding en de beschikbare ruimte in de polders. De Vlaamse Milieumaatschappij zocht naar een remedie om deze impact op de natuur te milderen. De belangrijkste uitgangspunten hierbij waren : Het verbeteren van de waterhuishouding, het verhogen van de waterbergingscapaciteit en het herstellen en versterken van de natuur- en landschapswaarden. De herinrichting van de Noord - Zuidverbinding tussen Verrebroek en Kieldrecht, tot voor de werken een 4km lange paternoster van verschillende kreekjes en verwaarloosde beken, bood hierbij een oplossing. Ik was me er helemaal niet van bewust dat dit gebied op m'n wandelroute lag. En daar heb ik op het moment zelve helemaal geen spijt van gehad. Een mooie brochure over dit natuurgebied en hoe dit verwezenlijkt werd vind je hier : Noord - Zuid verbinding Polders.  

Bij het begin van onze jaartelling had de zee vrij spel en beukte de watermassa ongebreideld in op het schorrenland. De Wester- en de Oosterschelde bestonden toen nog niet als estuarium en boden geen bescherming aan het achterland. Tijdens opeenvolgende overstromingen die zich voordeden in de periode van de 9de tot de 12de eeuw stroomde de zee herhaaldelijk landinwaarts. Het watergeweld sneed doorheen de bodem en liet geulen van variërende diepte en breedte achter. Doordat zout en zoet water de kreken vulden, ontstond een brakke situatie die een geheel eigen flora en fauna opleverde. 

Nu, na afloop van de restauratie, oogt het geheel als een prachtig wandel- en natuurgebied. Het verraste ons enigszins want we hadden eerder een wat platte wandeling verwacht. Bij de start viel dit dus al erg goed mee. Met een stralend zonnetje en geen wind werd het nog beter. De stoompluim in de verte, komende uit de kerncentrale van Doel, getuigde hiervan. Ze steeg loodrecht naar de hemel.  Enig minpuntje was op de verre achtergrond het verkeerslawaai van de expressweg. Toch viel daar  best mee te leven. Ook wat jammer was dat er in de kreken daar blauwalg werd vastgesteld. Giftig en zeer schadelijk voor mens en dier. Er gold een verbod op recreatie. Dus geen pootjebaden, waterspelen of zwemmen.  Daar was het uiteraard ook een beetje te fris voor. Het was dus opletten geblazen dat de Catsjoe er niet zou gaan drinken.  Zoiets durft deze bejaarde viervoetster al wel eens doen. 

Het traditionele "kommeke koffie" bij de aanvang van de trip moesten we al ontberen zodat een aperitiefje dit gemis enigszins moest goedmaken. Gezeten op een betonnen overspanning aan een beekje lieten we het frisse pintje ons smaken. Gegarneerd met wat gerookte en gepeperde zalmforel en nog een sauciske moest dit ons leven in dit aardse tranendal weer wat draaglijker maken. Ik overdrijf maar al die corona-ellende zet toch de domper op de levensvreugde van vele stervelingen. Een aperitiefje als onderdeel van een stevig wandelingetje  heeft hierbij dus eventjes wonderen verricht.  Wat mij betreft was de wandeling, die trouwens bijlange nog niet ten einde was, al geslaagd. Gezeten daar aan dat beekje .... pure meditatie als je het me moest vragen😋😋😋 !!! 

Nu ging het richting de Koningsdijk uit. Deze dijk ligt pal op de grens met Nederland. Al wandelend over die dijk zie je duidelijk het verschil tussen gesloten landschap in België en het open in Nederland.  Gezeten op een bankje voor ons schof leerden we er de historie van dit grensgebied. Een informatiepaneel vertelde me dat om de stormvloeden te keren men vanaf de 13de eeuw in verschillende fasen overging tot de inpoldering van de overstromingsgebieden. De kreken werden in een uitgebreid slotenstelsel ingeschakeld en hielpen mee de polders te ontwateren. De laatste fase van de Vlaamse inpoldering werd in de 17de eeuw ingezet. Ze diende de gebieden te herbedijken die om militair strategische redenen tijdens de Tachtigjarige Oorlog onder water waren gezet om Antwerpen te verdedigen. Het herstel van de doorgestoken en inmiddels zwaar gehavende dijken was geen eenvoudige klus. Er werden tal van nieuwe dijken opgeworpen terwijl van de oude dijken enkel nog de naamgeving overbleef. Weeral een leerrijk moment. Met het ouder worden vergaart men kennis wat heel goed is maar desondanks dit sterft men  in onwetendheid. Ik denk dat het den Dalaï Lama was die dit al filosoferend uit zijn botten sloeg.  

Het verdere verloop van onze wandelingen speelde zich af tussen uitgestrekte velden, smalle paadjes naast en op de dijken. Knap, hier en daar een tractor die het veld omploegde en daarmee een buffet opdiende voor honderden meeuwen op zoek naar pieren en wormen. Steevast de stoompluim van Doel op de achtergrond in een schitterend blauwe lucht. Het stappen ging vanzelf. Af en toe kreeg ik wel eens een stomp van de Ronny die me aan de afstandsregel diende te herinneren. Ja, die verlies je soms ongewild uit het oog. Aan een hoeve werd er take-away crème-glace verkocht. Het verwonderde me dat er mensen hadden plaatsgenomen aan het terras en dat er klein mannen in de speeltuin speelden. Dit was helemaal niet afgesloten gemaakt voor de kalandizie. Toegelaten of niet ? Geen idee, eerder niet zou ik denken maar ik laat het in het midden. Veel volk was er alleszins niet. De Ronny trakteerde met een bakje koffie en een 'kremmeke' zoals ze dat hier in het Waasland zeggen. Een mooi alternatief was dit voor een tripel 'Sinpalske', het brouwsel van de streek. Het had gesmaakt en we stapten verder. 
De trip zat er bijna op. 5 uur en je zag dat de avond al viel. Al vlug waren we aan ons eindpunt waar we van elkaar afscheid namen. Een mooie dag werd het die ze ons niet meer kunnen afnemen. In het huiswaarts rijden kleurde er juist boven de kim een avondzonnetje diep oranje. Enkele hoge wolkjes kleurden in Laura's laatste stralen lichtroze en paars. Sjiek panorama, een stralende dag kon ingepakt worden. Bovendien die mooie avondkleuren voorspelden voor de volgende dag opnieuw het mooie weer. Wat een luxe toch ! 



zaterdag 31 oktober 2020

Stekene - bij de messenvechters

Het mooiere voorspelde weer voor zaterdag deed me in extremis besluiten om er nog even op uit te trekken. Niet te ver, openbaar vervoer te vermijden dus moest er iets in de geburen gezocht worden. Ik gokte op Stekene, een dorp van 18.000 zielen in het Waasland. Van daaruit had ik graag de zuidelijke contreien gaan verkennen. Geen slechte keus zo bleek achteraf en tevens sloot deze toer perfect aan met de vorige solo-wandelingetjes daar in deze regio van het Waasland. 


Stekene, vele jaren terug .... na een week zwaar labeur op het veld, in het steengelaag of in de fabriek  ... : Moê ! M'n pree en me mes.  Wekelijks moesten de moeders de bede hunner schare zonen aanhoren wanneer dezen een stapje in de wereld wilden zetten. Als je aan een Stekenaar vraagt naar hun spotnaam is er maar één antwoord en dat luidt op zijn plat Stekens : "Messevechter".  In de prachtige blog van Tony De Ruysscher (†2018) doet hij het volgende verhaal : "Ik heb mijn vader altijd horen vertellen (in 1914 geboren) hoe hij als Kemzekenaar, nu deelgemeente van Stekene, de messenvechters moest ontlopen om te komen vrijen in Stekene met mijn moeder". Gelukkig behoort dit messengetrek nu tot de volksfolklore en kan je daar in Stekene redelijk veilig rondlopen. Het messentrekkersverhaal kent jammer genoeg nu haar vervolg in andere culturen en weliswaar met heel andere motieven. Maar ik wil daar niet over uitwijden.

Rond een uur of 11 liet ik m'n karretje achter in de kerkstraat, een zijstraat aan de indrukwekkende gotische kruiskerk in het dorpscentrum van Stekene. Neen niet gewapend met een mes maar met een mondkapje vanwege dat mottige coronavirus. Er was nog een markt aan de gang waardoor er wel flink wat volk op de been was. Stekene heeft een mooi dorpscentrum. Het verraste me enigszins. Het was jaaaaren geleden dat ik er nog eens geweest was en toen had ik daar helemaal geen oog voor. Het in neo-gotische stijl opgetrokken gemeentehuis is daar een mooie eyecatcher zoals ook de neogotische dorpspomp uit 1873 dat is. Er moet eveneens een schandpaal staan daar op het dorpsplein maar die is me ontgaan. 

Ik ging richting Stekense Vaart uit. Met een strakke wind op kop trok ik mezelf in gang voor 25 paaltjes. Het werden er uiteindelijk een kleine 20 omdat her en der de wandelpaadjes werden aangeslagen door de boeren en ik daardoor alternatieven moest vinden. Maar goed, onderweg naar die vaart liep ik voorbij het Zomerhuis. Jongelui onder het toezicht van sportmonitoren waren er volop aan het sporten. Op het terrein zelf hielden de jongelui zich netjes aan het dragen van het mondkapje. Eens buiten het sportterrein was het bij die jonge gasten even andere koek. Dat ga ik hier niet uit de doeken doen maar je kan het wel raden zeker ? 

Daar kwam de Stekense vaart in zicht zie ! Aan een bruggetje had een eenzame visser er in het gezelschap van een gans een lijntje uitgegooid. Mooi tafereeltje om zien.  Ik wandelde terug van die vaart weg om er later onverwachts en helemaal niet gepland er terug op te belanden. Op dat stukje wandelde ik door een gebied dat me deed denken aan de favella's in Juiz de Fora in Brazilië. Althans toch aan de populatie van volk dat daar resideert. Wat misschien eerst moest dienen als weekendhuisje verwerd door de jaren heen een heuse domicilie. Zelfbedruipend met generatoren, mazouttanks en houtstapels voor de stook houden de bewoners er zich in leven.  Golfplaten, verroest traliewerk, prikkeldraad en gescheurd zeildoek voeren kwa bouwstijl naast afgebladderde verf en stuntelig metselwerk zowat de boventoon. Koterijen zijn het met steevast een modderige voortuin alias junkyard waar er waakzaam toezicht gehouden wordt door razende honden, zijnde verbasterdeerde kruisingen die je zelfs in je stoutste dromen niet wil tegenkomen. Ik had spijt dat ik m'n 'dazer' niet bijhad. Zo een kaske waarmee je ultrasoon geluid fabriceert die de honden wegjaagt. Tja, 1 keer op 3 heb je daar succes mee. Zo niet is het ofwel dat ze niet reageren, ofwel nog veel kwaaier worden. 


Ik belandde terug aan die Stekense vaart. Dit bezoekje was helemaal niet vooruit gepland. Het toertje was uit de losse mouw geschud en wat bleek ? Bingo ! Deze vaart is een natuurpareltje van jewelste. Deze Stekense Vaart of ook het Kanaal van Stekene genoemd is een kleine 5km lang. Het werd gegraven in het noorden van de provincie Oost-Vlaanderen en verbindt de Moervaart met Stekene. In het verleden liep het kanaal door tot in Hulst en had het een belangrijke economische functie. Langs beide oevers omringd door stiltegebieden vormt de Stekense Vaart thans het decor voor zachte recreatie. En daar wil ik van getuigen. Aan de ene kant van de vaart een grindpad, de andere kant ligt er een aardewegel naast de vaart. Prachtig stukje wandelgebied dat even het volmaakte panorama bood voor een herfstdecor. Tanend groen aan bomen en struiken, een rimpelloze wateroppervlakte waarop de stervende afgewaaide bladeren verkleuren en vervolgens dood naar de bodem zinken. Weinig tot geen volk te bespeuren, noch wandelaars, noch fietsers. Misschien was dit wel te wijten aan de nog in extremis uit te voeren boodschappen in aanloop naar de nakende lockdown. Nog wat hamsteren was waarschijnlijk de boodschap   ! 

Nog steeds was er die frisse strakke NO-wind die het uitwaaigevoel aanscherpte. Zo een frisse kop krijgen was deugddoend en met dat gevoel was ik aan mijn laatste kilometers toegekomen. Die zouden me naar het oude steengelaag brengen. In symbiose met de Stekense vaart ontstond er in de regio ook de ontplooiïng van de tegelnijverheid. De vaart speelde tevens een belangrijke rol bij het vervoer van turf uit de veenmoerassen ten oosten van Hulst en later vlas en dus ook de producten die door de talrijke Stekense tichelbakkerijen in de buurt van het Steengelaag vervaardigd werden. Vanaf de 15e eeuw werden miljoenen tegels, dakpannen en bakstenen vervoerd door schuiten die door paarden en zelfs mensen langs het jaagpad werden getrokken. Allez hop, er plakt weeral wat geschiedenis onder m'n bottienen. Goed, daar stond ik dus aan het steengelaag. Dit gebied wordt nu beheerd door Natuurpunt. Meer dan honderd jaar drukte de mens zijn stempel op dit landschap, maar nu is het teruggegeven aan de natuur. Het gebied is 31 ha groot en bestaat uit kleiputten, jong elzenbos, een oudere populierenaanplanting met heel wat dood hout, een grote vijver en een bloemrijk hooilandje. Die grote variatie oogt voor de wandelaar erg aantrekkelijk. Deze schakering in landschappen staat borg voor een grote natuurrijkdom. Doorheen het gebied loopt een wandelpad van ongeveer 2km lengte, aan de achterzijde van de grote vijver is er een vogelkijkwand.Ik had er een kleine wandeling in uitgestippeld maar ik kreeg de indruk dat de paden wat overwoekerd waren. Ik vond er enkele niet terug. Een glimp van een beverdam heb ik tussen het gebladerte door wel kunnen opvangen. Er waren trouwens mensen met bosmaaiers bezig om de paden te ruimen. Ik moest me beperken tot het pad dat rond het natuurgebied liep. En hiermee liep m'n toerke dan ook ten einde. Ik was zo terug in het dorpscentrum aanbeland. Prachtig wandelingetje, het was goed geweest !